In @nrc : Fokke & Sukke ien in finale @F1-race het Schrödingers Car Principle... https://t.co/1NXmV5iqRE
— Aart Dekker (@AartDekker) December 7, 2025
Trailer
Land of the Enlightened
2:51 min
Mijn Passie? Delen(want 'Gedeelde Vreugd=Dubbele Vreugd & Gedeelde Smart=Halve Smart).Zie mijn Blog-bijdragen dus als mijn middel om wat me interesseert te delen. Als Links, Reposts, en regelmatig in de vorm van Column, Analyse of Commentaar & al dan niet bijtend, ironisch, of roerend statement. Mijn intentie is iedere dag iets van waarde door te geven... Ik krijg ook graag feedback; dus Volgen en Reageren stel ik zeer op prijs!
In @nrc : Fokke & Sukke ien in finale @F1-race het Schrödingers Car Principle... https://t.co/1NXmV5iqRE
— Aart Dekker (@AartDekker) December 7, 2025
Een mooie column van Marian Donner in de Groene Amsterdammer over Waarheid vs. Liegen (om bestwil).
Over hoe frustrerend de realiteit kan zijn en hoe deze (voor ouders) soms nogal kan wringen -of zelfs botsen- met het optimisme van kinderen.
Over hou je als ouder(e) ervoor moet waken (je) kinderen niet het vermogen te dromen en optimistisch te zijn moet ontnemen...want dan hol je het potentieel voor verbetering in de toekomst uit.
Aan de andere kant is het natuurlijk ook niet goed om kinderen helemaal af te schermen van ellende als Oorlog, Vernietiging van Planeet, Ecosystemen, Milieu, etc, etc...
Tsja...ouderschap is iets moois, maar lang niet altijd gemakkelijk..!
Marian Donner beeld Aart-Jan Venema
30 juli 2025 – verschenen in nr. 31
De originele column en nog veel meer van Marian Donner vind je op de site van de Groene Amsterdammer --- Hier ---
Welke leugens zijn noodzakelijk voor een samenleving? In een aflevering van Het filosofisch kwintet kwam deze vraag voorbij en toevallig zag ik niet veel later een mogelijk antwoord in de tekenfilm Ozi: Voice of the Forest. ‘Het is echt een heel goeie film’, zei mijn zoontje nog, want hij kende hem al. Ik was even vergeten dat de smaak van een negenjarige niet per se de beste leidraad is.
Ozi bleek een jong orang-oetanmeisje te zijn dat haar ouders en huis verliest in een grote bosbrand. Ze belandt in een opvangcentrum, leert zich via een soort smartwatch verstaanbaar maken aan mensen en groeit uit tot een heuse influencer: op sociale media plaatst ze leuke filmpjes over haar leven. En toen was de film nog geen vijf minuten bezig. Zo vroeg begint de technologische indoctrinatie al, dacht ik nog. Maar natuurlijk kon het erger (alles kan altijd erger).
Gaandeweg ontdekt Ozi dat er een heel gemeen bedrijf is dat het regenwoud vernietigt voor palmolieplantages en, lang verhaal kort: Ozi openbaart die waarheid in een filmpje, het filmpje gaat viraal, miljoenen mensen zijn woedend, waardoor het bedrijf gedwongen wordt om voortaan goed te doen. En de regenwoud-dieren leven nog lang en gelukkig.
‘Wat vond je?’ keek mijn zoontje me stralend aan.
Ik kon het niet helpen, het was eruit voor ik er erg in had: ‘Wat een ongelooflijke onzin is dit!’ We weten allang in welk razend tempo enorme stukken regenwoud verdwijnen, we weten ook welke bedrijven daar grotendeels verantwoordelijk voor zijn, er is een filmpje van een orang-oetan, een echte dus, die zijn boom verdedigt tegen monsterlijke graafmachines, ook dat filmpje ging viraal, maar het maakt allemaal geen moer uit. In Gaza vindt momenteel een genocide plaats, of pardon, de Israëlische regering voert er een slachting uit met ‘genocidale kenmerken’, die dagelijks wordt gelivestreamd op sociale media: we kunnen het allemaal zien, miljoenen mensen zijn woedend, en toch verandert er al 21 maanden (en 58 jaar) helemaal niets.
Nee, de waarheid bevrijdt allesbehalve, hij slaat alleen maar murw. En zolang overheden en bedrijven geld verdienen aan ontbossing en genocide, is er geen Ozi of eenzame strijder die daar iets aan kan doen.
‘Nou, ik vond het wel een goede film’, piepte de negenjarige zacht.
‘Maar ik heb toch gelijk?’ vroeg ik later op de avond aan mijn geliefde. Het begrip necessary illusions viel, van Noam Chomsky-: de noodzakelijke illusies (of leugens) waarmee een systeem zichzelf onzichtbaar maakt. Voor voorbeelden hoef je enkel naar de strekking van een willekeurige Hollywoodfilm te kijken. Geld maakt niet gelukkig. Hard werken loont. Liefde is het enige wat telt. En, die vooral: een enkel individu kan, geheel op eigen kracht, de wereld veranderen.
‘Het is niet waar, dan moet ik er toch ook niet over liegen?’ drong ik aan. Maar daar bleek de geliefde toch anders over te denken. Hij zei dat het bij de jeugd hoort. Dat gevoel van zelfoverschatting, van onoverwinnelijkheid, de hemel willen bestormen. Hij vond: in deze zielsdodende wereld, waarin creativiteit en originaliteit zo weinig ruimte krijgen, die je al vanaf de lagere school in het gareel duwt, is een overmatig geloof in jezelf juist heel gezond. Niemand heeft iets aan je wanhoop of cynisme. Je moet blijven geloven dat je iets kunt veranderen, dat je de massa in beweging kunt zetten, dat deze wereld niet zo hoeft te zijn.
