Posts tonen met het label Bureaucratie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bureaucratie. Alle posts tonen

zaterdag 15 maart 2025

REGELTJESBLINDHEID NBB / VOORBEELD VAN HOE HET NIET MOET / (GEEN) GEZOND VERSTAND: 'Bond verstoort feestje - Virtus geen kampioen vanwege uit competitie nemen Barons'

NBB boort Virtus Kampioenschap door de neus; Edwin Dekkers laat zijn woede even varen en coacht tegen Trajanum. ©Jan Noorlandt
Toevallig liep ik tegen dit bizarre nieuws aan. Na een nachtje slapen denk ik dan "Zo moeilijk is het in dit geval toch niet!?! Dit had de NBB anders op moeten lossen!"

Regels zijn een noodzakelijk kwaad in de sport, en zeker op de manier waarop het Nederlandse Basketball is georganiseerd kan je er niet buiten...

Maar dat wil nog niet zeggen dat 'de Regels altijd precies voorschrijven hoe in een situatie gehandeld zou moeten worden, ook al lijken ze dat soms wel te doen...'

We zitten op het einde van de reguliere competities, en belangrijke beslissingen -over wie Kampioen wordt of juist Degradeert, over wie kan Promoveren, en hoe graat de kansen daarop zijn bijvoorbeeld- vallen in deze weken.

Zo ook in de twee Eerste Divisies van het Nationale Mannen Basketball... In die klasse gaat het er onder andere om wie mag promoveren naar de hoogste klasse van het Amateurbasketball, en dus ook de klasse onder onze professionele League - de DBL. Een klasse dus waarin zeker teams spelen die het basketball (nog een beetje) serieus nemen...

Hieronder een verhaal over Virtus -een club die ook vele jaren Eredivisie speelde, en zelfs weleens de Finale van de Play-Offs haalde- dit seizoen is het Eerste Mannenteam een meer dan aardig team, en is de ambitie niet alleen Kampioen worden, maar ook Promoveren. Het eerste zou afgelopen zaterdag gebeuren, en aangenomen werd ook dat daarmee voordeel zou worden behaald in de strijd om Promotie...of dat uiteindelijk ook het geval is staat nog te bezien, maar daar gaat het hier even niet om...

Je zou zeggen dat de NBB haar competities en taken ook serieus zou nemen, minimaal zo serieus als de betrokken clubs. In eigen ogen doet ze dat wellicht ook juist, maar buiten de door kokervisie geplaagde functionarissen ziet -zo schat ik in- een ieder dat toch een beetje anders....

Ik begrijp dat er regels moeten zijn die ervoor moeten zorgen dat de NBB er ook voor kan zorgen dat er bij de wedstrijden die zij organiseert ook scheidsrechters kan leveren. En ik begrijp -en weet- dat dat vandaag de dag geen sinecure is. Over hoe dat werkt kunnen we nog weleens een boom opzetten, maar daar gaat het nu even niet over; er zijn regels, en die zeggen dat als een club niet aan haar verplichtingen voldoet, de NBB -uiteindelijk- teams uit de competitie kan halen. En dat is precies wat zij heeft gedaan; in de Eerste Divisie waar Virtus Werkendam speelt, bleef Barons Breda in gebreke, en werd dus door de NBB uit de competitie gehaald. Het belangrijkste gevolg daarvan is dat Barons de eerste Degradant is uit de Eerste Divisie. Tot zover is er niets aan de hand...

Dat de NBB dit soort maatregelen pas na diverse waarschuwingen en pogingen het probleem anders op te lossen neemt is alleen maar te prijzen. Deze zaak speelt dus waarschijnlijk al geruime tijd.

En dat er ook binnen de NBB situaties kunnen ontstaan waardoor de Bond -vooral bezet door vrijwilligers op allerlei belangrijke posten- haar eigen door de regels vereiste termijnen en minimale eisen wat betreft goed communiceren en zindelijk denken niet haalt, zelfs daar kan je -als je wat afstand neemt, en die heb ik- begrip voor opbrengen...

Maar het is onbegrijpelijk dat er binnen het hele apparaat van NBB-bestuurders en Professionals -het Bureau- en Vrijwilliger-functionarissen niemand is die door heeft dat -als je zelf dusdanig in gebreke bent dat je een beslissing die al begin februari is genomen niet af kunt wikkelen ruim voordat de laatste en beslissende wedstrijden in een competitie worden gespeeld- je niet, als gevolg van dat eigen falen, de rekening de dag voor de Kampioenswedstrijd van een niet in de zaak betrokken vereniging kan leggen. Dat je dan niet even tot bezinning komt en begrijpt dat er in deze situatie iets heel anders had moeten gebeuren...dat is onbegrijpelijk en onvergefelijk!

Want afgelopen weekend was de gehele competitie gespeeld, inclusief alle wedstrijden van Barons Breda. Virtus was de ploeg die het Kampioenschap had behaald. Dat kan je als zichzelf serieus nemende Bond niet een dag van tevoren ongedaan maken; dan diskwalificeer je jezelf volledig.

Je had een probleem met Barons; die club moest worden aangepakt, en dat doe je door ze uit de competitie te halen... Barons is dus de eerste degradant. Maar daarmee maak je niet een heel competitieseizoen ongedaan; al die wedstrijden zijn gespeeld, er is een Kampioen. Dus was er geen enkele noodzaak om alle wedstrijden van Barons te schrappen...

Dus wordt Virtus Werkendam door blinde regelzucht een Kampioenschap door de neus geboord, door een NBB die in dit geval niet in staat was tot zindelijk nadenken, maar koste wat het kostte meende een maatregel van A-tot-Z te moeten toepassen. En daarmee, voor de zoveelste keer, haar eigen blazoen -maar die van het hele Nederlandse Basketball erbij- onnodig besmeurde...

Jammer...heel erg jammer!

AART DEKKER


Bond verstoort feestje


Virtus geen kampioen vanwege uit competitie nemen Barons





Vrijdagavond om zeven uur, precies 24 uur voor aanvang van wat een feestwedstrijd had moeten worden, werd Virtus-coach Edwin Dekkers door de NBB geïnformeerd dat waarschijnlijk Dreamfield Dolphins kampioen zou worden. Dit heeft te maken met nalatigheid van het Bredase Barons. Deze club heeft door het seizoen heen regelmatig verzuimd verenigingsscheidsrechters aan te stellen bij wedstrijden. Dat leidde tot een conflict met de NBB Rayon Zuid.
Op 12 februari volgde een verzoek van het 'rayon' richting het bondsbureau in Utrecht om Barons uit de competitie te halen. Barons tekende een week later beroep aan. Pas acht weken daarna, op 12 april, deed de beroepscommissie uitspraak. Barons werd uit de competitie genomen en al hun uitslagen werden geschrapt.

