
Mijn Passie? Delen(want 'Gedeelde Vreugd=Dubbele Vreugd & Gedeelde Smart=Halve Smart).Zie mijn Blog-bijdragen dus als mijn middel om wat me interesseert te delen. Als Links, Reposts, en regelmatig in de vorm van Column, Analyse of Commentaar & al dan niet bijtend, ironisch, of roerend statement. Mijn intentie is iedere dag iets van waarde door te geven... Ik krijg ook graag feedback; dus Volgen en Reageren stel ik zeer op prijs!
Dat er op het Europese continent een oorlog zou uitbreken was tot en met de avond van de 23ste februari niet te voorzien. Hoewel Russische legers diezelfde avond op het punt stonden Oekraïne binnen te vallen, dachten talloze deskundigen nog dat het om intimiderende schijnbewegingen ging. Amerikaanse waarschuwingen werden niet serieus genomen, Maarten van Rossem beweerde met veel aplomb dat Poetin heus zo gek niet zou zijn.
Toch zou het te makkelijk zijn om Van Rossem dat – afgezien van die apodictische toon – te verwijten, vrijwel niemand kon zich een dergelijke beschavingsbreuk voorstellen, ook de meeste Oekraïners niet. ‘Vermoedelijk hoort het bij de aard van een beschavingsbreuk dat die moeilijk voorstelbaar is.’ Ik citeer de Duitse literatuurcriticus Uwe Wittstock. Alleen heeft die het niet over de oorlog in Oekraïne, maar over het begin van het nazisme in Duitsland in Februari 1933. Ook toen voorzag vrijwel niemand wat er te gebeuren stond, hoe kortzichtig dat achteraf ook mag lijken.
Het ging razendsnel. Een maand, meer tijd hadden de Duitse antidemocraten niet nodig om de democratie volledig te ontmantelen. Wie eind januari op vakantie ging vanuit een rechtsstaat, aldus Wittstock, kwam vier weken later terug in een dictatuur. Illustratief daarvoor is het lot van Lion Feuchtwanger, een van de succesvolste en door de nazi’s gehate (joodse) romanauteurs uit de Republiek van Weimar. Feuchtwanger ging in november 1932 voor een lezingenreeks naar de Verenigde Staten, hoorde op 30 januari dat Hitler was beëdigd en besloot niet naar zijn pas gebouwde villa in Berlijn terug te keren maar naar Oostenrijk. Daar hoorde hij dat SA’ers hem in Berlijn hadden willen arresteren, uit frustratie alles wat los en vast zat in puin hadden geslagen en het personeel hadden gemolesteerd. Zelf zou hij later via Frankrijk naar de VS vluchten, voorgoed.
‘Maakt u zich geen illusies. De hel regeert’
Natuurlijk is Februari 1933 niet het eerste boek waarin de machtsovername van Hitler wordt beschreven. Maar niet eerder gebeurde dat op deze manier, vanuit het perspectief van een aantal belangrijke schrijvers en letterlijk van dag tot dag. Op grond van dagboekaantekeningen, notities en brieven volgt Wittstock hun reacties op de politieke ontwikkelingen van zeer nabij. ‘Voor alles wat in dit boek wordt verteld bestaan bewijzen.’ Je zou het een vorm van synchrone geschiedschrijving in episch-filmische stijl kunnen noemen: de auteur zoomt bij voorkeur in op gebeurtenissen waar schrijvers elkaar treffen, op feesten, vergaderingen en demonstraties, en beschrijft daarbij hun uiteenlopende opvattingen en emoties. Dat maakt dat het boek bij vlagen eerder leest als een roman, een spannende roman zelfs, dan een studie.
