Het goddelijke perspectief van Silicon Valley
Op maat gemaakt ongeluk
Er zijn tien argumenten om nu, meteen, uw sociale-media-accounts
te verwijderen. Informaticus Jaron Lanier beschrijft ze in zijn
nieuwe boek. In deze voorpublicatie leest u er twee.
Jaron Lanier
Cartoons: Milo
Groene Amsterdammer, 1 augustus 2018 – verschenen in nr.
31
Argument zes: sociale media gaan ten koste van je empathisch
vermogen
Onderdeel c van Bummer – content door je strot
geduwd krijgen – betekent dat algoritmen bepalen wat je te zien
krijgt. Dat betekent dat je niet weet wat andere mensen zien, omdat
onderdeel c andere resultaten voor hen berekent. Je weet niet hoezeer
de kijk op de wereld van andere mensen is bevooroordeeld en gevormd
door Bummer. Gepersonaliseerde zoekresultaten, feeds, streams
enzovoort liggen aan de basis van dit probleem.
Stel je voor dat een gedragspsycholoog uit voorbije tijden een rij
honden in kooien in een lab zette en dat elke hond iets lekkers of
een elektrische schok kreeg, afhankelijk van wat hij zojuist had
gedaan. Het experiment zou alleen werken als elke hond stimuli kreeg
die gerelateerd waren aan het specifieke gedrag van die hond. Als de
draden werden verward en de honden elkaars stimuli kregen, zou het
experiment niet langer functioneren. Hetzelfde geldt voor mensen in
een Bummer-platform. De gevolgen zijn voor mensen echter nog groter
dan voor honden, omdat mensen niet in afzonderlijke kooien zitten en
daarom in hoge mate afhankelijk zijn van sociale perceptie.
Dit betekent dat we naar elkaars reacties kijken om te weten wat
we moeten doen. Als iedereen in je omgeving ergens nerveus over is,
zul jij ook nerveus worden, omdat er wel iets aan de hand moet zijn.
Als iedereen ontspannen is, ben je geneigd zelf ook te ontspannen.
Een bekende grap die we uithaalden toen ik klein was, was ergens
naartoe gaan waar andere mensen waren en dan gewoon naar de lucht
gaan staan kijken. Al snel keek iedereen naar de lucht, ook al was er
niets te zien.
Maar als we allemaal verschillende privéwerelden zien, verliezen
onze hints aan elkaar aan betekenis. Onze perceptie van de
werkelijkheid achter het Bummer-platform lijdt daaronder. Er zijn
veel recente voorbeelden, zoals die keer dat iemand een schot loste
in een pizzeria vanwege het overspannen online idee dat er vanuit de
kelder kindermisbruik werd gefaciliteerd. Vóór Bummer werden er ook
wel valse opvattingen verspreid als gevolg van massahysterie, zoals
tijdens de heksenjachten, maar acute gevallen waren zeldzamer dan nu.
De snelheid, de idiotie en de schaal van valse sociale percepties
zijn zodanig toegenomen dat mensen vaak niet meer in dezelfde wereld,
de echte wereld, lijken te leven.
Dit is nog zo’n probleem dat plotseling is opgedoken. De
publieke ruimte heeft minder dimensie gekregen, maar de
gemeenschappelijkheid in het algemeen is ook minder geworden. Een
gedachte-experiment kan ons helpen begrijpen hoe vreemd onze situatie
is geworden. Stel je voor dat Wikipedia aan elke bezoeker een andere
versie van een artikel zou laten zien op basis van een geheim
dataprofiel van die persoon. Pro-Trump-bezoekers zouden een volledig
ander artikel te zien krijgen dan anti-Trump-mensen, maar er zou geen
verantwoording zijn van wat er anders was, of waarom.
Dit klinkt misschien bizar, als een naargeestig toekomstbeeld,
maar het is vergelijkbaar met wat je ziet in je Bummer-feed. Content
wordt gekozen en advertenties worden voor jou gepersonaliseerd – en
je weet niet hoeveel er voor jou veranderd is, of waarom.
Er zijn nog altijd resten van de oude gemeenschappelijke wereld.