Niet veel later las ik over een studente die een petitie had opgezet waarmee ze het Franse parlement dwong om een wet te herzien die het gebruik van een zeer kwalijke insecticide toelaat. In Spanje begonnen acht burgers een rechtszaak tegen de milieuvervuiling door veedieren, en wonnen. Het zijn inspirerende verhalen, geruststellend ook: er gebeurt tenminste wat! En toch denk ik dat dit soort verhalen, over de kracht en macht van het individu, uiteindelijk meer kwaad doen dan goed. Ik blijf hopen op verhalen die het menselijk ego, de hoogmoed en zelfoverschatting, juist wat meer intomen. Maar tegen mijn zoontje zal ik voortaan inderdaad liegen.
Marian Donner 9 juli 2025
1 okt 2024
🏀 💬 | 𝐇𝐞𝐫𝐨𝐞𝐬 𝐓𝐚𝐥𝐤 - 𝐄𝐩. 𝟔
24 aug 2018
Young Sheldon doesn't believe in the God and questions Church Pastor Jeff's Logic behind the existence of God. His family is afraid that he is going to embarrass the Priest, therefore, it makes for a super funny scene. This short clip is taken from the sitcom Young Sheldon S01E03 - "Poker Faith and Eggs."
Ik ben een Science Fiction liefhebber; zo'n beetje van mijn 10e t/m mijn 15e las ik in een tempo van 4 boeken per week/per 2 weken, de bibliotheek wat betreft dat genre leeg.
Denk trouwens niet dat het het enige was wat ik las; er waren nog een paar genres die ik 'er nog bij deed', maar zo breed als mijn interesse aan onderwerpen nu is, was deze in mijn jeugd en jonge jaren nog niet.
Op mijn 15e ontdekte ik basketball als serieus virus voor mij, en dat nam een forse hap uit mijn voor lezen beschikbare tijd, al las ik de echte klassiekers in het Sci-Fi nog wel een tijdje door. Ook namen mijn fondsen iets toe - dat had dan trouwens weer niets met basketball te maken; in tegendeel! - waardoor ik in toenemend tempo boeken kon gaan kopen...
Zo vanaf mijn 25e werd mijn vrije tijd schaarser, vanaf mijn 30e halveerde door chronische ziekte mijn energie & werd mijn leessnelheid door oogproblemen gedecimeerd, bovendien verbreedde mijn interesse zich nogal..resultaat: ik heb nog een paar duizend ongelezen boeken staan...of ik die ooit nog 'uit' krijg..?
Ik ben gelovig opgevoed, al was dat maar de helft van de leidende principes in ons huishouden - mijn vader was een klassieke liberaal en had helemaal niets met geloof en kerk - dus in mij huizen diep christelijke principes naast die liberale, en ik ben bepaald geen 'YoungSheldon', maar toch: het bepaalt allemaal mede de persoon die ik ben en 'vrij denken en associëren', filosoferen, vragen stellen, proberen te begrijpen en debatteren...het bepaalt een fors deel van wie ik ben geworden.
Goed na deze korte inleiding, maar direct naar de crux van dit stukje.
Vooral de laatste 10-15 jaar willen de uitvoerige debatten die ik voer met mijn oude coach en vriend Maarten van Gent - het Orakel van Porkuni, Estland - nog weleens de kant opgaan van: bestaat er een God? Wat is Geloof? Wat is de Essentie van Leven & dood? en meer van dat al.
Van Gent is een bijzonder intelligent man - al doet hij alle moeite om eenieder te doen geloven dat juist het tegendeel waar is! - en bovendien nauwelijks van zijn stuk te krijgen. Omdat mijn sociale wereld in diezelfde 10-15 jaar aanzienlijk kromp, hij in die periode niet zoveel meer coachte, ik dus niet meer zoveel kon lezen als ik graag wilde en ik het debat steeds meer met hem aan durfde/aan kon, kon dat nogal clashen. Iets wat hij stilletjes - denk ik - wel aardig vond - al zal hij dat niet snel toegeven - want mijn indruk is dat er niet zo heel veel mensen een debat met 't Orakel vol kunnen houden, laat staan kunnen winnen... Ik wel, maar god, wat kost het veel energie...
Wat ik er wel van leerde is dat juist die christelijke opvoeding - gecombineerd met die voorliefde voor Sci-Fi - mij wel veel opgeleverd hebben in vermogen 'Out of the Box' te denken, me in te leven in andere denk- en mensbeelden en een soort van 'Can do'-mentaliteit. In dat laatste vinden Maarten en ik elkaar dan weer wel.
Zonder dat één van ons zich ook maar voor een procent kunnen vinden in de Nep-Can-do-mentaliteit van het kabinet Wilders/Schoof, want die is - tenminste dat is mijn inschatting - gedoemd te mislukken en levert ons land alleen maar weer jaren vertraging op in wat er toch noodzakelijk is, als het niet zelfs achteruitgang zal brengen, maar dat is niks nieuws; de lijn van echte progressie in Nederland is al jaren geleden afgebogen naar beneden...
Maar goed, dat geloof, dat vrije en Out-of-the-Box-denken, en mijn debatjes met Maarten van Gent.