Jammer is het misschien wel dat vroege vluchtelingen door deze opzet niet of nauwelijks in beeld komen. Walter Benjamin bijvoorbeeld wordt zelfs niet één keer genoemd, hij bevond zich in het begin van Wittstocks geschiedenis al in Parijs; Joseph Roth krijgt nog net een korte vermelding. Hij had zojuist zijn Radetzkymars voltooid, illusies over de nazi’s had hij minder dan wie ook. In de prille ochtend van 30 januari vertrok hij onmiddellijk per trein naar Parijs, vanwaar hij zijn talmende vriend Stefan Zweig er per brief van probeerde te overtuigen ook te vluchten: ‘Het is gelukt de barbarij te laten regeren. Maakt u zich geen illusies. De hel regeert.’
Maar Zweig was niet de enige die dat niet kon geloven. Ook Thomas Mann, die in het boek van Wittstock een prominente rol speelt, was niet makkelijk tot vluchten te bewegen. De grote schrijver heeft lang geloofd dat de oeroude Duitse geest en cultuur superieur waren aan de democratie en de westerse beschaving; pas in 1922 kiest hij gedecideerd partij voor de nieuwe democratische republiek. In februari 1933, de maand die Wittstock als ‘de winter van de literatuur’ typeert, bereidt hij een internationale lezingenreeks voor over Richard Wagner, waarin hij de componist in bescherming neemt tegen de nationalisten onder diens aanhangers; hij noemt hem manmoedig een ‘socialist en cultuuroptimist’ en zegt in zijn mythologiserende muziektheater een ‘Europese’, ja zelfs ‘kosmopolitische’ geest te horen.
Intussen vinden er overal demonstraties, plunderingen en aanslagen plaats tegen iedereen die ook maar iets van die Europese geest belichaamt, joden, socialisten, communisten, intellectuelen, kunstenaars. Acht dagen voor een SA-commando met bijlen de deur van zijn Berlijnse woning inslaat, vlucht George Grosz vanuit Bremerhaven naar Amerika, waar hij vrijwel onbekend is en nooit meer zijn oude niveau zal bereiken. Käthe Kollwitz, de geëngageerde beeldhouwer, wordt gedwongen haar lidmaatschap op te zeggen van de Pruisische Akademie. Opvoering van Brechts Heilige Johanna van de slachthuizen in Darmstadt wordt verboden, in Hildesheim bekogelen toeschouwers het toneel van zijn Dreigroschenoper met rotte eieren, waarna de nsdap een verbod van het stuk eist.
Aan het eind van de maand nemen de terreur en het aantal arrestaties snel toe. Op 27 februari brandt het Rijksdaggebouw, op 28 februari worden alle belangrijke grondrechten afgeschaft en begint de dictatuur. Dat is amper dertig dagen na Hitlers beëdiging tot rijkskanselier. Pas op 10 maart begrijpt Thomas Mann dat ook hij moet vluchten, eerst naar Zwitserland, dan naar de VS. Wittstock heeft die verbijsterend snelle afbraak van de democratische republiek overtuigend en beklemmend vastgelegd.
Fokke & Sukke https://t.co/HtsNWiP4HK Aauuu!
— Aart Dekker (@AartDekker) November 1, 2022
Zoals volgers bekend is voer ik nogal eens discussies met mijn oude vriend - het Orakel van Porkuni - Maarten van Gent. Al vanaf de aanloop naar Putin's inval in Ukraïne - de gruwelijke 20e eeuwse barbarij die in Rusland nog steeds geen 'oorlog' mag heten - gaan die gesprekken nogal eens over dat conflict, niet in het minst omdat de oude wijsgeer op 100km van de Russische grens woont, en hij zichzelf ten opzichte van 'al die Nederlanders' - en dus ook mij - superieur acht waar het gaat om inzicht in de Russische ziel...
Ik lees graag - al gaat me dat door mijn oogproblemen stukken minder gemakkelijk af dan vroeger - en lees tegenwoordig van alles; fictie maar ook geschiedenis, biografieën en heel veel anders. Van Gent niet; die houdt het bij wat hijzelf relevant vindt in de krochten van het internet, en af en toe eens een realistisch boek.