Verbazing

Wat Dekkers het meest verbaast, is dat de NBB niet in staat is geweest een dag later de betrokken clubs te informeren. ,,Het resultaat is dat wij in de stand zijn bijgehaald door Dolphins, dat één keer verloor van Barons en dus twee punten minder inlevert dan wij. Omdat wij het in het onderlinge resultaat over twee duels afleggen tegen Dolphins, zijn zij nu nummer één in de eindstand.''
Dat heeft verstrekkende gevolgen, want in de Final Four speelt de nummer één uit de eerste divisie A, het sterke Zeemacht uit Den Helder, nu zaterdag in Werkendam tegen Virtus. Indien Virtus kampioen in de eerste divisie B was geworden, had het Zeemacht, dat tot zaterdag alle wedstrijden won, ontlopen en was Landstede Zwolle de tegenstander geworden.

Stoom

Bij Dekkers kwam zaterdagavond nog steeds stoom uit zijn oren. ,,Ik heb vrijdag direct contact gezocht met Jelle Witvoet, vice-voorzitter van de NBB, met arbitrage en juridische zaken in zijn pakket. Ik verwijt hem niet eens deze beslissing, maar wel de timing. Ik werk al weken met mijn team naar deze dag toe. Als wij eerder op de hoogte waren gesteld hadden wij er alles aan gedaan om het gat met Dolphins op vier punten te houden en was er zaterdag wel een bescheiden feestje gevierd. Bescheiden, omdat wij ook nog eens het overlijden van onze oud-voorzitter Chris van der Wiel, te verwerken kregen.''
Virtus won met 100-53 van Trajanum en speelt nu zaterdag thuis om 19.00 uur tegen Zeemacht. Virtus-center Niels Plieger zag toch ook positieve kanten. ,,Binnen ons team is nu zoveel adrenaline, waardoor wij zaterdag vol voor een goed resultaat gaan en wij een week later in Den Helder mogelijk alsnog naar de promotiedivisie promoveren.''
River Trotters beëindigde het seizoen met een zege op het onverslaanbaar geachte Zeemacht: 86-82. Gillian Boldewijn scoorde 33 punten voor Trotters, dat overweegt voor volgend seizoen een licentie voor de promotiedivisie aan te vragen.

Virtus, dat al weken toewerkte naar die laatste wedstrijd in De Crosser, beleefde zaterdag een anticlimax. Tegen Trajanum konden de Werkendammers het kampioenschap van de eerste divisie B binnenhalen. De basketbalbond stak daar echter een stokje voor.






donderdag 3 augustus 2023

SHARTIE AART DEKKER / HET BLIJFT LASTIG...UITLEGGEN / BUREACRATISCHE HEL NLD: 'De moker en de fraude' / N.A.V. NRC-RTD-COLUMN SHEILA KAMERMAN / SCHOT-CARTOONS & ERASMUS WETENSCHAP COLUMN 'De toeslagenaffaire is ook het gevolg van...Zerotolerancebeleid'

Cartoon overgenomen van Erasmusmagazine.nl  'De Toeslagen-affaire...' ,(DUO-affaire, e.v.a. 'Schandalen van Rutte') 

Cartoon Bas vd Schot, meer Bas van der Schot voor bijv. de Volkskrant   ---  Hier  ---

*

SHARTIE AART DEKKER / HET BLIJFT LASTIG...UITLEGGEN

DE BUREACRATISCHE HEL NEDERLAND BESTAAT!

N.A.V. NRC-RTD-COLUMN SHEILA KAMERMAN

SCHOT-CARTOONS & ERASMUS WETENSCHAP COLUMN

'De toeslagenaffaire is ook het gevolg van...Zerotolerancebeleid' 

De een noemt mij 'Van het padje...', een ander meent mij te moeten verketteren of uitkafferen, maar gelukkig krijg ik ook regelmatig  - veelal via persoonlijke berichten; niet iedereen durft dat openbaar... -  bijval in de trend van 'Precies! Zoals jij het opschrijft is het...beleef ik het ook...zie ik het anderen overkomen...' En dan denk ik weer: 'Zie je...snaar geraakt; blijkbaar ook aardig het  - al dan niet genuanceerde; daarover verschillen dan dus de meningen -  midden gevonden.' 

Want het blijft lastig; om in het gefragmenteerde Nederland iedereen in een keer bereiken.
Het blijft lastig om aan meer geprivilegieerde mensen uit te leggen hoe het is om:
- Toeslagenslachtoffer,
- Uitkeringstrekker,
- Bijstand-overlever, 
- Chronisch zieke,
- Onterecht door een van de 'Algoritmen van Rutte' of een overijverige ambtenaar 'Getargete' persoon te zijn...als je moet vechten tegen de ambtelijke molens...dan ben je vaak zo goed als kansloos!

Ik zou hier nog talloze getypeerde groepen aan toe kunnen voegen, maar de hierboven genoemde categorieën  bevatten al honderdduizenden mensen die stuk-voor-stuk ervaren (hebben) dat het kwaad kersen eten kan zijn/is met een overheid  - en vlak ook de grote, net zo bureaucratische, bedrijven als de grootbanken en andere molochs die zich bij voorkeur onbereikbaar houden achter websites zonder telefoonnummers, Chatbots en, mocht je dan toch na veel zoeken een telefoonnummer vinden, Call-centres waar mensen zitten die veelal tot taak hebben mensen vriendelijk doch beslist af te poeieren, niet uit! - die mensen/klanten vooral als nummers, dossiers of te plukken cash-cows zien. Dus het lijstje uitbreiden zodat het de/enkele) miljoenen mensen 'aan de onderkant' betreft die met dit soort verschijnselen omvat dient slechts de volledigheid, maar voegt kwalitatief weinig toe...
 
Ik behoor ook tot die groep  - loop mezelf regelmatig compleet te pletter tegen al die bureaucratische onwil, onmacht, onverschilligheid, of zelfs regelrecht kwade wil -  maar ik ben dan nog in staat om een en ander redelijk te verwoorden, en  - al zakt de moed me steeds vaker in de oververmoeide schoenen -  om terug te vechten, mocht ik eens wat energie te besteden hebben...dus kruip ik regelmatig maar weer achter mijn van ouderdom krakende laptopje in de hoop dat mijn stukje tenminste een persoon bereikt waar een kwartje valt, die wellicht denkt ' Oh, zit het zo? Misschien heeft' ie wel gelijk; ik ga er wat aan doen...' Of anders tenminste iemand die zich herkent, en denkt: 'Ok, ik ben dus niet de enige...' Ik leg de lat der verwachtingen niet hoog; ben tevreden als het het minimale effect heeft van een persoon voor/bij wie het een heel klein beetje werkt of helpt...

Maar er zijn professionele schrijvers/journalisten/columnisten die ervoor betaald worden, wellicht veel meer gezag hebben dan ik, of in ieder geval de kust van het puntig verwoorden beter beheersen dan ik, dus daarom deel ik...opdat de boodschap (nog) beter overkomt...

...bijvoorbeeld de onderstaande Column van...

