Column
Manieren eisen en zelf ongemanierd zijn kan niet
– Niet alleen Rutte, het hele liberalisme heeft het moeilijk met
waarden en normen.
Hoe gaat het met ons? Geen idee. Het vertrouwen in de regering is
toegenomen, maakte het SCP deze week bekend. Maar hoe wij samenleven
is tegelijk nog altijd zorg nummer een. Ook premier Rutte ontsnapt
niet aan die ambivalentie. Tijdens de Algemene Beschouwingen gaf hij
lucht aan zijn optimisme. Rutte is klaar met het gif van de
pessimisten. Bijna in één adem door zei hij: blijft Nederland wel
Nederland, dáár gaat het nu om. Ongemak alom, ook bij onze premier.
Laten we het nog eens over pleur op hebben. We moeten normen
neerleggen, zei Rutte tijdens de beschouwingen. Daarom had hij pleur
op gezegd, nadat een Turkse jongen in Rotterdam rot op in de camera
had geroepen. Het was een valse noot van de premier. Zes
fractieleiders stonden bij de interruptiemicrofoon om hem bestraffend
toe te spreken. Samsom (PvdA) meende dat Rutte zoiets niet zou zeggen
tegen een Nederlandse oproerkraaier. Hij had gelijk. Toch was het
niet de kern van de zaak.
Buma (CDA) kwam het dichtstbij, met zijn bijdrage waarin hij de
Franse denker Tocqueville opvoerde. Ik ben altijd blij als ze mijn
favoriete schrijver aanhalen. Zelfs Wilders (PVV) bleek
Tocqueville-expert. Er is dus nog hoop. Buma's verhaal ging over de
individualisering die mensen op zichzelf terugwerpt. Daartegenover
staat een verstikkende staatsbureaucratie die wel weet wat goed voor
u is. Dat is inderdaad Tocqueville.
De samenhang ontleent de samenleving volgens Buma aan haar
joods-christelijke wortels. Dat leidde af, want er ontstond meteen
gepruttel over in de Kamer. Tocqueville heeft het nooit over
joods-christelijke wortels. Zijn sleutelbegrip is een ouderwets
woord, de zeden (les moeurs). Tocqueville leert dat de zeden vooraf
gaan aan de wetten. Het cement van de samenleving bestaat niet uit
wetten, maar uit gevoelens, geloven, ideeën, gewoonten, opgebouwd in
de loop der tijd. Normen en waarden, zouden wij zeggen. Goede
manieren, schrijft Tocqueville, zijn de buitenste schil van de normen
en waarden.
Daarom kan het pleur op van Rutte niet door de beugel. Ik heb het
verslag nog eens goed nagelezen. Toen begreep ik pas dat Rutte
wederkerigheid bedoelde. Als jij rot op zegt, dan zeg ik pleur op.
Wat hij daarmee wilde zeggen was: vrijheden krijgen, is anderen
vrijheden gunnen.
Maar manieren eisen en zelf ongemanierd zijn, dat kan niet. Zeker
niet in het parlement. Ik heb nooit wat gezien in het idee van
ex-Kamervoorzitter Verbeet dat de straat meer gehoord mag worden in
de Kamer. Politici horen 'de norm neer te leggen', maar Rutte zelf
heeft daar geen antenne voor. Als premier wilde hij niet ingaan op
elk stuk rood vlees van Wilders. Nu spreekt hij het CDA bestraffend
toe. Daar hebben ze het over waarden en normen, zeggen ze 'lieve
dingen' tegen elkaar waar we volgens de premier niets aan hebben.
Niet alleen Rutte, ook het liberalisme heeft een moeilijke relatie
met waarden en normen, zoals Tocqueville ons leert. De
standenmaatschappij dreef op waarden en normen, tradities en zeden.
Daarmee maakte de Franse Revolutie korte metten. Alles wat niet in de
wet staat, is toegestaan, werd de leer. Liberalen en socialisten zijn
allebei de kinderen van die revolutie. Sterft, gij oude vormen en
gedachten, zongen de socialisten. De liberalen hebben geen
Internationale, anders hadden ze het ook gezongen.
Dat ging in de jaren zestig nog eens dunnetjes over. Wat nou
joods-christelijke traditie, zei Klaver (GroenLinks) tegen Buma.
Meneer pastoor en handen boven de dekens, dat is precies waaraan we
zijn ontsnapt. Inderdaad. De erfenis van de jaren zestig is nog zo
dominant dat zelfs het CDA zich erop beroept. Toen Klaver zei dat het
CDA tegen het homohuwelijk had gestemd, riposteerde Buma dat Hirsch
Ballin als CDA-minister voorop liep met het samenlevingscontract voor
homoparen. Zo kun je tegelijk conservatief én progressief gidsland
willen zijn. Het CDA komt er evenmin als de VVD uit.
Normen en waarden hebben ook in 2017 een slechte reputatie. Om die
reden wil het nog steeds niet lukken inburgeringscursussen
overtuigend aan de man te brengen. Hoezo moeten immigranten onze
gewoonten leren, boerenkool eten en geboortekaartjes sturen, als ze
Nederlanders willen zijn? Kuzu (Denk) weet deze zwakke plek feilloos
te vinden. Voorheen was het meten met twee maten en nu heet het
dubbele maat. Het demonstratierecht staat in de wet. Waarom zijn
Turkse vlaggen in Rotterdam dan onwenselijk en heeft niemand het over
Israëlische vlaggen van Joodse Nederlanders die demonstreren in Den
Haag?
Wij staan met onze mond vol tanden. Iedereen weet dat die
onuitgesproken normen er wel degelijk toe doen. Nederland was altijd
een high trust society. Een man een man, een woord een woord. Op tijd
je bed uit en je best doen. Met de wet heeft het weinig van doen. Des
te meer met mentaliteit, omgangsvormen, gedrag en vlijt. Je hoeft je
er niet aan te houden, maar toch ook weer wel. Hoe nauw dat luistert,
hebben we door schade en schande en een paar decennia multiculturele
samenleving geleerd.
Een pastoor om ons toe te spreken is er allang niet meer. Wij
leven ons liberale leven. Toch moeten ook liberalen erkennen dat er
meer is dan de wet. Minister Schippers had het in haar Schoo-lezing
over een bezield verband. Wat dat is, bleef ongewis, in een tijd dat
de laatste kerk is omgebouwd tot appartement. In het SCP-onderzoek
naar ons humeur lees ik dat velen de ontkerkelijking betreuren. Eén
op drie Nederlanders vindt dat de overheid moet garanderen dat er in
elke plaats een kerk blijft. Wie zou erheen moeten? U en ik toch
niet? Ongemak alom.
*