'Dus' vertelde ik hem een tijdje geleden dat ik een boek van de Estse grote schrijver Jaan Kross had gekocht omdat het me in het licht van de oorlog nu interessant leek - ik ben er helaas nog niet aan toe gekomen - en zo probeerde ik bij hem ook interesse te wekken voor onderstaande column van Mathieu Segers - we zien deze hoogleraar en kenner van Europa en de Europese geschiedenis tegenwoordig nogal eens optreden in programma's als Buitenhof en Nieuwsuur als het gaat om wat landen beweegt in de lopende oorlog en alles wat er in de verte mee te maken heeft. Maar bij van Gent ging geen belletje rinkelen, dus was de column - toch beknopt en gemakkelijk te volgen, én gaande over Estland nu en toen - niet echt aan hem besteed...het was ook bijna bedtijd, wellicht speel de dat ook een rol...
Daarom dan maar delen op deze wijze... Reageren zoals altijd; Graag!
Ben benieuwd...
De totaal verschillende schrijvers Curzio Malaparte (1898-1957) en Jaan Kross (1920-2007) waren superieure romanciers, maar ook meesters in het schetsen van de eigenaardigheden van de Europese natiestaten en hun bevolkingen. Bovendien vertellen ze beiden elke keer weer dat ene verhaal. Het verhaal van de opwinding en de wreedheid die de Europese geschiedenissen kleurt met valse glorie. Malaparte en Kross behoren tot de dun gezaaide chroniqueurs van het diepere Europa, het Europa dat de tijdgeest stuwt. In de razende geschiedenis van vandaag zijn hun inzichten waardevol.
Eerst Malaparte. In het blootleggen van de waarheden achter de officiële waarheid is Malaparte meedogenloos. Dat is bijzonder, want voor die Europese waarheden geldt meestal dat zij verstopt blijven, of verpakt worden in tegenspraak, zwijgen en hypocrisie, of in de zachte troost van de melancholie en het vergeten. Bij Malaparte gaat het anders. Bij hem is dit Europese comfort van l’éducation sentimentale slechts aanwezig in de antichambre van de geschiedenis. Wie de echte geschiedenis binnengaat, treft iets heel anders. Zo was het in Europa. Zo is het in Europa, waar alleen de poëzie bestand is tegen de werkelijkheid.
Als oorlogsverslaggever van de Italiaanse krant Corriere della Sera en diplomaat trok Malaparte vrijwel het hele Europese oorlogstoneel over, en dat in de duisterste dagen van de Tweede Wereldoorlog. Meestal bewoog hij zich direct langs de frontlijn. Zijn boek Kaputt, waaraan hij in 1941 begon in Oekraïne, bevat het onthutsende en macabere verslag van die odyssee, die begint in Italië en Joegoslavië, tot diep in Roemenië en Oekraïne leidt en hem verder voert, tot aan de meren en zeeën van Lapland, Karelië en de Botnische Golf.
Daar, in de ijle Europese geschiedenis van Scandinavië en het Balticum, beleeft de Malaparte van Kaputt een magisch moment. Als hij een keer laat op de avond door Helsinki wandelt ontwaart hij een curieus tafereel. Op de trappen van het stadhuis ligt een groot dier met een imposant gewei. Het is een eland, niet dood, wel ernstig gewond, verdwaald misschien, komend uit Estland.
Het corps diplomatique, dat het digestief van de avond verwerkt in de ijskoude buitenlucht, komt langzaam samen rond de eland. Sensatie en zorgen over het majestueuze dier brengen hen bijeen, van vertegenwoordigers van nazi-Duitsland, Zweden en Spanje tot de president van de Finse republiek; meisjes en soldaten zijn er ook. En zo wordt die samenkomst een moment van gedeelde zorgen, kleine genoegens en voorzichtige gebaren. Uiteindelijk belandt de eland in een ambulance. Het ideaal van de Europese eenheid is nog niet dood.
Wat dat ideaal vermag, beseft men nu in diezelfde regio. Europese landen als Finland en Zweden winnen hun onafhankelijkheid niet op eigen kracht. Nee, ze krijgen deze, van de geschiedenis, wanneer die zich zo plooit dat afspraken deze landen de onafhankelijkheid gunnen. Voor Finland en Zweden worden dit nu de afspraken van de Navo, bereikbaar dankzij hun ongeschonden grondgebied, maar ook via de afspraken die zij al hebben in de Europese integratie. Wel of niet deel zijn van die afspraken bepaalt ook de geschiedenis voor landen als Nederland, Albanië, Duitsland en Oekraïne.
Niemand heeft deze realiteit van duwen en trekken rond internationale afspraken, maar ook de verbinding daarvan met het persoonlijke leven van Europeanen, mooier beschreven dan de Estse schrijver Jaan Kross in zijn magistrale historische roman Tussen drie plagen, een kroniek van het zestiende-eeuwse Lijfland – zoals Estland toen heette – een speelbal tussen Rusland, Zweden, Polen en de Duitse cultuur.
Ook bij Kross is weinig wat het lijkt: ‘Het land dat voorwerp was van al dat geduw en getrek, wist daar al die jaren praktisch niets van af.’ Toch blijkt het deze onwetende ‘achtergrond’, bestaande uit gewone Esten, die de ‘voorgrond’ van de internationale politiek kan beïnvloeden, soms zelfs bijna beslissend. Door afspraken mogelijk of onmogelijk te maken. De conclusie van Kross: ‘Waar iets begint en waar iets eindigt, berust alleen maar op afspraken.’ Finland en Zweden willen een nieuwe afspraak, met de Navo. De drang daartoe komt uit de ‘achtergrond’, die plek waar de Europese waarheid achter de officiële sluimert.
Dat dit nu gebeurt is mooi, maar ook omineus. Het lot van de eland zal bepalend zijn voor wat er volgt. Zijn genezing gloort in de vervolgafspraken over zijn verpleging.
![]() |
|
en nog veel meer Fokke & Sukke --- Hier ---
|

![]() |
| Oblomov, in relatie tot de ALS-Columns van Pieter_Steinz |
“It is with great excitement and a weighty sense of responsibility that we make today’s announcement: Goodreads has acquired and will release a previously unpublished work by Jane Austen. The full-length novel, titled Mirth and Mischief, will be made available to all readers in fall of 2014. We could not be more thrilled to introduce the world to Abigail Branscombe, an irrepressible heroine to join the ranks of Elizabeth Bennet and Emma Woodhouse, whose story of love, and yes, mischief will delight and perhaps shock Austen fans worldwide.”
Basketball speelt een belangrijke rol in mijn leven. Toen ik 14 was zag ik voor het eerst een wedstrijd. Ik zag balkunstenaar Jerome Freeman voor Frisol/Rowic tegen (ik meen) Jugglers spelen; mijn leven was veranderd.
Het duurde nog wel even voor ik lid werd van Frisol/R, toen was 15. Het is niet zo dat Basketball voor mij 'alles' was (of is). Het is wel een belangrijk onderdeel; ik werd 'Basketballer', en dat zal ik blijven voor de rest van mijn leven. Daarbij maakt het niet eens veel uit dat ik zelf niet meer kan spelen; ik was Speler en nu doe ik andere dingen in het Basketball.
Hoe het Nederlandse Basketball reilt en zeilt, telt dus voor mij; het houdt mij bezig en ik zou graag beter zien gaan. Dus wil ik daar mijn steentje aan bijdragen.
Het kan zijn door Kinnesinne, Frustratie, Sensatielust, Domme Onwetendheid, Profileringsdrang, Persoonlijke Aversie, enzovoort; er wordt in en rond het Nederlandse Basketball nogal eens met modder gegooid. Daar baal ik weleens van.
Basketball is een schitterende sport; met voetbal de grootste teamsport ter wereld, spectaculair en een mooie metafoor voor het 'gewone leven'; alles zit erin.
Alleen weten in Nederland slechts relatief weinig mensen dat, en dat is jammer, want de sport Basketball verdient een groter en belangrijker podium in de Nederlandse samenleving.
O.a. daarom schrijf/deel ik, op deze Blog of in mijn column op www.iBasketball.nl .