(AD)

*

Sheila Kamerman

 



 

 

De moker en de fraude

Het kleine garagebedrijf van Aad Mostert zit al 28 jaar op dezelfde plek in Rotterdam-Crooswijk. Volkswijk. Smalle straten. Vaste klantenkring, altijd veel reparatiewerk. Maar er is een schaduwkant. En dat is parkeerbeheer. Soms staat er éven een auto voor de garage met twee wielen op de stoep, als er geen parkeervak vrij is. Een klant die zijn auto brengt, een auto die zó wordt nagekeken, een auto voor de verkoop die net is opgehaald. Een auto die je dadelijk gaat repareren, zet je niet twee straten verderop. Trouwens, in 28 jaar heeft er nog nooit een buurtbewoner geklaagd. Aad: „Ze lopen er omheen.”

„Sorry mevrouw.”

„Geeft niets hoor, meneer.”

De handhavers van parkeerbeheer lopen er niet omheen. Aad Mostert draait zich om. Hup een prent.

Vier keer heeft hij die foutparkeerboete voor de rechter laten komen en vier keer heeft hij gewonnen. Maar dat doet hij niet meer. Een bezwaarschrift schrijven, zitting voorbereiden, naar de rechtbank gaan, het kost hem bij elkaar een dag tijd en dat is geld. Toch maar betalen is goedkoper.

Tot kort geleden, zegt hij, kon je naar de gemeente bellen. Dan kreeg je een mevrouw aan de lijn. Het lukte soms om het met haar op te lossen. „Oh, u bent garagehouder!” Dan trok ze de boete uit de stapel en verscheurde die. Dat kan niet meer. Ze moet zich strikt aan de regels houden. Ze zijn bang voor fraude. Dat vertelde ze hem zelf. Nu betaalt hij de boete. En heeft hij zin om met een moker de parkeerpaal kapot te rammen, maar hij doet dat niet.

Wie verlangt niet naar iemand die je kan bellen, die luistert en die iets dóét? Hoe vaak draai je niet als een carrousel in de klantenservice, verlies je je decorum in het keuzemenu, om dan waanzinnig te worden van het wachtmuziekje?

We zijn het land geworden van ‘red jezelf’. Maar wel met méér in plaats van minder regels.

Aad Mostert redt zich wel, al denkt hij na een boete weleens aan stoppen. Echt wanhopig worden mensen die afhankelijk zijn. Een vriendin vertelde dat veel leden van haar patiëntenvereniging best een aantal uur of een aantal dagen per week kúnnen werken. En ook dolgraag willen. Maar ze durven niet. Zelfs vrijwilligerswerk doen, vinden ze eng.

Want áls er ook maar iets misloopt in de krochten van het uitkeringssysteem. Of nog erger: als er (onterecht) fraude wordt vermoed, dan zijn ze snel hun uitkering kwijt. En zonder kunnen ze door hun ziekte niet leven.

Dus zitten ze op de bank.

Met uitkering.

Zonder werk.

Binnen de regels.

Sheila Kamerman vervangt Gemma Venhuizen tijdens haar vakantie

Een versie van dit artikel verscheen ook in de krant van 19 juli 2023

 


Cartoons overgenomen van Erasmusmagazine.nl  'De Toeslagen-affaire...' ,(DUO-affaire, e.v.a. 'Schandalen van Rutte') Daar nog een derde fraaie Cartoon bij dit thema.

Cartoon Bas vd Schot, meer Bas van der Schot voor bijv. de Volkskrant   ---  Hier  ---

*

MEER Sheila Kamerman in NRC:

Sheila Kamerman

Sheila Kamerman

Sheila Kamerman is redacteur bij NRC en schrijft regelmatig columns

wo · 26 juli 2023

Weg uit dit gekkenhuis

De vakantie-appjes op mijn telefoon komen van zonovergoten eilanden met vreemde namen, all inclusive-hotels, verre bergen. Dolfijnen, koraalriffen, palmbomen, cocktails, crêpes. Iedereen op jacht naar zijn eigen heiligdom.

 

wo · 19 juli 2023

We zijn het land geworden van ‘red jezelf’. Maar wel met méér in plaats van minder regels

Sheila Kamerman sprak met de eigenaar van een klein garagebedrijf, die tijdens het werk regelmatig een boete krijgt voor foutparkeren. Zijn boete aanvechten heeft geen zin, ook al zou hij gelijk krijgen.

wo · 12 juli 2023

Elke vluchteling die komt is gretig

Toen Sheila Kamerman een week lang bivakkeerde in een azc, ontmoette ze conciërge Ali Isiaka. Vrijwel iedereen die in Europa aankomt is gretig, ziet Isiaka: ze wíllen de taal leren. Ze wíllen werken. Maar dat mag niet.

di · 4 april 2023

Dubbel parkeren, telefoneren op speakerstand: tegen zelfbenoemde koningen loop je voortdurend aan

De koning, de koningin, de prinsessen en hun gevolg komen naar Rotterdam om Koningsdag te vieren. Nog niet elke Rotterdammer weet dat.

wo · 1 februari 2023

Ik maak een kale rots van je

Ze zit in haar leunstoel voor de televisie. Net als elke avond. Maar nu met de ogen vol tranen. Dat is nooit. Ze was die middag gebeld, vertelt ze.

di · 3 januari 2023

Mildheid voor complotdenkers

De magie van veerkracht zie je als je naar de lange termijn durft kijken, schrijft Sheila Kamerman. Op Oudejaarsavond klonk weer gewoon de somberheid van oude crises, niet over een pandemie.

zaterdag 27 mei 2023

DRUKTEMAKER PIETER DERKS / FLUTTE BUREAUCRATIE: 'Pieter Derks over toeslagenschandaal' / #toeslagenouders #az #geweld #rutte #geduld / PUTIN'S WAR & AZ-HOOLIGANS / #NPO #RADIO-1 /

Pieter Derks over toeslagenschandaal

Pieter Derks

24 mei 2023 #toeslagenouders #az #geweld #rutte #geduld

“Als je echt komt om hier te vechten kan ik je eigenlijk maar één ding adviseren: koop een kaartje voor AZ. Mocht je daar harde klappen krijgen, laat het mij dan weten. Ik ken namelijk iemand die momenteel aan het studeren is voor letselschade advocaat. Die kan over een jaar of tien naar je dossier kijken. Kost je wel minimaal twintig duizend euro. En voor de zekerheid, daar kunnen nog toeslagen bij komen, maar wanneer? Dat is nog volstrekt onduidelijk.” 

Mijn nieuwe column voor De Nieuws BV op NPO Radio 1. 

 

dinsdag 27 augustus 2019

LONGREAD / ONDERZOEK GROENE AMSTERDAMMER SPECIAL REPORT / JEUGD & ZORG: 'Systeemgeweld in de jeugdzorg - De slachtoffers van morgen'

Systeemgeweld in de jeugdzorg

De slachtoffers van morgen

Het rapport van de commissie-De Winter over decennia van fysiek en psychisch geweld in de jeugdzorg moet de politiek alarmeren. Want nog steeds is er sprake van verwaarlozing. Nu door ernstig bureaucratisch onvermogen.