Dat alles komt samen in het onderstaande Knipsel uit de Oude Doos (van de Volkskrant, 2017) over waar het denken in de astronomie en over de kern van het leven en het bestaan: 'Leven we/Zijn we eigenlijk in een hologram?'
Had ik trouwens al gemeld dat ik in mijn werkende bestaan ICT'er en Informatie-architect was, en dat ik ook een groot liefhebber van comedy ben?
Toeval bestaat niet!
Terwijl ik bij het (terug-)kijken van Young Sheldon - de Prequel van de Big Bang Theory - alleen nog in het begin van serie-2 wat afleveringen niet heb gezien, aankwam bij bovenstaand en onderstaand fragment, sloot er zich weer een cirkeltje...
Nu maar hopen dat ik Maarten ervan kan overtuigen dat hij deze fragmenten - liefst meer - nog ff zou moeten bekijken - zolang het nog kan - het zou onze gesprekken op een hoger plan kunnen krijgen...
O ja, en natuurlijk ff het artikel lezen, of - als dat teveel gevraagd is - tenminste de fragmentjes ervan bovenaan...
“...Theoretisch fysicus Erik Verlinde (UvA) begint zijn voordrachten tegenwoordig zelfs vaak met een plaatje van de befaamde dwarrelende groene kriebeltekentjes uit The Matrix. 'Ik geloof wel dat we uiteindelijk zijn opgebouwd uit informatie', zegt hij. 'En dat de werkelijkheid zoals we die zien daarvan is afgeleid. En dan kun je je terecht afvragen: zijn we hier nou aanwezig, ja of nee?'
De denkstap valt te verenigen met wat we nu denken te weten over het heelal
Natuurkundejournalist George van Hal
Die vraag is zo oud als de mensheid zelf. Al in de 4de eeuw voor Christus overwoog Plato of de wereld misschien de slagschaduw is van een of andere hogere, 'echtere' wereld; en in China vroeg Zhuangzi zich rond diezelfde tijd filosofisch af of hij droomde dat hij een vlinder was, of een vlinder die droomde dat hij Zhuangzi was....”
“...Waarom wiskunde?
Dat is meteen al de eerste aanwijzing: waarom wiskunde? Een heelal met mooie rechte muren waarlangs je een meetlat kunt leggen, het lijkt hier verdorie wel een kunstmatig ding. Of neem de natuurconstanten, de vaste 'kengetallen' zoals de lichtsnelheid of de gravitatieconstante die de basis vormen onder de natuurkunde. Veel van de constanten lijken precies goed 'ingeregeld' om ons heelal mogelijk te maken, constateerden vele, vaak religieus ingestelde kosmologen nadat astronoom Fred Hoyle er in de jaren vijftig als eerste op had gewezen. Raar. Waarom zou dat zo zijn?...”
Is het heelal eigenlijk een hologram? Bent u een computersimulatie? Klinkt als voer voor sciencefiction (en dat is het ook), maar het idee wint ook stevig terrein in academische kringen - en in Silicon Valley. Wat is hier aan de hand?
Beeld
Aïsha Zeijpveld
Het apparaat ziet eruit zoals natuurkundige apparaten er al snel uitzien: een rommelige explosie van slangen, snoeren, knoppen en buizen, samengepropt in een krappe ruimte bij het vermaarde Fermilab nabij Chicago. En toch: als er één apparaat is dat onze kijk op de wereld drastisch kan veranderen, is het deze opstelling wel. De 'Holometer', zoals het apparaat heet, is namelijk in het leven geroepen om iets ongelooflijks te onderzoeken: of de werkelijkheid misschien een projectie is.
De Holometer doet dat met twee haaks op elkaar geplaatste
laserbundels, die heen en weer schieten door twee 40 meter lange
tunnels. Door die laserbundels te laten versmelten kan de machine
zeer minieme wiebelingen registreren in de spiegels waardoor de
lasers vallen. En die verstorinkjes, miljarden malen kleiner nog dan
de kern van een waterstofatoom, dáár zit het hem in. Het zou een
fenomeen zijn vergelijkbaar met de pixels die opdoemen als je een
bioscoopscherm van heel dichtbij bekijkt. De gruizigheid zou een
sterke aanwijzing zijn dat de realiteit zoals we die kennen een
hologram is - een driedimensionale projectie vanaf de rand van het
heelal.
Ik zal u vertellen waarom dit artikel u aantrekt. Uw
hele leven heeft u al het gevoel dat er iets raars is met uw bestaan.
U kunt er niet goed de vinger op leggen wat het is, maar het knaagt,
waar u ook gaat. En nu is de keuze aan u. U kunt doorbladeren, dit
artikel overslaan, en geloven wat u wilt. Of u kunt verder lezen, en
zien hoe diep het konijnenhol reikt.
Tekst gaat verder
onder de foto.
In het konijnenhol: Neo (Keanu Reeves) in The Matrix.Beeld Warner Bros
In ongeveer die woorden ging het in The
Matrix, de legendarische sciencefictionfilm waarin (spoiler
alert) de werkelijkheid een enorme computersimulatie blijkt.
Hoofdpersonage Neo kiest voor het konijnenhol, neemt een rode pil en
wordt ruw wakker in een andere werkelijkheid: een wereld waarin
robots de macht hebben gegrepen en mensen zijn ondergedompeld in een
computer-gegenereerde, niet van echt te onderscheiden
droom.
