woensdag 5 maart 2014

De Gemeenteraadsverkiezingen 2014; de Ontwikkeling van de SP als lokale Partij; 'Slakkengang naar de macht'


SP 2014 'Slakkengang naar de macht'

De SP wil lokaal bewijzen dat de partij kan besturen. De SP-top is streng: de partij doet mee in maar 118 gemeenten. En wie niet genoeg actie voert, valt af.

NRC.nl
- Door onze redacteur Thijs Niemantsverdriet | pagina 22 - 23
Nog steeds kan Gerrie Elfrink er met veel goesting over vertellen: de beteuterde gezichten van de lokale PvdA’ers toen hij het nieuws kwam brengen. „De één zakte weg in zijn stoel, de ander werd juist heel erg pissig.” Vier jaar geleden zorgde Elfrink, SP-leider in Arnhem, voor een kleine sensatie op het stadhuis. Hij vormde een college met VVD, GroenLinks en D66. De PvdA, die een halve eeuw de lakens had uitgedeeld in de stad, verdween in de oppositie. „Ze hadden geprobeerd de onderhandelingen naar hun hand te zetten met een aandoenlijk soort amateurmachiavellisme. De VVD en wij wilden daar niet aan meewerken.”
Vandaag houdt SP zijn congres voor de gemeenteraadsverkiezingen. In slechts 17 van de 109 plaatsen waar de SP vier jaar geleden meedeed, kwam de partij in het college. In vijf steden – waaronder Boxmeer, de woonplaats van partijleider Emile Roemer – stapten de SP-wethouders tussentijds op vanwege een bestuurscrisis of een implosie van de lokale afdeling.
Waar de SP wél volhield, valt een aantal zaken op. De partij werkt vaak samen met de VVD – op landelijk niveau de grote ideologische tegenstander. Meestal komt dat omdat de SP de PvdA uit het college heeft gewipt, zoals in Arnhem. Bijna overal hebben de SP-wethouders ‘softe’ portefeuilles als welzijn, jeugdbeleid en sociale zaken. En ze willen stuk voor stuk laten zien dat ze niet louter een partij van neezeggers zijn. „Het beeld van: SP’ers staan alleen maar langs de kant, dat willen we ontzettend graag ontkrachten”, zegt partijsecretaris Hans van Heijningen.
Armoedelijstjes
In Arnhem is dat aardig gelukt, vindt Gerrie Elfrink. „We zijn erin geslaagd de stad zijn sociale gezicht te laten behouden. De afgelopen vier jaar is Arnhem op de landelijke armoedelijstjes gedaald.” Een ander punt waar hij als wethouder volkshuisvesting en vastgoed trots op is: de Rijnboog. Het vorige stadsbestuur wilde in het gebied tussen het station en de rivier een „megalomane” plezierhaven aanleggen met appartementen, kantoren en winkels. Elfrink zette daar een streep door en ontwikkelde een kleinschaliger plan dat minder geld kost. „Als het oorspronkelijke ontwerp was doorgegaan, hadden we nu tot onze nek in de vastgoedschulden gezeten.”
Maar Elfrink moest ook zijn verlies nemen op een aantal dossiers. Besturen betekent compromissen sluiten – iets wat de SP-fractie in de Tweede Kamer heel moeilijk vindt.. Zo ging de bouw van het geldverslindende, futuristische nieuwe stationsgebouw gewoon door. De SP-wethouder moest ook accepteren dat de gemeentelijke vuilnismannen bij een nieuwe aanbestedingsronde geen baangarantie kregen – wat tot spanning leidde met de landelijke partijtop. Overigens legt Elfrink de schuld hiervoor bij zijn fractie: „Ze stelden zich te veel als een bestuurspartij op, terwijl ze ook een vertegenwoordigende functie hebben.”