De Jonge en Dekker namen in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag het eindrapport in ontvangst van de Commissie Onderzoek naar Geweld in de Jeugdzorg. Een ongemakkelijk verhaal, zo vatte commissievoorzitter Micha de Winter, hoogleraar pedagogiek aan de Universiteit Utrecht, het rapport samen, want gedurende de twintigste eeuw was een groot deel van de aan de overheid toevertrouwde kinderen aan de niet zelden aan sadisme grenzende willekeur overgeleverd van mensen die hun veiligheid, vertrouwen en bescherming moesten bieden.

Er is de nodige publiciteit over geweest, maar echt heel verrassend waren de bevindingen van de commissie niet. De brancheorganisatie van jeugdzorgaanbieders, Jeugdzorg Nederland, had haar excuses dan ook al klaarliggen voordat het rapport openbaar werd. Er is immers de afgelopen twee decennia een niet-aflatende stroom van verhalen op gang gekomen over misstanden in de wereld van de kinderbescherming, niet alleen in Nederland, maar eigenlijk in alle westerse landen. De rapporten van de commissie-Samson (2012) en de commissie-Deetman (2013) confronteerden ons land met de schokkende feiten dat seksueel misbruik in de jeugdzorg op een aanmerkelijk grotere schaal voorkwam dan ingewijden dat tot op dat moment voor mogelijk hadden gehouden.

Daarmee kwam de deksel van de doofpot en nu velt de commissie-De Winter een snoeihard eindoordeel: het toepassen van geweld is eigenlijk nooit weggeweest uit de jeugdzorg. Was het geen fysiek geweld, dan was het wel psychisch of onderling geweld, waar geen rem op stond. Van de tweehonderdduizend kinderen die sinds de Tweede Wereldoorlog naar schatting onder het beschermingsbewind van de overheid zijn gebracht heeft tien procent vaak tot zeer vaak geweld meegemaakt, slechts een kwart meldt nooit met geweld geconfronteerd te zijn. Dat is een trackrecord dat tot langdurige bescheidenheid zou moeten leiden.

Kinderen bij wie het eten in de mond werd gepropt, ook als het eten zichtbaar bedorven was
Voorzitter De Winter schrijft in zijn voorwoord dat hij de verhalen ‘zo schokkend en zelfs zo buitenissig’ vond dat hij zich ‘aanvankelijk nauwelijks kon voorstellen dat dit echt gebeurd kon zijn’. Kinderen die voor het aanzicht van de hele groep hun natte onderbroek in de mond gepropt krijgen om zo het bedplassen af te leren. Of met de riem afgeranseld werden, elke dag dat het weer gebeurde. Dan wel buiten moesten staan met het laken totdat het droog was. Kinderen bij wie het eten in de mond werd gepropt als zij hun bord niet leegaten, ook als het eten zichtbaar bedorven was.

Klappen, vernedering, opsluiting, isolatie. Het dramatische daarvan was vaak niet eens het geweld zelf, maar het feit dat de kinderen op geen enkele manier ergens gehoor kregen, dat ze in een omgeving die hun veiligheid en warmte had moeten bieden – en waar ze veelal terechtgekomen waren omdat anderen hadden beoordeeld dat hun thuismilieu dat niet kon bieden – dat ze daar op zichzelf, in eenzaamheid werden teruggeworpen en niemand meer hadden. Dat gegeven heeft vele levens langdurig verwoest, daarover laat het eindrapport geen misverstand bestaan.

Bijna duizend ex-pupillen zijn op de radar van de commissie gekomen en hebben hun verhalen verteld. Velen, vaak inmiddels dik de vijftig gepasseerd, deden dat voor het eerst. Al die jaren hebben ze het weggestopt. Ontegenzeggelijk raakt dat ook aan de belangrijkste functie van zo’n onderzoekscommissie: erkenning van de slachtoffers en letterlijk gehoor geven aan hun verhalen. Dat is ook meteen de eerste aanbeveling van De Winter cum suis. Deze kinderen zijn in de steek gelaten, de overheid heeft gefaald en staat bij ze in het krijt.

Of dat tot een ruimere financiële schadevergoeding leidt, daarover deden de ministers geen uitspraken. Daarover zal de komende maanden zeker nog het nodige te doen zijn. Tot nu toe was van ruimhartigheid in deze geen sprake. De Jonge en Dekker beloofden alleen beterschap, zodat ‘de kinderen van vandaag niet de getraumatiseerden van morgen zijn’ (De Jonge) en we ‘rechtdoen aan de slachtoffers van gisteren om de slachtoffers van morgen te voorkomen’ (Dekker).

Het meest dramatische? Dat de kinderen op geen enkele manier ergens gehoor kregen
Maar gaat dat ook lukken? Het eerste wat daarvoor nodig is, is dat de overheid nog eens heel goed reflecteert op haar eigen rol in de geschiedenis. Tot diep in de twintigste eeuw kenmerkte deze zich door een bewuste afzijdigheid. Tot in de jaren tachtig hebben non-interventie, terughoudendheid, niet in de autonomie van instellingen willen treden het overheidsoptreden gekenmerkt. Vanaf de Tweede Wereldoorlog, de periode dus die door de commissie-De Winter uitgebreid is onderzocht, is er door verlichte geesten in de kinderbescherming op aangedrongen om paal en perk te stellen aan het particuliere amateurisme dat in de kinderbescherming welig tierde.

Begin jaren vijftig onderzocht een commissie onder leiding van de hoogleraar Koekebakker 36 inrichtingen en kwam tot een onthutsende conclusie. De medisch-hygiënische verzorging was onvoldoende. De accommodaties lieten te wensen over. Inrichtingskinderen bleken lichamelijk minder goed ontwikkeld dan leeftijdsgenoten die niet in een tehuis zaten. Een ruime meerderheid van het lokale personeel had geen opleiding genoten. Groepsleiders functioneerden vooral als opzichters, als hoeders van orde en rust. Bij voorvallen of spanningen konden zij weinig anders dan overgaan tot harde sancties, straffen, isoleren of het toepassen van geweld. Sterker, hardhandigheden hoorden – dat was de overtuiging van het personeel – bij dit soort jongeren. In de sociale lagen van de samenleving waar zij doorgaans uit afkomstig waren werd geen andere taal gesproken.

De commissie-Koekebakker was zo geschokt dat zij liet weten dat het specialiseren tussen de verschillende vormen van tehuizen (waarover ze advies moest geven) geen zin had als niet eerst de basiskwaliteit op orde zou worden gebracht. Maar veel verder dan wat opleidingseisen voor het personeel kwam dat niet. Uiteindelijk bracht de commissie alsnog in 1959 een advies uit om de kinderbescherming te reorganiseren, maar ook dat bracht in overheidsverband nauwelijks iets teweeg. Elke gedachte aan modernisering en vernieuwing liep stuk op de oerkrachten van de verzuiling, waar zeker in christelijke kringen een diep wantrouwen werd gekoesterd naar alles wat rook naar staatspedagogiek.