Sciencefiction natuurlijk. Maar opmerkelijk genoeg wél
een idee dat ook in de academische wereld steeds wijdere kringen
trekt. In New York was The Matrix onlangs gespreksthema van een
publieksdebat met prominente natuurkundigen zoals Max Tegmark, Lisa
Randall, James Gates en Neil deGrasse Tyson. In Washington baarden
drie fysici opzien met een technisch vakartikel over de 'grenswaarden
aan het heelal als numerieke simulatie'. En in een curieus
expertrapport signaleerde de Bank of America Merrill Lynch afgelopen
herfst dat de kans 20 tot 50 procent is dat de mens leeft in 'een
fotorealistische 3D-simulatie'.
Alles om u heen, een illusie van bordkarton. Misschien is het
beter als u even een slokje water neemt. Want als je weet waar je
moet kijken, en je kijkt goed, kun je de kiertjes zien zitten.
'Ik
kan me best voorstellen dat iemand zegt: we zien hier aanwijzingen
van een computersimulatie', zegt in Nijmegen hoogleraar
radioastronomie Heino Falcke. 'De denkstap valt te verenigen met wat
we nu denken te weten over het heelal', zegt natuurkundejournalist
George van Hal van New Scientist, die zowel een boek schreef over de
wetenschap achter sciencefiction als een over de hogere natuurkunde
van de kosmos.
Theoretisch fysicus Erik Verlinde (UvA) begint
zijn voordrachten tegenwoordig zelfs vaak met een plaatje van de
befaamde dwarrelende groene kriebeltekentjes uit The Matrix. 'Ik
geloof wel dat we uiteindelijk zijn opgebouwd uit informatie', zegt
hij. 'En dat de werkelijkheid zoals we die zien daarvan is afgeleid.
En dan kun je je terecht afvragen: zijn we hier nou aanwezig, ja of
nee?'
De denkstap valt te verenigen met wat we nu denken te weten over het heelal
Natuurkundejournalist George van Hal
Die vraag is zo oud als de mensheid zelf. Al in de 4de eeuw voor
Christus overwoog Plato of de wereld misschien de slagschaduw is van
een of andere hogere, 'echtere' wereld; en in China vroeg Zhuangzi
zich rond diezelfde tijd filosofisch af of hij droomde dat hij een
vlinder was, of een vlinder die droomde dat hij Zhuangzi was.
In
recentere tijden begon dat idee ook door te lekken naar de
natuurkunde. Geen wonder: fysici zitten immers met een heelal vol
geestverruimende zaken zoals onzichtbare krachten, ongrijpbare
deeltjes en in zichzelf opgerolde dimensies. Een heelal, dat allang
niet meer is te snappen met het boerenverstand, maar waarmee de
rekenregels van de wiskunde wonderlijk genoeg wél uit de voeten
kunnen.
Dat is meteen al de eerste aanwijzing: waarom wiskunde? Een heelal
met mooie rechte muren waarlangs je een meetlat kunt leggen, het
lijkt hier verdorie wel een kunstmatig ding. Of neem de
natuurconstanten, de vaste 'kengetallen' zoals de lichtsnelheid of de
gravitatieconstante die de basis vormen onder de natuurkunde. Veel
van de constanten lijken precies goed 'ingeregeld' om ons heelal
mogelijk te maken, constateerden vele, vaak religieus ingestelde
kosmologen nadat astronoom Fred Hoyle er in de jaren vijftig als
eerste op had gewezen. Raar. Waarom zou dat zo zijn?
Het was
de Brits-Zweedse filosoof Nick Bostrom die tien jaar geleden de
hypothese nieuw leven inblies en hem cultstatus gaf. In vakblad
Philosophical Quarterly opperde Bostrom dat het zelfs waarschijnlijk
is dat we in een simulatie leven. In de verre toekomst zullen onze
nakomelingen ongetwijfeld geavanceerde, niet van echt te
onderscheiden computersimulaties maken, redeneerde hij. Die
simulaties zullen de wereld nabootsen, zoals Civilization en The Sims
dat ook al doen. En dat betekent dat we, statistisch gezien, 'zo goed
als zeker in een simulatie leven'. In een wereld waar iedereen
massaal computergames speelt, is de kans dat je een digitale Mario
bent immers veel groter dan dat je een échte Mario bent.
Veel natuurconstanten lijken precies goed 'ingeregeld' om ons heelal mogelijk te maken. Raar
Ook in de kosmologie is er een heropleving. Altijd al waren er
kosmologen die het heelal voorstellen als een eindeloze
opeenstapeling van pixelachtige blokjes, schetst theoretisch fysicus
Gerard 't Hooft (Universiteit Utrecht). 'En de achterliggende
gedachte, dat je het heelal kunt opvatten als een soort rooster
waarin de punten beïnvloeden wat hun buur doet, is ook helemaal niet
zo gek.'
Inmiddels, signaleert Verlinde, maakt de theoretische
natuurkunde een omslag van klein naar groot. 'De 20ste eeuw was de
eeuw van het reductionisme, waarbij alles uit deeltjes en krachten
moest bestaan. Maar de taal van de 21ste eeuw is een heel andere',
zegt hij. 'We zijn anders aan het nadenken, hebben het over
verbondenheid en over emergente eigenschappen die spontaan uit de
losse onderdelen tevoorschijn komen. Dat maakt de aandacht voor
projecties en computersimulaties misschien een teken des tijds.'