Andere partijen in de gemeenteraad, de PvdA voorop, hebben kritiek op de SP. Ze vinden dat de SP is meegegaan met de liberale koers van de VVD en nauwelijks zichtbaar is geweest op straat. Elfrink weerspreekt dat : „Wethouder zijn is ook een vorm van actievoeren. Ze noemen me nog steeds een straatvechter. Buiten hoef ik geen rood hesje te dragen, want de mensen hier weten dat ik van de SP ben.”
Verbod
Op lokaal niveau is de SP bezig met een ‘lange mars’, zegt de partij graag. Stapje voor stapje wordt het aantal gemeenten uitgebreid waar de SP meedoet aan verkiezingen. Dat gebeurt onder strakke regie: het landelijke bestuur, en niemand anders, beschikt of afdelingen klaar zijn voor deelname. Een tweekoppige visitatiecommissie bezoekt alle gemeenten en velt een oordeel. Onderling gedoe? Niet genoeg op straat geweest? Helaas pindakaas: geen SP in de raad.
Het gevolg is dat de SP dit jaar nog steeds maar op 118 plaatsen meedoet – iets meer dan een kwart van de gemeenten. In 21 plaatsen staat de partij voor het eerst op het stembiljet, waaronder Dordrecht, Meppel en Heerhugowaard. Maar in 13 gemeenten kreeg de lokale afdeling een verbod om zich aan te melden.
Zoals in Terneuzen. Vier jaar geleden kwam SP’er Fons van Limpt daar voor het eerst in de raad, met een tweemansfractie. Hij stak er „een hoop tijd en geld” in. Maar afgelopen najaar kwam het bericht dat hij bij de komende verkiezingen niet mee mocht doen. „We waren te weinig zichtbaar, was de boodschap”, vertelt Van Limpt. „Ze vonden dat we meer hadden moeten doen voor het behoud van de lokale pinautomaat. En krachtiger actie moeten ondernemen tegen giftreinen .”
Na de tijding van het partijbureau zette hij zijn afdrachtregeling stop – SP-vertegenwoordigers schenken verplicht de helft tot driekwart van hun inkomsten aan de partij – en begon voor zichzelf. Op 19 maart is hij lijsttrekker voor de partij Ouderen Politiek Actief in Zeeland (OPAZ). In de SP heeft Van Limpt geen fiducie meer: „De lokale afdelingen dienen alleen als klapvee op partijcongressen.”
Het moet gezegd: deze raadsperiode was er minder gedonder bij lokale SP-afdelingen dan in de vier jaar ervoor. Toen stapte een groot aantal wethouders, raadsleden en lokale bestuurders op na onderlinge twisten of een aanvaring met de landelijke partij. De harde lijn van het partijbestuur lijkt zich uit te betalen – al had de SP de afgelopen vier jaar ook gewoon een stuk minder raadszetels.
Maar de vraag is: begint de ‘lange mars’ niet té lang te duren? In de landelijke politiek laat een echte electorale doorbraak voor de SP al sinds 2006 op zich wachten, ondanks een reeks impopulaire bezuinigingskabinetten. Volgens partijsecretaris Hans van Heijningen zijn de raadsverkiezingen „vooral een populariteitsquiz voor landelijke partijen”. Dus zal Emile Roemer op 19 maart moeten bewijzen dat hij de échte oppositieleider is.
Op aantallen raadszetels wil Van Heijningen zich niet vastleggen, maar hij gaat uit van winst. Hoog op het verlanglijstje staat een doorbraak in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, waar de partij het traditioneel aflegt tegen de PvdA. Van Heijningen: „Daar willen we een grote klapper maken”.
In Arnhem is Gerrie Elfrink lijsttrekker. De SP-wethouder verwacht dat zijn partij groter wordt dan de PvdA – wat vier jaar geleden op 63 stemmen na niet lukte. „De PvdA probeert ons nu links in te halen. Een beter bewijs van onze invloed is er niet.”