Gevolg was wel dat de vele kindertehuizen, Nederland telde er eind jaren vijftig ruim tweehonderd, ongemoeid hun gang konden gaan. Ze werden bestuurd door lokale notabelen voor wie de tradities en gebruiken van hun geloofsgemeenschap belangrijker waren dan de inzichten van de moderne pedagogiek. Het woord van God (‘Wie zijn kind liefheeft, spaart de roede niet’) legde hier doorgaans meer gewicht in de schaal dan de bijbel van Spock, die inmiddels bij normale gezinnen al lang een plaats in de boekenkast had gekregen. Zo kon het internaatsgeweld tot ver in de jaren zestig voortduren. Nergens stond geschreven dat kinderen geslagen, vernederd en gestraft mochten worden, maar niemand voelde zich geroepen om voor deze groep kinderen, veelal afkomstig uit zwakkere milieus, in het krijt te treden. En de overheid keek toe en liet het gebeuren.

Gemeenteambtenaren letten vaak meer op de centen dan op de kinderen
Dat verandert vanaf 1970, als de opstandige tijdgeest ook de kinderbescherming bereikt. Kritische medewerkers brengen Het Roze Pamflet naar buiten, waarin zij de regenteske verhoudingen in de kindertehuizen hekelen, hun beklag doen over de slechte werkomstandigheden en concluderen dat jongeren simpelweg niet geholpen worden in de tehuizen. Ex-pupillen en sympathisanten richten de Belangenvereniging Minderjarigen (BM) op die zich opwerpt als vakbond voor rechteloze tehuisjongeren en zich zet aan een hele reeks zwartboeken en bezettingen om de misstanden, de willekeurige isolatiepraktijken in de inrichtingen aan de kaak te stellen.

Het duurt meer dan tien jaar voordat de BM ook echt als gesprekspartner erkend wordt. Directeuren van tehuizen verbieden de BM simpelweg op hun terreinen in contact te treden met de daar ondergebrachte jongeren. De overheid schuift meer geld naar de tehuizen, er komen psychologen en psychiaters op de loonlijst, maar is er bepaald niet op uit om de particuliere macht van de instellingen te breken. Het blijft een lappendeken aan instellingen, die min of meer hun eigen pedagogische gang mogen gaan. Sterker, als een van de instellingen onder kritiek kwam te staan of er onrecht aan de orde was – zoals dat in Zetten het geval was, waar de BM al in 1974 te hoop was gelopen tegen het isolatie- en medicatieregime van psychiater Finkensieper – was de keuze tussen de leiding van de instelling aan de ene kant en de lastige en moeilijk opvoedbare kinderen aan de andere kant snel gemaakt.

Wat wel veranderde was het interventieregime in de tehuizen. De disciplinering via de roede en de riem werden ingeruild voor groepsgesprekken, individuele behandelingen en medicatie, met de isoleercel als last resort. Het militaire karakter met openbare bestraffingen maakte plaats voor het regime van groepsprocessen. Het geweld verschoof van begeleiders naar onderling geweld tussen de jongeren, zowel fysiek als seksueel. Bovendien werd na het rapport van de commissie-Samson duidelijk dat in de nieuwe een-op-eenrelaties tussen psychiaters/psychologen/groepsleiders nogal eens de grenzen van het seksuele werden overschreden. Kinderen die met liefdeloosheid werden opgevoed werden ertoe aangezet om hun warme en intieme gevoelens met een hulpverlener opnieuw uit te vinden. Dat was weliswaar iets anders dan een knal voor je kop, een openbare vernedering of dagenlang strafcorvee, maar in feite was het een nog intensere vorm van geweld; een die diepe sporen in lichaam en geest achterliet.

En wie niet meedeed, lastig was, tegendraads was of opstandig wachtte nogal eens een rustgevend pilletje of opsluiting in de isoleer. Psychiater Finkensieper gebruikte in deze jaren jonge pubermeiden in de inrichting in Zetten voor farmacologische experimenten met kalmerende middelen. Hij publiceerde erover in erkende tijdschriften. Niemand legde hem een strobreed in de weg. Terwijl in alle lagen van de samenleving zo’n beetje alles democratiseerde en emancipeerde ging dat aan de groep jonge bewoners van instellingstehuizen voorbij.

Kaders voor jeugdzorg zijn niet helder, er is een wildgroei aan hulp, instellingen vallen om
Het is overigens niet zo dat de overheid niets deed. Zij probeerde vanaf de jaren zeventig bestuurlijk greep te krijgen op de uiteenlopende instellingen en tehuizen. Er zette zich een stoet aan werkgroepen, interdepartementale commissies en adviesgroepen in beweging die zich allemaal bogen over andere structuren. Het wegstoppen van kinderen in tehuizen moest tot een minimum worden beperkt, op papier verschenen woorden als ‘regie’, ‘toegang’ en ‘ambulant’. In 1984 nam de regering het standpunt in dat hulp ‘zo dicht mogelijk bij huis, van zo kort mogelijke duur en in zo licht mogelijke vorm’ moest plaatsvinden. Dit ‘zo-zo-zo’-beleid, althans het streven daartoe, werd verder bepalend voor de Nederlandse jeugdzorg, vaak nog aangevuld met ‘zo tijdig mogelijk’ en ‘zo goedkoop mogelijk’.

In 1989 kwam daar een wettelijk kader voor, in de vorm van de Wet op de jeugdhulpverlening, waarin jeugdzorg naar het provinciale of grootstedelijke niveau werd gedecentraliseerd. Maar echt tot een samenhangend geheel wilde het niet komen. Verschillende geldstromen creëerden verschillende routes en schotten. De jeugdzorg bleef verdeeld over een vrijwillig deel (geld van het ministerie van vws), een justitieel deel (uithuisplaatsingen, ondertoezichtstellingen, geld van het ministerie van Justitie) en dan konden kinderen en hun ouders vaak via de huisarts ook nog een beroep doen op de jeugd-ggz, een route die gefinancierd werd door de zorgverzekering. Niet het soort problemen bepaalde de aard van de hulp, maar de plek waar kinderen toevallig terechtkwamen. Eind jaren negentig werden er een soort hubs bedacht, verdeelknooppunten in de jeugdzorg in de vorm van zeventien Bureaus Jeugdzorg.

Maar ook dat bleek niet echt te werken. Instanties werkten langs elkaar heen, ingewikkelde gezinnen werden overlopen door verschillende hulpverleners, huisartsen bleven kinderen rechtstreeks doorverwijzen naar de jeugd-ggz, die een ongekende groei doormaakte. Er gingen steeds minder kinderen naar tehuizen, die vrijwel allemaal zijn opgedoekt, maar des te meer werden er daardoor ambulant begeleid. In het eerste decennium van deze eeuw verdubbelde het aantal kinderen dat jaarlijks in behandeling was van 125.000 naar 250.000.