Je kunt naar het ouderwetse tv-nieuws kijken dat mensen graag willen
dat je ziet, of dat mensen zien die anders zijn dan jij. Ik kijk in
de Verenigde Staten bijvoorbeeld niet graag naar Fox News, omdat ik
het te paranoïde, partijdig en chagrijnig vind. Maar soms kijk ik
ernaar en dat helpt me begrijpen wat andere mensen die ernaar kijken
denken en voelen. Ik koester die mogelijkheid.
Maar je sociale-mediafeed kan ik niet zien. Ik ben daardoor minder
in staat me te verplaatsen in wat je denkt en voelt. Nu hoeven we
niet allemaal hetzelfde te zien om elkaar te begrijpen; alleen
ouderwetse autoritaire regimes proberen iedereen daartoe te dwingen.
Maar we moeten wel af en toe een blik kunnen werpen op wat andere
mensen zien.
Empathie is de brandstof die een fatsoenlijke samenleving gaande
houdt. Als die er niet is, blijven alleen droge regels en
machtsstrijd over. Misschien ben ik wel verantwoordelijk voor het
introduceren van de term ‘empathie’ in de hightechmarketing,
omdat ik in de jaren tachtig van de vorige eeuw voor het eerst over
virtual reality sprak als instrument voor empathie. Ik geloof nog
altijd dat het mogelijk is om technologie in te zetten om empathie te
bevorderen. Als er in een betere toekomst überhaupt sprake is van
betere technologie, zal empathie daar een rol in spelen. Maar Bummer
is juist afgesteld om ons empathisch vermogen te vernietigen.
Een gebruikelijke en terechte kritiek op Bummer is dat het
‘filterbubbels’ creëert. Je eigen opvattingen worden soepeltjes
bekrachtigd, tenzij je wordt geconfronteerd met de meest irritante
tegengestelde opvattingen, zoals berekend door algoritmen. Ze kunnen
geruststellend zijn of verontrustend: wat je aandacht maar het beste
vasthoudt.
Je wordt samen met andere mensen in een categorie ondergebracht
waar jullie als groep maximaal kunnen worden aangesproken.
Bummer-algoritmen neigen er intrinsiek naar mensen samen te brengen
in bubbels, omdat het effectiever en goedkoper is om de aandacht van
een groep vast te houden dan van afzonderlijke mensen. (Maar zoals je
misschien weet, is de juiste term ‘manipuleren’ en niet
‘aanspreken’, omdat het gebeurt in dienst van onbekende externe
partijen die Bummer-bedrijven betalen om jouw gedrag te veranderen.
Waar betalen ze anders voor? Waarvoor anders kan Facebook zeggen dat
het tientallen miljarden dollars betaald krijgt?)
Op het eerste gezicht zijn filterbubbels slecht, omdat ze je een
tunnelvisie op de wereld bezorgen. Maar zijn ze wel zo nieuw? Er
waren toch voorafgaand aan Bummer ook al schadelijke en irritante
vormen van sociale communicatie waardoor groepen werden
buitengesloten, zoals het gebruik van racistische zogenoemde
‘hondenfluitjes’ in de (Amerikaanse) politiek (het aanspreken van
een bepaalde groep door middel van gecodeerde boodschappen). Tijdens
de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 1988 bijvoorbeeld maakten
politici gebruik van het verhaal van een zwarte man genaamd Willie
Horton, die tijdens zijn verlof misdaden had gepleegd, om latent
racisme onder kiezers uit te lokken. Maar iedereen kreeg toen
dezelfde advertentie te zien, zodat je in elk geval wist waarom
iemand anders daar racistisch op reageerde, zelfs al was je het er
absoluut niet mee eens.