Een tweede verhaal over de SP, redelijk vergelijkbaar - maar toch wat 'gekleurder' in Trouw:



SP, in de wacht voor de macht
NICOLE BESSELINK − 22/02/14, 00:00
De Socialistische Partij houdt vandaag haar partijcongres. Ze zit twintig jaar in de Tweede Kamer, maar al die tijd buiten de macht. Voor de SP ontbreekt kabinetsdeelname nog steeds op het cv. Waarom lukt het in Den Haag niet?
Driftig tikt SP-Kamerlid Jasper van Dijk (42) met een pen op zijn prikbord vol witte A4'tjes. Allemaal moties van zijn hand die het hebben gehaald. Eentje die de medezeggenschap op scholen moet vergroten. Een ander die vastlegt dat de JSF geen kernwapens mag dragen. Weer een ander die het kabinet opdraagt belastingontwijking te onderzoeken. "Kijk", zegt Van Dijk, die na al dat enthousiaste getik zijn pen van de grond moet rapen, "voor al die punten heb ik mijn ziel niet hoeven verkopen. Daarvoor hoef ik niet in een gedoogcoalitie te zitten."

Ook andere SP'ers geven zonder moeite aan waar zij vanuit de oppositiebankjes van de Tweede Kamer hun voldoening uithalen - een plek waar de SP dit jaar twintig jaar zit. Neem de aandacht voor de gezondheidszorg, de versterkte positie van werknemers en het veranderende politieke discours over Europa, zegt Harry van Bommel (51). En zie hoe het kabinet nu werk maakt van het SP-plan om financieel wanbeleid strafbaar te stellen, zegt Jan de Wit (68) trots, die net als Van Bommel al bijna zestien jaar Kamerlid is.

Ze zijn tevreden over wat ze bereiken als grootste oppositiepartij, maar toch is de koers van de socialisten gericht op iets anders: kabinetsdeelname. "Dat staat bovenaan ons verlanglijstje", zegt Van Dijk. "Elke serieuze politieke partij moet regeringsdeelname nastreven. We zitten niet twintig jaar in de Kamer om alleen maar van de zijlijn te roepen dat iets niet deugt en het anders moet." Dat beaamt De Wit. "Regeringsdeelname is heel belangrijk. In een kabinet kun je wat veranderen." Van daaruit kun je makkelijker zaken regelen, zegt Kamerlid Sharon Gesthuizen (38). "Iedere dag denk ik: hè, zaten we maar in de regering."

Oud zeer
Twee keer kon de partij flink ruiken aan de macht. De eerste keer was in 2006, toen de partij van 9 naar 25 zetels schoot en na CDA en PvdA de grootste werd. Een coalitie met de SP erbij leek reëel, maar het liep anders. Voor de camera's dronken toenmalig partijleider Jan Marijnissen, Wouter Bos (PvdA) en Femke Halsema (GroenLinks) nog een kop koffie. Daarna koos Bos voor een kabinet met CDA en ChristenUnie. Oud zeer dat menig SP'er nog steeds oprakelt, met als uitleg dat de PvdA geen partij links van haar wil uit angst dat het eigen profiel verbleekt.

Een tweede serieuze kans leek zich twee jaar geleden voor te doen. Het eerste kabinet-Rutte met gedoogsteun van de PVV was na ruzie in het Catshuis in het voorjaar gevallen en sindsdien voerde de SP maandenlang de peilingen aan. Met virtuele zetelaantallen tot ver in de dertig konden de speculaties over 'premier Roemer' beginnen. Kamerlid Van Dijk werd in de wandelgangen al met een knipoog als minister Van Dijk aangesproken.

Maar met de finish in zicht ging het mis. De nieuwe PvdA-leider Diederik Samsom wist na een make-over te overtuigen en VVD-leider Mark Rutte debatteerde feller dan Roemer zich verweren kon. In de peilingen gleed de SP een steile helling af, om in september net als bij de vorige verkiezingen 15 Kamerzetels te halen. Met de VVD en PvdA als winnaars ging de deur naar de onderhandelingstafel snel dicht.