Jeugdzorg blijft een onsamenhangend geheel, dat steeds meer geld opslokt. In die situatie kiest de overheid de weg van de minste bestuurlijke weerstand: decentraliseren. Op 1 januari 2015 wordt de jeugdzorg, na aftrek van 450 miljoen euro aan bezuinigingen (en korting van bijna twintig procent op het budget) overgeheveld naar de kleine vierhonderd gemeenten, met als zo-zo-zo-gedachte dat gemeenten dichter bij de mensen staan en in wijkgerichte kinder- en jeugdteams effectiever kinderen en gezinnen kunnen helpen.

Dat pakt niet goed uit, zoveel is inmiddels wel duidelijk. Dichter bij de mensen worden door wijkteams eerder meer dan minder problemen opgehaald, die met aanmerkelijk minder geld moeten worden aangepakt. Er ontstaat een oerwoud aan tariefstellingen, aanbestedingen en betaalsystemen. Gemeenteambtenaren letten vaak meer op de centen dan op de kinderen. Sterk gespecialiseerde instellingen moeten eindeloos soebatten bij gemeenten om geld. Overal ontstaan nieuwe bureaucratische lagen die zich met elkaar in overal verschillende verantwoordingssystemen moeten zien te verstaan. Er ontstaan wachtlijsten voor complexe hulp. De nood is zo hoog dat minister De Jonge na brandbrieven van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (vng) en wethouders van de partijen die de regeringscoalitie vormen bij de voorjaarsnota dit jaar al zo’n vierhonderd miljoen heeft losgepeuterd bij zijn collega van Financiën. Overigens niet met de erkenning dat er wellicht weeffouten zijn gemaakt in de Jeugdwet die de decentralisatie regelde, maar met een oproep aan de jeugdzorg om nu echt te veranderen.

Heeft dit iets met de commissie-De Winter van doen? Op het eerste gezicht niet natuurlijk, en De Jonge en Dekker zullen zeker hun wenkbrauwen optrekken als er een verband wordt gesuggereerd. Maar wie de geschiedenis van de veranderingen in de jeugdzorg van de afgelopen dertig jaar in ogenschouw neemt kan weinig anders concluderen dat hier opnieuw een vorm van verwaarlozing van kinderen aan de orde is. Niet een verwaarlozing in de vorm van militaire opvoedingspraktijken, zoals in de jaren vijftig. Geen verwaarlozing door onvoldoende toe te zien op de kwaliteit van de jeugdzorg en de rechten van kinderen zoals dat in de jaren zeventig en tachtig aan de orde was. Maar een vorm van verwaarlozing op basis van wat je met een gerust hart systeemgeweld zou kunnen noemen. Het onvermogen om kinderen met serieuze problemen die hulp te bieden waar ze recht op hebben en die wel beschikbaar is. Ze worden niet langer geslagen met de roede of de riem of misbruikt door een psycholoog of psychiater, maar door een bureaucratisch systeem aan hun lot overgelaten.

Dat is niet alleen de schuld van de gemeenten, die onvoldoende competent zouden zijn. Dat is een te gemakkelijke conclusie. Het systeemgeweld is voortgebracht in een decennialange geschiedenis waarin de overheid niet in staat is geweest om heldere kaders te creëren voor de jeugdzorg, met een eenduidige financiering en een goede verantwoordelijkheidsverdeling tussen gemeenten en bovenregionale jeugdzorgaanbieders. De huidige Jeugdwet is grenzeloos. Niemand weet waar de zorgplicht van de gemeente begint en waar die ophoudt. Er is een wildgroei aan lichte hulp: therapie met paarden, huiswerkklassen, mindfulness voor kinderen.

Maar tegelijkertijd komen vormen van specialistische zorg in de knel, dreigen instellingen om te vallen, trekken grote zorgaanbieders als de William Schikker Groep zich terug uit regio’s. Eigenlijk is niet de jeugdzorg gedecentraliseerd, maar het onvermogen van de landelijke overheid om een effectief stelsel neer te zetten, en je hoeft geen futuroloog te zijn om te voorspellen dat daar kinderen het slachtoffer van worden. Zij zijn de gedupeerden van een nieuw soort machteloosheid: het kafkaëske vermogen om het mogelijke onmogelijk te maken.

Daar ligt dan ook het verband met de resultaten van de commissie-De Winter. Het rapport gaat in hoofdzaak over het falen van de overheid. De Jonge en Dekker projecteren dat falen vooral op het verleden dat achter ons ligt. Zij hadden zich echter ware helden van de terugtocht getoond als zij de moed hadden gehad om dat falen ook op het heden en de toekomst te richten. Nu lopen ze de kans om over vijf, tien, vijftien jaar als falende bestuurders in de publieke beklaagdenbank terecht te komen van een nieuwe commissie Geweld in de jeugdzorg. Niet alleen omdat ze de kinderen van IS-strijders ten onrechte en te lang aan hun lot overlieten, maar vooral ook omdat ze weigerden lessen te trekken uit de vele signalen die tot hen kwamen. Zoals dat in het verleden ook steeds het geval was.

zondag 27 januari 2019

VK COLUMNIST WAGENDORP / CARTOONS / NATUUR VS. BUREAUCRATIE: 'De wolf heeft geen idee in welk bekrompen, regelgeil,...landje hij zich heeft gewaagd' /

Cartoon van Hein de Kort, overgenomen van   ---  Hier  ---, daar vind je trouwens veel meer info over 'de verovering van Nederland' door 'de Wolf'....

https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/de-wolf-heeft-geen-idee-in-welk-bekrompen-regelgeil-aangeharkt-en-subsidiebelust-landje-hij-zich-heeft-gewaagd~b4761c5b/

Column Bert Wagendorp

De wolf heeft geen idee in welk bekrompen, regelgeil, aangeharkt en subsidiebelust landje hij zich heeft gewaagd

Op 1 februari is het officieel en hebben we een (1) Nederlandse wolf. Om te worden erkend als Nederlandse wolf moet het betreffende dier zich hier een half jaar hebben opgehouden. Op de Veluwe bevindt zich al enige tijd nog een wolf, zodat dit land binnenkort twee (2) wolven zal tellen. Hiermee is fase 2 uit het Interprovinciaal Wolvenplan een feit: de komst van territoriale wolven. Fase 3 is de vestiging van een wolvenpaar, maar zover is het nog niet, want de twee Hollandse wolven zijn vrouwtjes en niet lesbisch.

Cartoon van 'K'(magurka), overgenomen van --- Hier  ---
Ik ben een groot liefhebber van de wolf en ik volg de ontwikkelingen op de voet. Donderdag liep ik door een bijna leeg Artis. Behalve mensen waren er ook amper dieren te bekennen. Maar de wolven waren er wel: twee mooie jonge Hudson Bay wolven (niet gesponsord door de winkelketen, maar wel afkomstig uit Canada) vermaakten zich zo te zien kostelijk in de sneeuw.

Mijn fascinatie voor de wolf komt ongetwijfeld voort uit de sprookjes die mijn moeder vroeger voorlas. De huiveringwekkende verhalen over de grote boze wolf hebben op mij weinig invloed gehad. Ik vond de wolf meteen al een stuk sympathieker dan die doodsaaie muts van een Roodkapje en met die schijterige zeven geitjes had ik als kleuter ook weinig medelijden. Terecht verslonden. De wolf is een zeer intelligent en sociaal dier – maar hij moet natuurlijk wel eten.

En daarom hebben hebben we hier, nadat de eerste wolf was gesignaleerd binnen onze grenzen, een Verkennend Rapport Wolf gehad (2012), een Voorstel voor een Wolvenplan (versie 1.1 en versie 2.0, 2013), een Operationeel Draaiboek Wolf, Fase 1 (2015) en nu dus het Interprovinciaal Wolvenplan. Bij deze rapporten, draaiboeken en plannen waren 65 maatschappelijke instanties betrokken. We noemden het overleg nog geen Wolventafel, maar daar kwam het wel op neer.

De rapporten draaien om de vraag hoe mens en wolf in Nederland kunnen samenleven. En in het verlengde daarvan wolf en schaap en wolf en hond. Heel erg problematisch lijkt dat me niet, maar daarmee onderschat ik het Nederlandse talent voor problematiseren. Van een geweldige verrijking van onze natuur, is de wolf een kwestie geworden, zelfs nu er nog maar twee (2) Hollandse wolven zijn en er zo nu en dan een buitenlandse zwerfwolf de grens over steekt.

Cowboy Annie

Elk dood schaap zorgt voor nieuwe consternatie. Over de 4- tot 13 duizend schapen die elk jaar om zeep worden gebracht door honden en vossen (of de tienduizenden door de slager) hoor je zelden iets, maar zodra een wolf toeslaat, komt er onmiddellijk een boer op de radio die pleit voor het uitroeien van de valse rover. De wolf heeft dankzij Grimm en zijn middeleeuwse volksleugens (en tevens door het wrede lied Dodenrit van Drs. P.) nu eenmaal een rampzalig imago. Inmiddels heeft de actiegroep NoWolves de systematische verspreiding van de angst voor wolven op zich genomen en is europarlementariër Annie Schreijer-Pierik, beter bekend als ‘Cowboy Annie’, zich aan het profileren als de grote tegenstander van de wolf. Als we niet drastisch ingrijpen, wemelt het volgens Annie binnenkort van de roedels moordlustige wolven die hele landstreken onveilig maken en alle schapen, geiten en Roodkapjes verorberen. De term ‘wolfvrije zones’ is al gevallen. Alsof we al niet genoeg splijtzwammen hebben, komt de wolf er ook nog bij.

In het Wolvenplan staat dat de wolf ‘adaptief en cultuurtolerant’ is en dat hij de Randstad niet zal mijden. Het is een kwestie van tijd voor de eerste wolf zal worden gesignaleerd bij een snackbar in het Vondelpark of in de rij staat bij de Kiloknaller.

De Nederlandse Jagersvereniging heeft laten weten dat jagers recht hebben op schadevergoeding, nu de wolf een concurrent wordt in de jacht op ‘scharrelvlees’ uit de natuur. Boeren krijgen sowieso subsidie (voor dode schapen en beschermende hekwerken). De wolf is geïdentificeerd als bron van inkomsten.

Wellicht zijn er ook nog 'Echte Slechtoffers'? Cartoonist onbekend, overgenomen van

#korhoen

Arme Canis lupus! Hij heeft geen idee in welk bekrompen, regelgeil, aangeharkt en subsidiebelust landje hij zich heeft gewaagd. Elke drol die hij achterlaat valt meteen onder het ‘Protocol keutelvondst’. Eén keer huilen en het ‘Protocol huilen’ treedt in werking.
Als ik hem was, zou ik Nederland mijden als de pest.



**

Veel meer -van de vaak geweldige- Columns van Bert Wagendorp in de Volkskrant   ---  Hier  ---

 Bijvoorbeeld ook:







dinsdag 31 juli 2018

CITATEN / VK COLUMNIST MIDDENDORP / GEVOEL HEDENDAAGSE SAMENLEVING BOOSHEID: 'Ik was boos op Basic Fit, maar waar moest ik met die boosheid naartoe?' / FRUSTRATIE ONPERSOONLIJKE BUREAUCRATIE / HEDEN TEN DAGE / CARTOONS VK & Fokke&Sukke


CITATEN(Column Volkskrant.nl, Peter Middendorp 6 juli 2018):


"Om redenen die hier buiten beschouwing kunnen worden gelaten, wilde ik laatst weten hoeveel ik weeg. Dus, dacht ik, laat ik de volgende keer in de sportschool eens op de weegschaal gaan staan, een handig apparaat, dat niet alleen vertelt hoe zwaar je bent, maar van alles aan je doorlicht en berekent, je hele zompige textuur, zodat je na afloop altijd wel van iets kunt denken dat het meevalt, bijvoorbeeld je metabolische leeftijd."

&
Bijschrift toevoegen

"Het was wonderlijk, dacht ik later, onderweg naar de Kijkshop aan de overkant van de straat, waar ik een weegschaal kocht – die het niet deed, en de Kijkshop ging failliet – op hoeveel plekken je als mens alleen al op één dag de tyfus kon krijgen. Je hoefde er bijna niets voor te doen. Gewoon blijven staan, zij deden de rest."



De complete VK Column van Peter Middendorp lees je   ---  Hier  --- nog meer VK Columnisten   ---  Hier  ---


Meer op VK.nl over




zondag 16 oktober 2016

NRC COLUMNISTE / ELLEN DECKWITZ PAKT NOG 1X UIT / PARELTJE / HUMOR VERDRIET & REGELTJES: 'Plastineren', of toch Begraven, Cremeren, of...

Ellen Deckwitz met Boek
Ellen Deckwitz verving Georgina Verbaan een tijdje als Columniste in de Zaterdag Bijlage 'Lux' van NRC. Onderstaande Column was voorlopig haar laatste, maar het is een Pareltje/Juweeltje.

Plastineren


Als je weet dat iemand niet lang meer te leven heeft, biedt het regelwerk omtrent de uitvaart een goede afleiding voor het verdriet en de wanhoop die daarmee gepaard gaan. Toen ik hoorde dat een goede vriendin was uitbehandeld, kwamen we bijeen om samen met haar familie en vrienden plannen te maken voor het afscheid. Ik hield de hele tijd haar hand vast. Zolang ik haar hartslag tegen mijn huid voelde, ging het.

„Wil je begraven of cremeren?”, vroeg haar vriend voorzichtig.
„Cremeren”, antwoordde ze. En voegde daaraan toe dat de as moest worden uitgestrooid vanaf het hoogste punt van de stad waar ze opgroeide. 
Helaas kwam op dat moment net de hoofdverpleger binnen.

„Sorry, maar dat mag niet zomaar”, zei hij. „Je moet toestemming vragen aan de instantie van wie de grond is waarover je de as uitstrooit.”
„Nou zeg”, zei haar vader. „Voor deze ene keer.”
„Wat als iedereen zo dacht?”, zei de verpleger. Dan zou de stad met een grotere laag as worden bedekt dan Pompeï na dat vulkaanorgasme. Dat kon niet goed zijn voor de gezondheid van de levenden.
„Misschien moet je je dan laten balsemen”, zei haar moeder.
„Dat mag helaas niet”, zei de verpleger. Wat bleek: In Nederland is het wettelijk vastgesteld dat je lichaam binnen tien jaar verteerd moet zijn (ik verzin dit niet). Door balseming blijf je veel langer goed. Dus tenzij ze lid bleek te zijn van het Koninklijk huis, haar lichaam beschikbaar wilde stellen aan de wetenschap of binnen enkele jaren nog van plan was om een vooraanstaand geestelijke binnen de Syrisch Orthodoxe kerk te worden (want dan mag het blijkbaar allemaal wel), ging het feest niet door.
„Wat een gedoe zeg”, zuchtte mijn vriendin nadat de verpleger weg was.
„Wat een onzin dat je lichaam binnen tien jaar weg moet zijn. Heeft iemand ooit een veenlijk bekeurd?”, zei haar vader.
„Misschien moet je je laten plastineren!” zei haar broer opeens. „Je weet wel, van die Bodies tentoonstelling. Dan zetten we je zo op alsof je een spreidsprong maakt. En doen we in je armen een accordeon.” Even was het stil. En daarop moesten we zo hard lachen dat het een kwartier duurde voor we weer aan de dood konden denken.

Afgelopen zondag was de crematie. We zeiden soms ‘plastineren’ tegen elkaar als het verdriet te heftig werd. George Bernard Shaw schreef dat het leven niet minder grappig wordt als er mensen sterven. En dat het ook niet minder serieus wordt als we de slappe lach hebben.

„Wat gaan jullie met de as doen?”, vroeg ik na afloop aan haar vader.
„Ergens zeer illegaal uitstrooien”, antwoordde hij.
„Jullie gaan wild-assen!”, zei ik. Haar vader schaterde bijna zijn kunstgebit eruit. De tranen rolden over onze wangen.

Dit is voorlopig de laatste column van Ellen Deckwitz op deze plek. Volgende week is Georgina Verbaan terug.

Heeft iemand ooit een veenlijk bekeurd?

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Zaterdag, 8 oktober 2016, pagina 4 - 5


Heel veel meer van Ellen Deckwitz op NRC.nl   ---  Hier  ---

En nu dus weer Georgina Verbaan   ---  Hier  ---

zondag 22 maart 2015

Regeltjes - Bureacratie 'Hoe Tinkebell een minuscuul dingetje vergat...'

Tinkebell

Hoe Tinkebell een minuscuul dingetje vergat


Tinkebell − Trouw, 17/03/15, 12:16
© anp. "Op de vraag of Fred Teeven (foto) een voorbeeld kon geven van gepast geweld bij vluchtelingen tijdens een deportatie naar, noem eens wat, Afghanistan, beeldde hij uit hoe er dan bijvoorbeeld vier man marechaussee op de armen en benen van één vluchteling gingen zitten."
COLUMN Afgelopen jaar ben ik verhuisd en dat was nogal een hoop gedoe en geregel. En zo gebeurde het dat ik een minuscuul dingetje vergat. Namelijk het registreren van mijn verhuizing bij de gemeente. Ongeveer anderhalve maand geleden toog ik alsnog naar het stadsdeelkantoor om mijn nieuwe woonsituatie te registreren.
  • Vragen om uw stembiljet en een machtiging, wanneer u niet van plan was te gaan stemmen, mag ook niet
Helaas. Dat ging niet. Nieuwe regels. Tot een paar jaar terug hoefde je je alleen maar aan het loket te melden met een paspoort.

Tegenwoordig wil de gemeente bewijs zien dat je wel echt woont waar je woont en moet er dus een (huur)contract mee. Dat had ik niet bij me, dus de gemeentelijke inschrijving ging voor dat moment niet door. En toen vergat ik de hele zaak. En toen... besefte ik afgelopen week ineens de straf die ik voor mezelf had gecreëerd door mijn registratieverzuim. Ik mag morgen niet stemmen.

Democratische regels
Ik kén de regel. Daarom voel ik mezelf nu extra stom. Er gelden in ons land vele regels die ik absurd vind, en de beste manier om met die absurde regels te dealen is door er rekening mee te houden. Dan heb je er het minste last van. Althans, in de meeste gevallen. Er bestaan regels waar je zoveel rekening mee kan houden als je wilt, maar de situatie wordt nooit iets wat lijkt op een wenselijke toestand.

Zomaar een greep uit democratisch afgesproken regels waar ik het zeer mee oneens ben (en die daarmee de waarde van mijn stemrecht aangeven).

Vluchtelingen die nog in hun asielprocedure zitten, wat soms jaren kan duren, zijn zolang het proces duurt illegaal en mogen niet werken. Nee, ook vrijwilligerswerk doen mag niet volgens de regels. Ik heb eens geprobeerd een uitgeprocedeerde, onuitzetbare jongen uit Zuid-Soedan aan vrijwilligerswerk in de bejaardenzorg te helpen (het is zijn droom om voor ouderen te zorgen). Maar dat ging niet door. De reden? De werkgever krijgt een boete van 12.000 euro als iemand zonder papieren op vrijwillige basis wat werkzaamheden verricht.

We hebben een actief muskusrattenuitroeibeleid. Dat betekent dat wie een muskusrat ziet, verplicht is het dier te doden of om een expert in te schakelen die het dier doodt. Ook al is de reden voor deze regel een nooit bewezen argument: namelijk dat de muskusrat onze dijken zou vernielen (dit wordt door diverse milieugroepen tegengesproken).

Onze marechaussee mag in sommige (discutabele) situaties 'gepast geweld' gebruiken.

Zitten op armen en benen
Ik was toevallig aanwezig bij de laatste commissievergadering waar Fred Teeven als staatssecretaris aanwezig was. Op de vraag of hij een voorbeeld kon geven van gepast geweld bij vluchtelingen tijdens een deportatie naar, noem eens wat, Afghanistan, beeldde hij uit hoe er dan bijvoorbeeld vier man marechaussee op de armen en benen van één vluchteling gingen zitten. Ja, volgens de regels.

Waarmee ik overigens niet wil zeggen dat iedereen zich altijd aan de regels houdt... Want tape over de mond van een vluchteling plakken en een zak over diens hoofd trekken mag bijvoorbeeld niet. Maar ik geloof dat het wel gebeurt.

Vragen om uw stembiljet en een machtiging, wanneer u niet van plan was te gaan stemmen, mag ook niet. Ook niet als ik er bij vertel dat ik van plan was ChristenUnie te stemmen. Maar ik doe het dus wel. Bij dezen.