Je kunt ook prima rekenen aan elektromagnetische velden, zonder dat iemand ooit veldlijnen door zijn huis ziet lopen
George van Hal
Zelf hoort Verlinde tot de groeiende stroom natuurkundigen die
meent dat je het heelal het beste kunt beschrijven als opgebouwd uit
informatie. Nullen en enen, ook de zwarte lege ruimte bestaat eruit,
het hele heelal is informatie. Het is uit het gewriemel en gekronkel
van die nullen en enen dat de natuurkunde opdoemt, denkt hij. En dat
opdoemen gaat nogal letterlijk: als een hologram, omdat de nullen en
enen een met elkaar 'verstrengeld' weefsel vormen dat voortdurend
informatie doorsluist van en naar de rand van het heelal. 'Zodat
alles wat zich in het universum afspeelt een soort afspiegeling is
van wat er gebeurt op een schil aan de buitenkant', zegt hij.
En
ja, daar snappen gewone mensen natuurlijk niets meer van en begint de
grote spraakverwarring, denkt onder meer Van Hal. 'Het gaat in de
natuurkunde vooral om die wiskunde. Als we het zus en zo opschrijven,
werkt het beter', zegt hij. 'Je kunt ook prima rekenen aan
elektromagnetische velden, zonder dat iemand ooit veldlijnen door
zijn huis ziet lopen.'
Tekst gaat verder onder de foto.
Beeld
Aïsha Zeijpveld
Verwarrend dus dat het woord 'hologram' onmiddellijk associaties
oproept met... nou ja, 3D-projecties. Nep. Toen de Grieks-Britse
fysicus Kostas Skenderis vorige maand bewijs presenteerde dat het
heelal kort na de oerknal uitstekend valt te beschrijven als
hologram, spraken de nieuwskoppen boekdelen: het eerste bewijs dat
ons universum een hologram is! 'Hier stuit je echt op een van de
grotere vragen die we aan het stellen zijn', vertelt Verlinde.
'Kunnen we wat we zien in de ruimte opvatten als echt of niet? Ik
denk eerlijk gezegd dat we het antwoord nog niet hebben
gevonden.'
't Hooft, die het holografisch principe in de jaren
negentig introduceerde, benadrukt dat het hologram vooral een soort
boekhoudkundige truc is om de natuur te beschrijven. Op zeer kleine
schaal, veel kleiner dan een atoom, blijken ruimte en tijd namelijk
niet meer spiegelglad, maar begint de ruimtetijd te krommen, als
krullende golfkoppen op een stormachtige zee. Om die zee te overzien,
is het nuttig hem van bovenaf te bekijken - alsof het een plat vlak
is.
'Dat was het idee van holografie', schetst 't Hooft. 'Het
is gewoon een efficiënte manier om de werkelijkheid te beschrijven.
En hoewel er een beetje een waas van geheimzinnigheid omheen hangt,
is dat idee bruikbaar in allerlei modellen. Eigenlijk in alle
situaties waarbij je merkt dat een theorie in een lager aantal
dimensies wiskundig gezien een getrouwe afspiegeling is van die
theorie in een hoger aantal dimensies.'
Holografie is gewoon een efficiënte manier om de werkelijkheid te beschrijven
Theoretisch fysicus Gerard 't Hooft
Zo denken ze er ook over bij het Holometer-experiment in de VS.
Terwijl de Holometer een zekere cultstatus verwierf in de
nerd-o-sfeer van sciencefictionliefhebbers en toekomstmijmeraars,
brachten de eerste metingen nog niet de gehoopte quantumgruizigheid
aan het licht die zou kunnen duiden op een projectie. Maar zelfs als
die korreligheid wél opduikt, is onduidelijk wat dat precies
betekent, benadrukt Fermilab op zijn website.
Daar staat het
als de bijsluiter bij een financieel product: 'Als fysici zeggen dat
het heelal in het echt tweedimensionaal is, betekent dat nog niet dat
de derde dimensie niet bestaat. Bovendien impliceert de gedachte dat
ons driedimensionale heelal op de een of andere manier is gecodeerd
in twee dimensies nog niet dat er iets of iemand is die de illusie
projecteert of de simulatie draait.' Ook 't Hooft gelooft niet dat we
een afspiegeling zijn. 'Juist het tegenovergestelde: ik denk dat we
heel concreet in een driedimensionale structuur leven', zegt hij.
En de nullen en enen? Die informatie waaruit het heelal voortkomt
- wat ís dat precies? Verlinde zet de knop van de natuurkundige
weirdheid nog een tandje hoger: 'Als ik microscopisch denk, dan denk
ik dat de bouwstenen van het universum vergelijkbaar zijn met wat je
een quantumcomputer kunt noemen. Maar dan op een vreselijk kleine
schaal. En de werkelijkheid die we zien is daarvan afgeleid. Of we
zijn het gevolg van een of andere ingewikkelde berekening.'
't
Hooft ziet het universum als een soort meerdimensionale
superspreadsheet van getallen die voortdurend op elkaar inwerken,
'als het rekenboek van een superwiskundige', zoals hij verwoordt. 'Ik
kan me een nog extremere visie op ons heelal voorstellen: misschien
ís het heelal niets anders dan de wereld van getallen, met al hun
bijzondere eigenschappen', stelt hij. 'Getallen geven hun
eigenschappen door aan andere, nog grotere getallen, via de wiskunde.
Het zou zomaar kunnen zijn dat de getallen op zichzelf een heelal
vormen. Ons heelal? Het lijkt me denkbaar, maar echt begrijpen doen
we dit nog helemaal niet.'
Dat doet toch al aardig denken aan
de slierten computercode uit The Matrix. Van Hal drukt zich
behoedzaam uit: 'Ik weet het gewoon niet. En bewijs het maar eens.
Waar staat die quantumcomputer waarop de simulatie zou draaien
eigenlijk?'
Waar staat die quantumcomputer waarop de simulatie zou draaien eigenlijk?
Uit de simulatietheorie spreekt een grote heilsverwachting voor de technologie, zoals men die vroeger verwachtte van God of Jezus
Hoogleraar radioastronomie Heino Falcke
'Een miljard tegen één', zo schatte Tesla-oprichter Elon Musk
afgelopen zomer in een voordracht de kans dat we in een computergame
leven. En hij is de enige niet. Vooral in Silicon Valley is er sprake
van een heuse 'obsessie met de simulatiehypothese', noteerde The New
Yorker. Redacteur Tad Friend sprak zelfs twee miljardairs die de hulp
van de wetenschap hebben ingeroepen om ze uit de simulatie te
bevrijden. 'Helaas heb ik moeten beloven hun namen geheim te houden',
mailt Friend desgevraagd.
Maar ja, ons hele universum als een
technische gadget - waar anders dan in Silicon Valley kun je
verwachten dat zo'n idee aanslaat? 'Uit die simulatietheorie spreekt
een grote heilsverwachting', signaleert Falcke. 'Een heilsverwachting
voor de technologie, zoals men die vroeger verwachtte van God of
Jezus. Zelfs op datzelfde spirituele niveau.'
Tekst gaat
verder onder de foto
Het windmolenstelsel.(Wikipedia)
En zoals ook bij God het geval is: bewijs maar eens dat we écht
in The Matrix leven. Hoogleraar wijsgerige antropologie Jos de Mul
(Erasmus Universiteit Rotterdam) begint over Ockhams scheermes: roep
niet allerlei verklaringen aan die helemaal niet nodig zijn. 'Als het
gras groeit, kun je daar ook allerlei bovennatuurlijke verklaringen
voor bedenken. Maar waarom zou je?'
Bovendien is er ook wat
tégen de simulatie in te brengen. 'Je zou een computer nodig hebben
die groter is dan het heelal', zegt 't Hooft. 'Dat moet dus gebeuren
in een ander heelal, eentje dat groter is dan het onze. Ik heb enige
moeite om mij dat voor te stellen.'
Raar is ook dat onze
werkelijkheid nergens compressie lijkt te bevatten, zoals je in games
ziet: je zoomt in op een verre ster, om te ontdekken dat het gewoon
wat losse pixels zijn, opgehangen ter decoratie. Misschien is dat wel
het beste argument tégen de Grote Simulatie, vindt Verlinde: de
werkelijkheid is te perfect. 'In de film The Matrix zag je op een
gegeven moment een kat een stukje verspringen: een hapering! Maar in
werkelijkheid word je nou nooit eens wakker om te ontdekken: hee, ze
hebben de verkeerde dag gestart.' Zo'n foutje lijkt hem het
overtuigendste bewijs voor een simulatie: 'Dat er iets onverwachts
gebeurt. Een soort foutmelding. Als we in een simulatie leven, is de
code wel érg goed geschreven.'
Officieel is The Matrix een gevalletje 'brein in een vat'. Dat is een filosofisch gedachtenexperiment, waarbij een echt bestaand brein een nepwerkelijkheid krijgt voorgeschoteld door het aan te sluiten op een simulatie. Een 'echte' gesimuleerde werkelijkheid komt volledig uit de computer: deeltjes en atomen zijn dan opgebouwd uit een of andere exotische omzetting van informatie naar tastbare materie.
Misschien wel het beste argument tégen de Grote Simulatie: de werkelijkheid is te perfect
Ontoetsbaar, onkenbaar, geen wetenschap meer. Een 'leuk
gedachtenexperiment', zegt De Mul, 'niet natuurwetenschappelijk te
onderzoeken', vindt Falcke. 'Een fantastisch idee dat erg op
speculaties berust', constateert 't Hooft.
Of wacht. In elk
geval één onderzoeksgroep denkt daar nadrukkelijk anders over.
Misschien is de simulatie wel degelijk te kraken, door te kijken naar
het gedrag van langsrazende kosmische deeltjes, oppert de Amerikaanse
fysicus Silas Beane samen met twee collega's in alweer een vakartikel
dat wereldwijd Matrix-achtige nieuwskoppen opleverde. Een
computersimulatie zal op heel kleine schaal immers een onderliggend
rooster hebben, zoals millimeterpapier op een tekentafel. En
hoog-energetische kosmische deeltjes zouden die structuur
blootleggen: ze zullen de neiging hebben om de lijntjes te volgen,
'op een manier die de structuur van het onderliggende rooster
reflecteert', aldus de drie in Physical Review Letters. 'We hebben
nog veel meer gegevens nodig', zei Beane op een presentatie in
Californië. 'Maar als de simulator eindige bronnen heeft, zou zo'n
effect er moeten zijn.'
De grote simulator, verraden door zijn
ruitjespapier. Misschien moet u het glaasje water toch nog even bij
de hand houden.
Of het nu gaat om vallende appels of de beweging van het elektron: met de juiste natuurkundige vergelijkingen is het heelal prima te behappen. Dat is ergens ook raar. Waarom 'klopt' het heelal zo goed? Alsof het universum is uitgetekend op het millimeterpapier van de wiskunde.
Fysicus Gerard 't Hooft.Beeld Joost van den Broek / de Volkskrant
Uit de natuurkundevergelijkingen volgen zo'n 26 onveranderlijke, vaste, 'dimensieloze' getallen, zoals de massa van het elektron of de lichtsnelheid. Veel zouden problemen geven als ze groter of kleiner waren: atomen zouden instabiel zijn, sterren te kort leven. Dat kan betekenen dat er nog veel meer heelallen zijn, met iets anders afgestelde constanten. Of heeft iets of iemand ons heelal ingeregeld?
Een bizarre en controversiële bewering van de vooraanstaande theoreticus James Gates van de Universiteit van Maryland: verstopt in de vergelijkingen van de snaartheorie vond hij, in zijn woorden, 'foutcorrecties zoals je die ook hebt in een browser'. De correcties zouden de werkelijkheid stabiliseren. Huh?
De kleinste lengteschaal in het heelal is de zogeheten Plancklengte, 10 tot de min 35ste meter. Maar als het heelal een projectie is, zou die schaal een stuk minder miniem moeten zijn - ongeveer zoals een projector pixels uitvergroot. In diverse experimenten zoekt men daarom naar zulke 'hologrampixels'.
Theoretici merken de laatste jaren dat allerlei wiskundige begrippen uit de informatietheorie van pas komen ter verklaring van raadselachtige zaken uiteenlopend van donkere materie tot het schijnbare informatieverlies in zwarte gaten. Is het gewoon een teken des tijds dat uitgerekend onze generatie computerachtige eigenschappen in het heelal herkent, of zit er meer achter?
Column Bert Wagendorp
Bert Wagendorp 12 augustus 2024
Op de voorlaatste dag van de Spelen werd mijn beeldschone eerste kleindochter Pippa geboren. Misschien blijkt dat over 24 jaar een veelzeggend moment te zijn geweest. Wie is geboren tijdens de tegen die tijd legendarische Spelen van Parijs, waarin Nederland de sportgrootmachten Groot-Brittannië, Italië en Duitsland achter zich liet in het medailleklassement, draagt vanzelfsprekend iets met zich mee: er hangt dreiging in de lucht. Haar vader is ook nog een zwartebandjudoka die heeft aangekondigd dat hij Pippa zo rond haar derde verjaardag de eerste lessen valtechniek zal bijbrengen en dan belandt zo’n kind al snel in een topsporttraject.
De afgelopen twee weken vroeg ik me af of een mens daar wel gelukkig van wordt. Ik heb het niet geturfd, maar ik heb tijdens zestien dagen topsport meer dromen gebroken zien worden dan levenslange ambities in vervulling zien gaan. Topsport heeft als nadeel dat achter elke zege altijd meerdere nederlagen zitten. De lach van de winnaar kan gemakkelijk worden verdronken in de tranen van de verliezers.
Onze Pippa doet straks hoopvol mee aan het NK voor 4- en 5-jarigen en ik ga heus wel op de tribune zitten, maar ik hou mijn hart vast. Ik heb genoeg topsport gezien om te weten dat frustratie en verdriet onlosmakelijk deel uitmaken van elke carrière en dat er lang niet genoeg eremetaal beschikbaar is om dat te compenseren. Ze zeggen dat topsport je vormt voor de rest van je leven, en inderdaad zag ik de afgelopen dagen opmerkelijk veel narcistische types met een misvormd zelfbeeld door het beeld schuiven. Zeker, 6,25 meter met de polsstok is knap, maar je blijft toch een verticale fierljepper.
Het is natuurlijk bewonderenswaardig dat een atleet de mooiste jaren van zijn of haar leven offert op het altaar van de medaillespiegel. Ik wist niet dat die ranglijst verreweg de belangrijkste van de Spelen is, maar toen zelfs het Achtuurjournaal ermee opende kon ik er niet meer omheen: we hadden de Duitsers achter ons gelaten! Het bleek één grote landenwedstrijd te zijn geweest. En wij, dat kleine Nederland, waren het zesde topsportland ter wereld! Leve Ons.
Topsport is geen methode om landen te rangschikken maar amusement – en niets anders. Je zou het niet zeggen wanneer je de commentatoren hoort en de atleten na afloop hun zegje doen voor de camera. Topsport vraagt zoveel van een mens dat elke relativering als ongepast wordt gezien. De bloedserieuzigheid spat er steeds vaker vanaf. In het sportieve religieuze systeem heten de goden Femke en Harrie en moeten ze met gepaste eerbied worden aanbeden.
We slepen er graag van alles bij, maar het draait erom dat Sifan Hassan ons een aangename zondagochtend op de bank bezorgt, bij voorkeur door te winnen – als zij wint, winnen wij ook een beetje. Dat lijkt onbetekenend, maar als je een sportieve ochtendmis opvoert voor drie miljoen mensen wordt het andere koek. Dan raakt zelfs een vreemdelingenhater als Geert Wilders in vervoering van een voormalige Ethiopische asielzoekster en begint hij als een bezetene ‘GOUD!’ te twitteren. Topsport heeft z’n hoerige kanten en laat zich graag misbruiken.
De kleine Pippa zij gezegend en God verhoede dat ze ooit in die wereld verzeild raakt.
Over de auteur
Bert
Wagendorp is voormalig sportverslaggever van de Volkskrant,
oprichter van wielertijdschrift De Muur en auteur van
wielerroman Ventoux. Hij schrijft wekelijks een sportcolumn.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich
niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees
hier
onze richtlijnen.
Beeld van 'Milo' voor 'de Groene' , 7 december 2020, originele artikel: --- Hier ---
–
verschenen in
nr. 50
‘Voor niets is de mens meer beducht dan voor de aanraking door iets onbekends’, begint Elias Canetti zijn bij vlagen hypnotiserende betoog Massa en macht, uit 1960. ‘Alleen in de massa kan de mens van deze aanrakingsvrees worden verlost. Het is de enige situatie waarin deze vrees in haar tegendeel omslaat. Hiertoe is een dichte massa nodig, waarin lichaam tegen lichaam gedrukt is; dicht ook in de geestelijke zin.’
Canetti bracht zijn vormende jaren door in Wenen, in de jaren dertig, een stad waarin vooruitstrevend intellectueel leven werd gecombineerd met rabiaat antisemitisme. Hitler werd uiteindelijk met bloemen onthaald, Canetti vluchtte. Het knappe is dat Canetti’s metafoor van de massa abstract genoeg is en in elke plaats en tijd waarneembaar is. De massa is iets anders dan de optelsom van individuen, de massa heeft een andere dynamiek, een verhoogd momentum, is minder tastbaar voor rede, meer voor gevoel. Iedereen die weleens naar een popconcert of een voetbalwedstrijd is geweest herkent dit. In het artikel van Marcel ten Hooven in De Groene wordt Paul van Tongeren aangehaald, die via Canetti’s denken het haperende groepsgevoel van Nederland in de coronacrisis duidt.
Overigens wijdt Canetti ook een hoofdstuk aan epidemieën. Dit doet hij aan de hand van Thucydides, die in de vijfde eeuw voor Christus een pestuitbraak meemaakte in Athene. Mensen stierven als vliegen, begrafenissen verliepen gehaast en chaotisch. Mensen stalen elkaars brandstapels. Zelf werd Thucydides ziek, maar hij genas, waarmee binnen de epidemie een nieuw soort elite ontstond: ‘Men kan zich voorstellen hoe het hun tussen de anderen te moede moet zijn. Ze hebben overleefd, en ze voelen zich als onkwetsbaar.’
Canetti trekt hier een positieve les uit: de genezen mensen zullen met meer mededogen naar de zieken kijken. Thucydides legde het anders uit: de genezen mensen, laat staan de mensen die immuun bleken, zouden zich zo verheven aan de zieken voelen dat ze dachten ook in de toekomst nooit meer aan een ziekte te kunnen sterven.
Tien maanden na de eerste besmetting in Nederland lijkt het meer de kant van Thucydides op te vallen. De superioriteit aan het virus is overal waarneembaar. Verzet groeit, maatregelen worden zichtbaar minder nageleefd. Bepaalde beroepsgroepen (horeca, influencers) geven aan vanaf januari de maatregelen niet meer te willen naleven. Tv-programma’s lijken er een sport van gemaakt te hebben om laatdunkende studenten voor de camera te krijgen die hun schouders ophalen voor het virus. ‘Ik ben jong, mij gebeurt niks, ziek worden de anderen.’ Sommige studenten brengen die beelden overigens zelf naar buiten, zoals een jaarclub van Vindicat – de Groningse studentenvereniging die de afgelopen jaren zo hard heeft gewerkt aan een slechte reputatie dat je zou denken dat ze er studiepunten voor krijgt – waarvan beelden van een stampvolle hossende partybus uitlekten.
De massa komt zijn hol uit, knippert met zijn ogen, komt in beweging. De massa staat nooit stil. De massa kent niet meer de angst van het voorjaar. En ook niet meer het geduld. De massa ziet namelijk iets aan de horizon. Dat het vaccin is aangekondigd voelt aan alsof het vaccin er al daadwerkelijk is. De massa bevrijdt zich, rent roekeloos op die horizon af, met alle gevolgen van dien.
Die dynamiek mag je cru noemen: dat de genezing zo dichtbij is, dat er daardoor een hoop extra zieken, en dus doden, zullen vallen.
![]() |
| Cartoon uit de Groene Amsterdammer, 12 april 2018 |
Stad zonder vrees
![]() |
| Meestercoach Phil Jackson en een van zijn Beste Leerlingen Steve Kerr (Afbeelding van --- Hier ---) |
Basketball speelt een belangrijke rol in mijn leven. Toen ik 14 was zag ik voor het eerst een wedstrijd. Ik zag balkunstenaar Jerome Freeman voor Frisol/Rowic tegen (ik meen) Jugglers spelen; mijn leven was veranderd.
Het duurde nog wel even voor ik lid werd van Frisol/R, toen was 15. Het is niet zo dat Basketball voor mij 'alles' was (of is). Het is wel een belangrijk onderdeel; ik werd 'Basketballer', en dat zal ik blijven voor de rest van mijn leven. Daarbij maakt het niet eens veel uit dat ik zelf niet meer kan spelen; ik was Speler en nu doe ik andere dingen in het Basketball.
Hoe het Nederlandse Basketball reilt en zeilt, telt dus voor mij; het houdt mij bezig en ik zou graag beter zien gaan. Dus wil ik daar mijn steentje aan bijdragen.
Het kan zijn door Kinnesinne, Frustratie, Sensatielust, Domme Onwetendheid, Profileringsdrang, Persoonlijke Aversie, enzovoort; er wordt in en rond het Nederlandse Basketball nogal eens met modder gegooid. Daar baal ik weleens van.
Basketball is een schitterende sport; met voetbal de grootste teamsport ter wereld, spectaculair en een mooie metafoor voor het 'gewone leven'; alles zit erin.
Alleen weten in Nederland slechts relatief weinig mensen dat, en dat is jammer, want de sport Basketball verdient een groter en belangrijker podium in de Nederlandse samenleving.
O.a. daarom schrijf/deel ik, op deze Blog of in mijn column op www.iBasketball.nl .