Maar nu zie je die racistische advertenties niet altijd meer. Dat
komt soms doordat het om zogenoemde dark ads
(gepersonaliseerde, niet voor iedereen zichtbare advertenties) gaat
die mensen in hun nieuwsfeeds krijgen, ook al zijn ze technisch
gesproken niet echt als nieuws gepubliceerd. Veel extremistische dark
ads op Facebook kwamen pas aan het licht bij forensisch onderzoek
naar wat er tijdens de verkiezingen van 2016 was gebeurd. Ze waren
schreeuwerig en venijnig en Facebook heeft plannen aangekondigd om de
schade die ze aanrichten te beperken. Buiten – of misschien ook
binnen – Facebook weet niemand hoe gebruikelijk of effectief dark
ads en vergelijkbare boodschappen zijn. De meest gebruikelijke vorm
van online bijziendheid is echter dat mensen alleen maar tijd hebben
om te lezen wat er door algoritmische feeds onder hun neus wordt
geschoven.
Ik ben banger voor de subtiele algoritmische afstemming van feeds
dan voor schreeuwerige dark ads. Het was niet eerder mogelijk om
miljoenen mensen tegelijk berichten op maat te sturen. Ook het testen
van massa’s op maat gemaakte boodschappen en ontwerpen, op basis
van gedetailleerde waarneming en feedback van nietsvermoedende mensen
die voortdurend in de gaten worden gehouden, was vroeger niet
mogelijk.
Dit is een van de redenen waarom Bummer vanzelfsprekend tribalisme
promoot en de samenleving verscheurt, ook al bedoelen de technische
jongens bij een Bummer-bedrijf het goed. Bummer-code grijpt
automatisch elke vorm van latente stammenstrijd en racisme aan, want
dat zijn de neurale hashtags in ieders geest die kunnen worden
getriggerd om het aandachtsmonopolie op te eisen.
Je wereldbeeld wordt niet alleen vervormd, maar je bent je ook
minder bewust van het wereldbeeld van andere mensen. Je wordt
uitgesloten van de ervaringen van andere groepen die op een andere
manier worden gemanipuleerd. Hun ervaringen zijn voor jou net zo
ondoorzichtig als de algoritmen die je ervaringen aansturen. Deze
ontwikkeling is van grote betekenis. De versie van de wereld die jij
ziet is onzichtbaar voor de mensen die je niet begrijpen, en vice
versa.
Het vermogen om je in iemand anders te verplaatsen om die ander
beter te begrijpen, wordt theory of mind (ToM) genoemd. Een
theory of mind hebben betekent dat je in gedachten een verhaal maakt
over wat er in iemands hoofd gebeurt. Theory of mind ligt aan de
basis van elk gevoel van respect of empathie en is een voorwaarde
voor elke vorm van intelligente samenwerking, burgerschap of zinvolle
politiek. Het is de reden waarom verhalen bestaan.
Je kent de uitdrukking wel: niet graag in iemands schoenen staan.
Je kunt mensen niet begrijpen als je niet een heel klein beetje weet
wat ze hebben doorgemaakt. Als je alleen ziet hoe iemand anders zich
gedraagt, maar niet welke ervaringen zijn gedrag hebben beïnvloed,
wordt het moeilijker om een theory of mind over die persoon te
hebben. Als je iemand ziet die iemand anders slaat, bijvoorbeeld,
maar je weet niet dat hij dat doet om een kind te beschermen, kun je
wat je ziet verkeerd interpreteren.
Als je de dark ads, de geruchten, de harteloze memes en de
bespottelijke, gepersonaliseerde feed niet ziet die de ander wel
ziet, denk je dat die persoon gewoon gek is. En zo ziet onze nieuwe
Bummer-wereld eruit. We denken van elkaar dat we gek zijn omdat
Bummer ons van onze theorieën over elkaars mind berooft.
Zelfs als de ervaringen van anderen openhartig worden vastgelegd op
camera, misschien door een smartphone of een dashcam, genereert
Bummer genoeg ruis om elke saamhorigheid te vernietigen.
Ondoorzichtigheid als gevolg van Bummer zie je voortdurend online.
Een video laat bijvoorbeeld het moment vlak voor een schietpartij
door de politie zien, maar Bummer laat mensen eindeloos veel versies
van de video uploaden met verschillende edits, beelden-in-beelden en
afschermingen. Empathie gaat verloren in de ruis.
Ik vind Trump-aanhangers gestoord en zij vinden progressievelingen
gestoord. Maar het klopt niet dat we uit elkaar zijn gegroeid en
elkaar niet begrijpen. Wat er echt aan de hand is, is dat we minder
dan ooit tevoren zien wat anderen zien, dus krijgen we minder de kans
om elkaar te begrijpen. Natuurlijk kun je wel íets volgen van de
doorsnee content die andere mensen waarschijnlijk zien. Ik houd
bijvoorbeeld conservatieve websites bij. Ik zoek altijd persoonlijk
contact met mensen die het niet met me eens zijn, als ze daartoe
bereid zijn.
Als mensen nerveus zijn over de vraag of ze wel populair genoeg
zijn, dan moeten ze wel online blijven
Hoe groot het verschil is tussen wat iemand anders te zien krijgt
en wat ik kan raden dat iemand anders te zien krijgt, kun je nooit
weten. De ondoorzichtigheid van onze tijd is nog groter dan strikt
noodzakelijk, omdat de mate van ondoorzichtigheid op zich
ondoorzichtig is. Ik weet nog dat we vroeger dachten dat het internet
een transparante samenleving zou opleveren, maar het
tegenovergestelde is gebeurd.

Argument zeven: sociale media maken je ongelukkig
De vrolijke
retoriek van de Bummer-bedrijven draait helemaal om vrienden maken en
meer onderlinge verbondenheid in de wereld. En toch laat de
wetenschap ons iets anders zien. Onderzoek toont ons een wereld
waarin de onderlinge verbondenheid niet is toegenomen, maar waar
juist een groter gevoel van isolement heerst. Het patroon is zo
duidelijk geworden dat zelfs onderzoek dat wordt gepubliceerd door
sociale-mediabedrijven aantoont dat ze je verdrietig maken.
Facebook-onderzoekers schepten zo ongeveer op over het feit dat ze
mensen ongelukkig konden maken zonder dat ze beseften waarom.
Waarom zou je zoiets naar buiten brengen als een geweldig
onderzoeksresultaat? Zou dat niet schadelijk zijn voor het imago van
Facebook? De reden zou kunnen zijn dat het geweldige publiciteit was
waarmee ze hun echte klanten konden bereiken, degenen die betalen om
te manipuleren. Degene die wordt gemanipuleerd, jij, is het product,
niet de klant.
Meer recentelijk hebben Facebook-onderzoekers eindelijk toegegeven
wat andere onderzoekers al hadden ontdekt: dat hun producten echte
schade kunnen berokkenen. Wat me vooral dwarszit aan de manier waarop
sociale-mediabedrijven over dit probleem praten, is dat ze zeggen:
‘Ja, we maken je ongelukkig, maar we doen meer goed dan kwaad in de
wereld.’ Maar de goede dingen waar ze vervolgens over opscheppen
zijn allemaal dingen die intrinsiek bij internet horen, die – voor
zover we weten – ook mogelijk zouden zijn zonder de slechte dingen,
zonder Bummer. Ja, natuurlijk is het geweldig dat mensen met elkaar
worden verbonden, maar waarom moeten ze manipulatie door derden
accepteren als prijs voor die verbinding? Wat als de manipulatie en
niet de verbinding het echte probleem is?
Aangezien de kernstrategie van het Bummer-businessmodel inhoudt
dat het systeem zich automatisch aanpast om zo veel mogelijk je
aandacht te trekken en aangezien negatieve emoties gemakkelijker
kunnen worden opgeroepen, zal zo’n systeem er uiteraard toe neigen
je een negatief gevoel te bezorgen. Maar het deelt tussen de
depressies door ook schaarse lichtpuntjes uit, omdat de automatische
piloot die je emoties aanstuurt tot de ontdekking komt dat het
contrast tussen straffen en belonen beter werkt dan alleen straffen
of belonen. Verslaving wordt geassocieerd met anhedonie, een
verminderd vermogen om plezier te beleven aan allerlei dingen,
behalve aan datgene waaraan men verslaafd is, en
sociale-mediaverslaafden lijken geneigd te zijn tot langdurige
anhedonie.
Natuurlijk word je ongelukkig van Bummer. Maar hoe gaat dat in
zijn werk? De specifieke vorm van ongelukkig zijn wordt
vanzelfsprekend op maat voor je gemaakt. De mensen van het
Bummer-bedrijf hoeven er nooit achter te komen wat je ongelukkig
heeft gemaakt. Dat is alleen aan jou, je laatste beetje privacy.
Misschien maak je je zorgen omdat je niet weet of je wel zo
aantrekkelijk of succesvol bent als andere mensen, al ben je op
hetzelfde moment door het systeem toegerust om ergens iemand anders
hetzelfde gevoel te geven.
Bummer
Bummer staat voor Jaron Lanier voor Behaviors of
Users Modified, and Made into an Empire for Rent (Gemodificeerd
Gebruikersgedrag tot Verhuurbaar Imperium Gemaakt). Een Bummer is een
statistiekmachine die in de automatiseringsclouds huist. Lanier
schrijft erover: ‘Kort samengevat: verschijnselen die statistisch
en vaag zijn, zijn desalniettemin reëel. In het gunstigste geval
kunnen Bummer-algoritmen de kans berekenen dat iemand zich op een
bepaalde manier zal gedragen. Maar wat voor afzonderlijke individuen
niet meer dan een kans is, is als gemiddelde voor grotere groepen
mensen vrijwel een zekerheid. De populatie als geheel kan met grotere
voorspelbaarheid worden beïnvloed dan een enkele persoon.’
Bummer is een machine met zes bewegende onderdelen.
Lanier geeft
het volgende ezelsbruggetje om ze te onthouden:
A staat voor Aandacht trekken, iets wat leidt tot de suprematie
van de asocialen.
B staat voor Bemoeienis met ieders leven.
C
staat voor Content door de strot duwen.
D staat voor Dirigeren van
menselijk gedrag op de meest slinkse wijze.
E staat voor
Economisch gewin doordat de grootste asocialen zich kunnen uitleven
op alle andere mensen.
F staat voor Fakegroepen en een
fakesamenleving.
Bummer-algoritmen moeten je wel in categorieën stoppen en
rangschikken om überhaupt iets Bummer-achtigs te kunnen doen. Het
hele doel van Bummer is van jou en veranderingen in je gedrag een
product te maken. De algoritmen werken in feite ten dienste van
platformeigenaren en adverteerders die een abstractie van jou nodig
hebben om je te kunnen manipuleren.
De Bummer-algoritmen achter bedrijven als Facebook en Google
liggen opgeslagen in enkele van de weinige bestanden ter wereld die
niet kunnen worden gehackt, zó geheim zijn ze. De diepste geheimen
van de nsa en de cia zijn uitgelekt, meer dan eens, maar je zult geen
kopie van het zoekalgoritme van Google of het feedalgoritme van
Facebook vinden op het darkweb.
Een van de redenen hiervoor is dat mensen gealarmeerd zouden zijn
als ze konden zien hoe de huidige kunstmatige intelligentie en andere
aanbeden cloudprogramma’s echt werken. Ze zouden beseffen hoe
arbitrair de resultaten soms zijn. De algoritmen zijn slechts in zeer
geringe mate statistisch bruikbaar en toch heeft die minieme
bruikbaarheid de grootste kapitalen ooit opgeleverd. Maar het gaat
mij niet eens om de programma’s, hoe over-aanbeden die ook zijn,
maar om de machtsrelaties die ontstaan als mensen de programma’s
accepteren en impliciet respecteren.
Er zijn altijd aanmatigende – ronduit belachelijke – bronnen
van informatie en meningen over je geweest, maar die waren niet zo
belangrijk. Een voorbeeld hiervan zijn ouderwetse horoscopen in
kranten. Een bedrijf kon op geen enkele manier je clicks of je
oogbewegingen registreren, dus wist niemand wat je las. Misschien
geloofde je echt in astrologie, misschien vond je het interessant als
iemand in het wilde weg van alles over je zei of misschien vond je
het allemaal wel een grote grap. Dat doet er niet toe. Het was iets
tussen jou en een onbezield object – en misschien een enkele
persoon die je erover vertelde. De horoscoop in de krant deed behalve
in jouw hoofd helemaal niets; hij beïnvloedde op geen enkele manier
de machtsrelaties tussen jou en andere mensen.
In het Bummer-tijdperk liggen de dingen anders. Facebook brengt je
bijvoorbeeld onder in categorieën op basis van je politieke voorkeur
en allerlei andere criteria. Deze categorieën vormen het
Bummer-antwoord op horoscopen. De beoordeling van het
Bummer-algoritme dat je classificeert, hoeft in wetenschappelijk
opzicht niet logisch of betrouwbaar te zijn, maar in het echte leven
is het zeker belangrijk. Het beïnvloedt welk nieuws je te zien
krijgt, wie er aan je wordt voorgesteld als potentiële date, welke
producten je aangeboden krijgt. Beoordelingen op basis van sociale
media kunnen bepalen welke leningen je kunt krijgen, welke landen je
kunt bezoeken, of je een baan krijgt of niet, welk onderwijs je kunt
krijgen, het resultaat van je verzekeringsclaim en je vrijheid om met
andere mensen samen te komen. (In veel van deze voorbeelden passen
derden hun eigen algoritmen toe op Bummer-data in plaats van te
vertrouwen op de categorieën die direct door Bummer-bedrijven zijn
gevormd.) Je grillen en eigenaardigheden liggen voor het eerst onder
de microscoop van machten die groter zijn dan jij, tenzij je in een
politiestaat als Oost-Duitsland of Noord-Korea hebt gewoond.
De onmogelijkheid een ruimte te scheppen waarin je jezelf
onbespied opnieuw kunt uitvinden, dáár word ik ongelukkig van. Hoe
kun je nog gevoel voor eigenwaarde hebben als dat niet langer de
belangrijkste waarde is? Hoe kun je nog authentiek zijn als alles wat
je leest, zegt of doet wordt ingevoerd in een beoordelingssysteem?
Voor de duidelijkheid, er vinden beoordelingen plaats op twee
niveaus in de Bummer-machine. Het ene is begrijpelijk en kan worden
gezien door mensen. Het internet staat op dit moment vol met meningen
over jou persoonlijk. Hoeveel vrienden, volgers heb je? Ben je
populair? Hoeveel punten heb je verdiend? Heb je een virtueel lintje
verdiend of misschien wat virtuele confetti van een winkel omdat je
anderen hebt overgehaald om iets bij die winkel te kopen? Het andere
beoordelingsniveau is gebaseerd op wiskundige correlaties die mensen
mogelijk nooit te zien krijgen of kunnen interpreteren. Deze worden
soms tussenlaaginterpretaties genoemd vanwege de manier waarop ze
worden gegenereerd in algoritmen voor machine learning. Ze
worden gebruikt om de gewiekstheid van Bummer te optimaliseren: welke
advertenties maken de meeste kans een bepaalde uitwerking op je te
hebben, welk nieuws, welke schattige kattenplaatjes als onderdeel van
de feed met nieuws die je van familieleden krijgt?
Waar het ook precies om gaat, kijk eens wat er gebeurt. Plotseling
worden jij en andere mensen aan allerlei stomme wedstrijdjes
gekoppeld waar niemand om gevraagd heeft. Waarom krijg je niet
evenveel coole foto’s als je vriend(in)? Waarom word je niet zoveel
gevolgd? Dit voortdurende oproepen van sociale angst maakt dat mensen
zich steeds verder ingraven. Diepgaande mechanismen in de sociale
delen van onze hersenen controleren onze sociale positie en vervullen
ons van doodsangst bij de gedachte te worden verlaten, als een
achterblijver op de savanne die aan de roofdieren wordt geofferd.
Maar zolang je in Bummer blijft hangen, kun je er niet aan
ontsnappen. Er worden wel een miljoen Bummer-spelletjes tegelijk
gespeeld en je verliest ze vrijwel allemaal, omdat je tegen de rest
van de planeet speelt. De vraag wie er wint is grotendeels gebaseerd
op willekeur. Het is alsof er, in plaats van één voetbalwedstrijd
tegelijk, altijd een mondiale wedstrijd aan de gang is waaraan de
hele wereld deelneemt en waarin iedereen tegen iedereen speelt en de
meesten van ons voortdurend verliezen. Wat een rotsport. Erger nog,
er zijn een paar mensen, Silicon Valley-mensen zoals ik, die op je
neerkijken, meer zien dan jij of je vrienden, en die je manipuleren.
Tien argumenten om je sociale-media-accounts nu
meteen te verwijderen
Het nieuwe boek van Jaron Lanier, Tien argumenten om je
sociale-media-accounts nu meteen te verwijderen, waarvan de
Nederlandse vertaling net is verschenen (AtlasContact, 192 blz.,
€15,-, vertaling Carla Zijlemaker), is een eigenzinnige mix tussen
pamflet en zelfhulpboek. Hij behandelt argumenten als ‘je verliest
je vrije wil’, ‘door sociale media word je asociaal’ en
‘sociale media maken politiek bedrijven onmogelijk’. Deze
voorpublicatie bestaat uit ingekorte versies van de argumenten 6 en
7.
Uber, dat een pseudo-Bummer is, noemde het vermogen om mensen te
bespioneren de ‘blik van God’. Vanuit het verbazingwekkende
goddelijke perspectief van Silicon Valley kunnen zowel mensen als
algoritmen altijd zien wie wat geschreven heeft en wanneer. We kunnen
het hele proces overzien alsof we naar een mierenkolonie kijken. En
de mieren weten het; ze weten dat ze worden bekeken.
En ik herinner je er nog maar even aan dat negatieve emoties
sneller worden getriggerd dan positieve. Als gewone mensen volkomen
gelukkig en tevreden waren, zouden ze even afstand nemen van de
obsessie met sociale-mediacijfers en een beetje met planten gaan
rommelen of elkaar wat echte aandacht geven. Maar als ze nerveus zijn
over de vraag of ze wel populair genoeg zijn, zich afvragen of de
wereld niet implodeert of laaiend zijn op idioten die zich tussen hun
contacten met vrienden en familie hebben gewurmd, dan moeten ze wel
online blijven. Ze zijn verslaafd omdat hun natuurlijke waakzaamheid
geprikkeld wordt.
Wij hier in Silicon Valley vinden het heerlijk om te kijken hoe de
mieren steeds dieper in hun eigen vuil graven. Ze sturen ons geld
terwijl we toekijken. Die scheve machtsverhouding is de hele tijd
voelbaar. Voel je je niet vernederd als je een van de Facebook-merken
gebruikt, zoals Instagram of WhatsApp? Facebook is het eerste
beursgenoteerde bedrijf dat in handen is van één persoon. Nu heb ik
persoonlijk niets tegen Mark Zuckerberg, daar gaat het niet om. Maar
waarom zou je een groot deel van je leven ondergeschikt maken aan
welke onbekende dan ook?
In de tijd waarin ik opgroeide waren er grote politici, rijken der
aarde, popsterren, captains of industry enzovoort, maar geen
van hen had substantiële macht over de manier waarop ik mijn leven
leidde. Ze hadden soms wel invloed op me als ze iets zeiden wat mijn
aandacht trok, maar dat was alles. Ze bleven ver verwijderd van mijn
privéleven. Je zult misschien zeggen dat je het niet erg vindt,
terwijl je eigenlijk diep van binnen wel weet dat dat niet waar is.
Of dat het geen zin heeft om er boos over te worden omdat je er toch
niets aan kunt doen, maar dat kan wel. Verwijder je accounts.
*
Enkele gerelateerde artikelen op Groene.nl:
Op de
sociale media zijn we de vertellers van ons eigen verhaal. Maar wat
nu als ons verhaal is veranderd?
Joost de
Vries, 19 september 2018
Techfilosoof
Jaron Lanier is een vooraanstaand criticaster van zijn eigen
gemeenschap, Silicon Valley. Zijn nieuwste boek is een oproep om al
je sociale media-accounts te deleten. Meteen. ‘Dit is een
existentiële kwestie.’
Mars van
Grunsven, 1 augustus 2018
Er
zijn tien argumenten om nu, meteen, uw sociale-media-accounts te
verwijderen. Informaticus Jaron Lanier beschrijft ze in zijn nieuwe
boek. In deze voorpublicatie leest u er twee.
Jaron Lanier,
1 augustus 2018