"Zag je die valpartij?", vraagt Gesthuizen ineens terwijl ze over die tijd vertelt. Op tv gaan een Amerikaanse en Koreaanse shorttracker onderuit op het ijs. Ze beuken in Sotsji hard tegen de boarding. "Zo voelden de afgelopen Tweede Kamerverkiezingen voor ons. We gingen voor een plek op het podium, maar we belandden net niet bij de beste drie. Iedereen was heel teleurgesteld en terneergeslagen. Ik moest tot het kerstreces bijkomen." De uitslag was slikken, zegt Van Dijk. "We liepen in aanloop naar de verkiezingen met ons hoofd in de wolken. Als in: kassa! Dat viel tegen."

De domper was groot, want de socialisten dachten nu eindelijk helemaal klaar te zijn voor een plek in het kabinet. Ze hadden zich sinds de jaren zeventig ontwikkeld van een stel losse actievoerders die zich lokaal inzetten voor bibliotheken, havenarbeiders, stoplichten en mijnwerkers tot een landelijke partij, vanaf 1994 vertegenwoordigd in het parlement. Aanvankelijk om daar vanuit de oppositie een geluid tegen het door hen zo verfoeide neoliberalisme te laten horen, gaandeweg met de ambitie om vanuit de coalitie de eigen idealen te verwezenlijken.

"Ik denk dat we een dermate sterke jeugd hebben gehad dat we er klaar voor zijn", zei partijvoorzitter Jan Marijnissen in aanloop naar de verkiezingen van 2012 in het partijblad. Na gekleuter en gepuber was de SP in zijn ogen een adolescente partij die door regeringsdeelname de sprong naar volwassenheid zou kunnen maken. In 2006, toen de SP 25 Kamerzetels behaalde, zou de stap naar het kabinet voor velen nog een verrassing zijn geweest. In 2012 lag het 'voor de hand', aldus Marijnissen.

Drempelvrees
Toch is het landelijk nog steeds niet gelukt, terwijl de SP in gemeenten en provincies al jaren met succes mee bestuurt. Hoe kan dat? "Er moet een getalsmatige noodzaak bestaan om de SP mee te laten doen", zegt Johan van den Hout (48), sinds 2011 gedeputeerde in Noord-Brabant en daarvoor wethouder in Tilburg. "We moeten nodig zijn. Dat gebeurt in Brabant lokaal en provinciaal vaker, omdat de SP hier goed scoort." Wethouder Jannie Visscher beaamt dat. Toen de SP in 2006 in Groningen de tweede partij werd, kregen de socialisten al snel een uitnodiging van de PvdA om - met succes - te praten over een plek in het college.

Ook speelt mee dat gemeenten en provincies andere thema's behandelen dan de landelijke politiek, stelt Van den Hout, en dat schept meer mogelijkheden. "Hier hebben we het niet over inkomensverdeling, defensie en buitenlandse zaken. Daar profileren partijen in Den Haag zich scherper op. Daarom ga je landelijk nooit meemaken dat CDA en VVD samen met de SP besturen. Maar dat gebeurt in Brabant nu wel. Op ruimtelijke items, zoals landbouw, vinden we elkaar."

Eenmaal in het zadel blijken politieke partijen en ondernemers bij te draaien, is Van den Houts ervaring. Vooroordelen dat de SP tegen alles is wat met economie te maken heeft of niet met geld kan omgaan, verdwijnen gaandeweg. Na een jaar hoorde de gedeputeerde vaak teksten als: 'Het valt allemaal wel mee met die partij. Ze zijn niet zo eng als ze er van de buitenkant uitzien.' "Partijen moeten kennelijk een drempel over om met een nieuwe partij te regeren."

Haagse mores
Die drempel probeert de SP in Den Haag wel te verlagen. Zo laat de SP sinds een jaar of tien haar tegenbegrotingen doorrekenen door het Centraal Planbureau, want ze wil niet meer de tegenpartij zijn, maar de partij van het solidaire alternatief. Ook schuift de SP ondanks de mist die er omheen hangt sinds 2009 aan bij de 'commissie-stiekem', waarin fractievoorzitters vertrouwelijk worden geïnformeerd over het werk van de inlichtingendiensten. En krijgen Kamerleden tijd om als commissievoorzitter op te treden of een parlementaire enquête te leiden, zoals Jan de Wit deed in 2010 bij het onderzoek naar het bankenbeleid na de kredietcrisis. "De SP is wat salonfähiger geworden", vat Van den Hout het samen.

Waarom het dan toch nog niet lukt? Binnen de partij wordt op de ongrijpbare gunfactor gewezen, de terughoudendheid van de PvdA om met hen samen te werken en het radicale imago dat de partij voor een groep nog altijd heeft. Van buiten komt ook de kritiek dat de socialisten met hun soms eigenwijze bokkesprongen afstand bewaren tot de bestaande bestuurspartijen. Dat het om voormalige communisten gaat, helpt daarbij ook niet echt. De SP blijft de SP, een partij met klare taal, actievoerend binnen en buiten het parlement en soms wars van de Haagse mores.

Zo steunde de partij tijdens de laatste Algemene Beschouwingen nog vóór het debat goed en wel was begonnen een motie van wantrouwen van de PVV tegen het kabinet. Chiquer is het om eerst argumenten uit te wisselen. Vervolgens schoof de partij in het najaar niet eens aan bij de begrotingsonderhandelingen tussen coalitie en oppositie, want zij wil niet 'medeplichtig' gemaakt worden aan beleid waar ze domweg niet achter staat. Behalve de PVV gingen alle andere partijen wel praten.

"De SP moet de verkiezingen winnen", luidt de algemene boodschap van gedeputeerde Van den Hout. Dan kan niemand meer om de partij heen. Is de koudwatervrees bij andere partijen overwonnen, dan zullen ze zien dat de SP meevalt. "Onze handtekening is wel echt iets waard. We zijn in Brabant de kleinste fractie en hebben heus moeten inleveren. We hebben ingestemd met de aanleg van nieuwe wegen, terwijl we daar jaren oppositie tegen hebben gevoerd." En samenwerken met ons gaat ook echt prima, benadrukt de Groningse wethouder Visscher, inmiddels bijna klaar haar tweede termijn in een college met PvdA, D66, CDA en VVD. "Zo lang we maar samenwerken op basis van een programma dat bijdraagt aan de solidariteit in de samenleving."

'Iedere dag denk ik: hè, zaten we maar in de regering'

In 2012 werd in Den Haag nog gespeculeerd over 'premier Roemer', maar de SP-fractievoorzitter staat nog altijd buiten spel.

SP: Van Mao naar Roemer

Op een zondag in 1972 wordt de Socialistiese Partij opgericht. Ontstaan uit allerlei communistische, marxistisch-lenistische en maoïstische groeperingen is de partij de eerste jaren vooral lokaal bezig met acties voor havenarbeiders, mijnwerkers, gezondheidszorg en milieu. De partij distantieert zich van het maoïsme als de gruwelverhalen uit China tot haar doordringen en kiest voor een eigen vorm van socialisme. In 1974 komt de SP met een paar zetels in de gemeenteraad van Nijmegen en Oss. In 1977 doet de SP voor het eerst mee aan Tweede Kamerverkiezingen. Pas in 1994, met de slogan 'Stem tegen, stem SP', lukt het om twee zetels in de Kamer te veroveren. Jan Marijnissen en Remi Poppe worden de eerste SP-Kamerleden. Een jaar later volgen plekken in de provincie en senaat. Bij de daaropvolgende Tweede Kamerverkiezingen groeit de SP naar 5 (1998), 9 (in 2002 en 2003), 25 (in 2006) en terug naar 15 (in 2010 en 2012). In 2008 vertrekt partijleider Jan Marijnissen, die nog wel partijvoorzitter is. Agnes Kant volgt hem op. Na de tegenvallende uitslagen bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2010 neemt de Brabantse oud-onderwijzer Emile Roemer het stokje over.


Een beetje eufemistisch vind ik toch wel "Rutte debatteerde feller dan Roemer aankon"; dat is ' Trouw's ' voor "Rutte loog alsof het gedrukt stond, en Roemer had was daar niet op voorbereid."

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen