Posts tonen met het label BAL. Alle posts tonen
Posts tonen met het label BAL. Alle posts tonen

woensdag 9 april 2025

SHARTIE AART DEKKER / #PREVIEW & #AANRADER: Vanavond (woe 9 april, 20h) Zorg en Zekerheid Leiden vs. QSTA UNITED .n.a.v. ZZL vs. BAL zaterdag j.l.

donderdag 23 februari 2023

ORANGE LIONS VANAVOND TEGEN GEORGË OP VOLLE STERKTE / NBB INTERVIEW: Sander Hollanders hoopt op debuut als A-international, maar 'ik moet constanter worden'


20 februari 2023

Sander Hollanders hoopt op debuut als A-international, maar 'ik moet constanter worden'

Sander Hollanders hoopt komende donderdag vurig zijn debuut te maken als A-international, als de Orange Lions in het bijna uitverkochte Tosportcentrum Almere (laatste kaarten) aantreden in de WK-kwalificatie wedstrijd tegen Georgië. De 21-jarige Limburgse guard heeft zich de laatste jaren snel ontwikkeld. Hij stapte dit seizoen over van BAL naar Donar, maar weet dat er nog volop ruimte voor verbetering is. 'Ik moet constanter worden'.

Hoe Sander Hollanders basketballers werd? Dat is een leuk verhaal. Door maar te blijven zeuren bij zijn moeder. Hij wilde als 10-jarige het voorbeeld van zijn oudere broer volgen en ook ‘op basketball’. Zijn moeder gebood Sander eerst maar eens de lay-up van rechts onder de knie te krijgen op de basket in de tuin. Vijf minuten later stond hij alweer bij haar. "Die ik kan al!". Dan maar de lay-up van links. Tien minuten later was Sander weer terug. "Kan ik ook!" En zo werd hij door zijn ouders ingeschreven bij BC Titans in Kerkrade.

“Blijkbaar pikte ik het snel op”, blikt Hollanders terug op zijn basketbaljeugd. Blijkbaar zo snel dat hij na één seizoen Titans al werd gevraagd om mee te komen trainen bij de jeugd van Weert. Eerst nog eenmaal in de week, maar dat werd als snel vijf keer – drie kwartier heen en drie kwartier terug met de auto – waarbij zijn ouders carpoolden met de ouders van een jongen uit Sittard. “Best een opoffering, maar ze deden het graag.”

Wat inmiddels alweer een aantal jaren Basketbal Academie Limburg (BAL) is, heeft Hollanders gevormd als basketballer. “Ik ben een kind van de club, ben daar opgegroeid. Als 13-jarige trainde ik er vijf keer per week, op mijn veertiende stapte ik elke dag om zes uur ’s ochtends in de trein en kwam ik ’s avonds om negen uur weer thuis. Het was basketball, school en basketball. Ik ken daar iedereen, kijk met een goed gevoel terug op mijn jaren daar. De coaches die ik heb gehad, hebben me enorm goed geholpen. Zonder BAL zou ik niet zijn geworden wie ik nu ben.”

Sander Hollanders BAL

Het hoogtepunt in zijn Weert-periode was het winnen van de nationale beker bij de mannen in het door de coronapandemie verstoorde seizoen 2020/2021, waarin hij als speler doorbrak in de hoofdmacht met 14,6 punten gemiddeld en 42,9 procent achter de driepuntslijn. Ook afgelopen seizoen was hij een van de sterkhouders bij de opleidingsclub in Limburg, maar inmiddels is Groningen zijn nieuwe habitat en topclub Donar zijn werkgever. Van zuid naar noord dus. “Ik had wel op mijn gemak door kunnen spelen in Weert, maar als je verder wilt komen moet je weg uit de comfortzone. Om de volgende stap in mijn loopbaan te zetten, moest ik verder. Bovendien liep mijn contract bij BAL af.”

Bij zevenvoudig kampioen Donar tekende Hollanders een tweejarig contract. Tot nu bevalt de overstap hem goed. “Niets ten nadele van Weert, maar ik ben onder de indruk van hoe professioneel alles hier is geregeld. Het ontbreekt ons aan niets. Ik ben goed opgevangen door de club, al verliep het begin van het seizoen rommelig met uiteindelijk het vertrek van coach Matthew Otten. Ik dacht: dat zoiets nou net dit seizoen gebeurt, nu ik hier kom spelen. Maar inmiddels gaat het beter met de ploeg en hebben we opgaande lijn te pakken.”

Hollanders heeft zich opgewerkt tot starter, als moest hij die plek door een wortelkanaalbehandeling vorige week kortstondig afstaan aan de Amerikaan Vernon Taylor. Toch vindt hij zichzelf nog niet constant genoeg, waarmee hij model staat voor het spel van Donar zelf. “Tegen Apollo gooi ik er 19 punten in, maar de volgende twee wedstrijden maar een paar puntjes. Het gaat nog te veel met ups-and-downs. Hoe dat komt? Als jij het antwoord weet, hoor ik het graag. Ik moet constanter worden en afdwingen dat meer plays via mij gaan. Maar goed, ik heb een tweejarig contract, dus er is nog tijd om die stap te zetten.”

2019_Orange Lions_MU18_EK_Teamfoto

Ondertussen verheugt Hollanders zich op de interlandbreak die aanstaande is. De 1.94 meter lange guard is door interim-bondscoach Radenko Varagic opgeroepen voor het derde en laatste window van de kwalificatie voor de FIBA World Cup 2023. Hij maakt deel uit van de laatste veertien en hoopt vurig tegen Georgië zijn debuut als A-international te maken, en anders drie dagen later in de uitwedstrijd in Riga tegen Oekraïne. “Het vorige window zat ik er ook al bij, maar niet bij de wedstrijdselectie. Toch vond ik toen ook al fantastisch om aan het Nederlands team te mogen ruiken. Ik bedoel: ik ben pas 21 jaar. Ik ben gewoon ontzettend blij dat ik erbij zit.”

Bondscoach Radenko Varagic is voor Hollanders geen onbekende, net als assistent-coach Koen van Gerwen. “Nee, dat zijn bepaald geen vreemden voor mij. Ik heb jaren onder Radenko en Koen bij BAL gespeeld en Koen was assistent-coach van de nationale U16-ploeg toen we in 2017 zilver wonnen op het Europees Kampioenschap en promoveerden naar de A-divisie. Twee jaar later heb ik onder Paul Vervaeck en Jeroen van Vugt meegedaan aan het EK U18 in de A-divisie (foto hierboven). Als ik nu zou mogen debuteren als A-international, dan zou dat weer mooie stap verder zijn.”

En nog niet zeker niet het eindpunt. Sander Hollanders heeft maar één ambitie: profbasketballer worden. “Een plan B heb ik eigenlijk niet. Het lijkt me geweldig om als prof in het buitenland te gaan spelen, maar eerst moet ik mezelf bij Donar blijven verbeteren.”

Foto's: Donar, BAL en fiba.basketball

 

Artikel overgenomen van de NBB-site.

ALLES WAT JE VERDER WILT WETEN OVER DE ORANGE LIONS EN ORANJE BASKETBALL   ---  Hier  ---  op de site van de NBB.

maandag 5 november 2018

VERSLAG AART DEKKER / DBL: Matig spelende Dutch Windmills pakken op het eind de winst tegen BAL Weert / DUTCH WINDMILLS DORDRECHT / BASKETBALL ACADEMIE LIMBURG BAL /

Shavon Coleman met een van zijn trademark drives door het midden, hier tegen Apollo afgelopen donderdag.  Foto: Martin Blom
Als je als nieuwe club, met een compleet nieuw en jong team, de DBL binnenkomt en met drie keer winst uit vier wedstrijden begint, dan mag dat een droomstart genoemd worden. Dutch Windmills Dordrecht begon de vijfde wedstrijd met dat resultaat. Daartegenover stond het verlies van een van de beste spelers -Floorleader Alec Wintering- deze is inmiddels geopereerd en zat voor het eerst sinds die operatie weer op de bank. Deze wedstrijd zat Floris Versteeg naast hem, die kwam ook niet in actie. Ook Basketball Academie Limburg Weert was niet compleet; Elay Wirjo en Joey Liem kwamen niet in het veld. Sinds gisteren -toen Feyenoord Basketball de eerste winst pakte- stond BAL als enige team in de DBL nog op nul, en die nul zou het graag wegpoetsen in Dordrecht.

Radenko Varagic startte met Ivan Simic, Robin van Heukelom, Jules Schild, Wietze Nossek en Tony Washington, en daar zette Geert Hammink Roel van Overbeek, Ryan Richardson, Pim de Vries, Jito Kok en Shavon Coleman tegenover. BAL won de jumpbal en nam het eerste schot van de wedstrijd maar haalde daar geen score uit. Daaropvolgend ging Shavon Coleman vanuit de verdedigende rebound coast-to-coast recht door het midden -dat blijkt zo'n beetje zijn trademark move- trok de persoonlijke fout en maakte een van de twee vrije worpen. Weert kwam terug met een driepunter. Nogmaals Coleman door het midden, maar deze keer wel met een directe score leverde een stand op van 3-3. Dat was zo'n beetje het beeld voor de rest van het eerste kwart; Weert in een stugge zone-verdediging en Dordrecht dat minder energiek speelde dan we de laatste wedstrijden gewend waren te zien. Coach Geert Hammink toonde daarover al snel zijn misnoegen, en liet zijn mannen af en toe full-court verdedigen, maar hij kreeg zijn spelers aanvankelijk niet in het goede spoor. Jito Kok had zijn handen vol aan Tony Washington en kwam aanvallend ook niet los. Windmills kreeg wel nogal wat vrije worpen, maar miste er geruime tijd steeds een van de twee; uiteindelijk stopte de teller van de streep voor Dordt met 12:21 FT's, waar Weert daar op 9:12 eindigde. BAL speelde het eigen spel consequent goed en stug door en bleef vrijwel het hele eerste kwart op een kleine voorsprong. En Windmills deed dat zowel aanvallend als verdedigend (net) niet. Het resultaat na tien minuten was ernaar; 13-14 voor BAL. Een paar individuele highlights nog die het vermelden wel waard zijn: Coleman die opnieuw de bal van de ring af tikte nadat de bal de ring heeft geraakt -we zien het in Nederland niet zo vaak; Coleman doet het regelmatig- en een schot dat hij in de hoek van het veld weg blokte nadat hij van ver aan kwam vliegen. Snoepjes voor het publiek.

Het tweede kwart bracht min of meer meer van hetzelfde; de punten waren duur. Door een reeks goede acties van Pim de Vries in zowel de verdediging als in de aanval ging het voordeel wel licht naar Windmills. Tony Washington blokte en intimideerde met zijn lengte en atletisch vermogen een aantal Dordtse schotpogingen en vergde de aandacht van de Windmills verdediging. Wietze Nossek kwam af en toe aardig door. Maar de aanvallende kracht van Weert was nu ook weer niet zo groot dat het de wedstrijd naar zich toe kon trekken. Bij rust was de stand 29-27 en het humeur van coach Hammink was er niet beter op geworden. Desondanks bleef hij niet heel lang in de kleedkamer.

Zijn inbreng in de kleedkamer had wel het gewenste effect; de verdediging van Dutch Windmills werd wat energieker en scherper en dat begon te werken, met ook positieve aanvallende gevolgen. Wat meer mogelijkheden voor de fast-break doen vaak wonderen. Ryan Richardson ging zich ook met het scoren bemoeien en met nog 4:10 op de klok en 42-32 op het scorebord probeert coach Varagic het Dordtse momentum te stoppen met een time-out. Dat lukt wel een beetje, met als meest opmerkelijke resultaat een 5-punts-aanval van Nino Gorissen; Roel van Overbeek bumpte zijn teamgenoot van vorig seizoen op het moment dat hij aanzette voor een fast-break. Dat werd bestraft met een onsportieve fout. Gorissen maakte beide vrije worpen en schoot er een pull-up driepunter overheen voor 42-37. Ook Hidde Roessink drukte in die fase even zijn neus tegen het raam met een paar hustle rebounds in de aanval en een fraaie pull-up score vlak voor de 24-seconden buzzer. In deze fase was er ook een aantal malen onbegrip bij spelers over gefloten aanvallende fouten bij picks en screens. Uiteindelijk veranderde ook de derde periode weinig aan het wedstrijdbeeld; 46-42.

Wat in zich bij vlagen in het derde kwart al een beetje aftekende, gebeurde ten volle in het laatste bedrijf; een energieker, sneller en beter als team spelend Windmills begon afstand te nemen van Weert dat het overigens niet opgaf. De Dordtse verdediging sloot steeds beter en onder andere daardoor kwamen er meer fast- en quick-breaks van de Dordtenaren (die trouwens niet allemaal goed af werden gerond), er werden meer aanvallen goed uitgespeeld met een paar fraaie driepunters als gevolg, en toen Weert een press neerzette werd die volgens het boekje gebroken. Dat alles was teveel voor Basketball Academie Limburg; het verschil liep op tot maximaal twintig punten (70-50) en de eindstand werd 70-52.

Het lukte BAL nog niet om van 'de nul' af te komen, maar misschien lukt dat de komende week als het thuis speelt tegen Feyenoord Basketbal en Den Helder Suns.

Dutch Windmills speelde verre van goed, maar pakte toch alweer de vierde overwinning in het prille bestaan. Met Aris Leeuwarden thuis op donderdag voor de boeg is dat een goede zaak. Daarna wordt het schema stukken zwaarder met achtereenvolgens uitwedstrijden tegen Den Bosch, Zwolle en Leiden.

Coach Geert Hammink werd na de wedstrijd op de vloer geïnterviewd en sprak expliciet zijn ongenoegen uit over hoe zijn team aan de wedstrijd vanaf het begin speelde. “Er werd niet hard genoeg gevochten, en onvoldoende als team gespeeld en dat kan niet tegen een goed spelend Limburg.”

AART DEKKER (Meer over Dutch Windmills van Aart Dekker   ---  Hier  ---)

zaterdag 13 oktober 2018

SHARTIE AART DEKKER / BASKETBALL IN DE LANDELIJKE MEDIA / NRC ANALYSE DBL ANNO LENTE 2018 / BESCHOUWEND OVERZICHT / AANRADER: 'De nieuwe lente in het Nederlandse basketbal' / STEVEN VERSEPUT / EVEN TERUG&VOORUIT KIJKEN /

Graphic van NRC.nl / NRC Sport hoort bij originele artikel:   ---  Hier  ---

SHARTIE AART DEKKER:


Soms moet je even afstand nemen om goed te kunnen zien wat er gebeurt; Even Terugkijken, of juist Vooruit, Even Helicopterview, niet Emotioneel Praten of zelfs Schreeuwen op basis van iets dat nu -of net- is misgegaan, of iets dat dreigt fout te gaan. Zeg ik daarmee dat 'het Allemaal Fantatstisch gaat'? 'Of dat er niemand iets fout doet, of tenminste iets gewoon beter zou kunnen, of gewoon zou moeten doen'?

Nee; ik zeg alleen dat het goed is om terug te kijken naar het verleden (er komt nog zo'n stuk als dit uit een verder verleden), of juist tendensen over een langere termijn proberen te zien.

Het onderstaande stuk is van de hand van Steven Verseput, en verscheen in NRC. Die krant doet niet heel erg veel aan het Nederlandse Basketball, maar ze onderscheiden zich wel met afwijkende manier van kijken naar de grotere ontwikkelingen in het Nederlandse Basketball.

Ik vind het meer dan de moeite waard, en ik hoop dat NRC veel meer ruimte gaat maken voor het Nederlandse Basketball; goed voor onze sport, en misschien uiteindelijk ook wel goed voor NRC zelf...

(AD)

De Complete Originele Versie van dit artikel op NRC.nl met meer (Fraaie!) Foto's en Ander Beeld, vind je   ---  Hier  ---

De nieuwe lente in het Nederlandse basketbal

Achtergrond Groningen staat verrassend in een Europese halve finale. Staat dit voor een bredere ontwikkeling in het Nederlands basketbal?

Een uitverkocht Martiniplaza, de thuisbasis van het Groningse Donar, eind vorige maand. De club heeft historisch een grote achterban. Foto Kees van de Veen


Een maandagavond, juni 2016. In zalencentrum NDC den Hommel in Utrecht vergadert de bestuurlijke top van het Nederlandse basketbal, ruim vijftien man. In de kern is het een crisisberaad, al is de sfeer er niet naar. De meesten hebben vaker moeilijke periodes meegemaakt in het basketbal en schrikken niet meer zo snel. Het is gemoedelijk. Na afloop wordt op het terras nog wat gedronken, het is een warme dag geweest.

De situatie in de eredivisie is zorgelijk, dat jaar. Acht teams telt de competitie, maar het voortbestaan van twee clubs staat op het spel: Weert en zestienvoudig landskampioen Den Bosch. Als zij wegvallen, wankelt ook de toekomst van de eredivisie. Zes teams zou een dieptepunt zijn. Een van de aanwezigen zegt nu: „De competitie was op sterven na dood.”




De problemen zijn veelomvattend, met een gebrek aan geld als rode draad. Het semi-professionalisme heeft de overhand. Sponsors zijn sinds de crisis (2008) moeilijk te vinden, budgetten teruggelopen, salarissen gedaald en spelers hebben er regulier werk naast. Het is hangen en wurgen, voor de meerderheid van de clubs. 

Die avond in Utrecht presenteert de competitieleiding een reddingsplan, Buzzer beater genaamd. Er moet wat gebeuren. De instabiliteit en financiële problemen zijn door de jaren heen structureel. Elke zomer vechten met name kleinere clubs om de begroting rond te krijgen. Twee seizoenen eerder ging Den Helder failliet, voor de derde keer in tien jaar.

10.000 euro inschrijfgeld

De Dutch Basketball League (DBL) is een gesloten competitie, zonder promotie en degradatie. Je kunt in principe instappen als je een hal, spelers, een coach en genoeg sponsors hebt. Een begroting van tweeënhalve ton wordt als minimum gezien. Toetreding kan na toetsing van de financiële mogelijkheden en met 10.000 euro inschrijfgeld. Doordat het aantal clubs beperkt is, wordt een dubbel programma afgewerkt. Hoogtepunt: de play-offs, vanaf eind april.

De clubs zijn zelf eigenaar van de competitie. Ze zijn verenigd in een overkoepelende organisatie, de DBL, met een driekoppig, onbezoldigd bestuur, verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de league. Clubs zijn in zekere zin afhankelijk van elkaar, ze moeten het samen doen. Te weinig teams betekent geen competitie. De crux van het reddingsplan: hoe kunnen ze hun ‘product’ – de eredivisie – gezamenlijk sterker maken. Wetende dat de sport hier klein is, de basketbalbond zit al jaren op zo’n 40.000 leden.


Met name de kleinere clubs moeten professionaliseren en bedrijfsmatiger aangestuurd gaan worden. Zij leunen nu veelal op vrijwilligers. Het moet commerciëler, meer gericht op de beleving van fans, met strakkere regie bij wedstrijden, livestreaming via site en app. Basketbal moet mee in de vaart der volkeren.

De praktijk is weerbarstiger. Neem Aris Leeuwarden, vijf jaar geleden nog finalist, nu worstelend in de middenmoot. Tot vier jaar terug hadden ze een begroting van een half miljoen, maar nadat een hoofdsponsor afhaakte konden ze twee ton minder besteden. Ze moesten saneren, er werd afscheid genomen van een managementbureau dat de club runde. De organisatie kwam weer in handen van vrijwilligers. „We draaien op gekken die er heel veel energie in stoppen”, zegt bestuurslid Gert Schurer.

Zeven van de elf spelers hebben een salaris. De rest speelt op amateurbasis of is semi-professioneel, zij werken of studeren ernaast. Drie auto’s heeft de club voor de spelers, die moeten ze onderling delen. En als de ploeg 60 kilometer verderop in Groningen speelt, huren ze geen bus. „Dan gaan we gewoon met de auto.” Scheelt op een seizoen 1.500 euro bushuur – twee keer 750 euro voor die twee uitwedstrijden.

Ze zijn grotendeels afhankelijk van sponsors, vertelt Schurer. Slechts 5 tot 10 procent komt uit wedstrijdrecettes en seizoenkaarten. Ze willen groeien. „We moeten challengen.” Ze kijken „strontjaloers” naar de topclubs, die betaalde krachten in de organisatie hebben. Om dat weer in Leeuwarden te bereiken moeten ze terug naar een begroting van een half miljoen – maar vindt het geld maar eens.

Terug naar juni 2016. Na die eerste bijeenkomst komen de bestuurders vaker samen, zes werkgroepen maken plannen die de competitie op langere termijn stabieler, spannender en zichtbaarder moeten maken. Maar de korte termijn dwingt tot snel handelen.



Grootmacht Den Bosch dreigt failliet te gaan. Hoofdsponsor SPM is gestopt en er is een betalingsachterstand van 250.000 euro. En in Weert rommelt het bestuurlijk en financieel al jaren. De situatie verslechterde na het faillissement van hoofdsponsor Maxxcom in 2015. 

Met man en macht wordt gewerkt om beide teams te behouden. „Iedereen had wel zoiets van: dit is te mooi om helemaal stuk te laten gaan”, zegt Marcel Verburg, voorzitter van Leiden en destijds de hoogste man bij de DBL.

Loyaliteit van de andere clubs wordt gevraagd. Weert heeft een schuld van duizenden euro’s opgebouwd bij de DBL, door achterstanden in hun jaarlijkse contributie en scheidsrechterskosten. Clubs stemmen ermee in dat dit wordt afgeboekt van de gezamenlijke pot. Ofwel: ze dragen zo indirect bij aan de herstructurering van Weert.

Bij Den Bosch stapt de invloedrijke sportmarketeer en basketballiefhebber Bob van Oosterhout in met zijn bedrijf Triple Double. De organisatie wordt gerevitaliseerd, schulden weggewerkt, tientallen bedrijven vastgelegd en de begroting wordt opgeschroefd naar 1 miljoen.

De zwakke plek

September 2016, tien dagen voor het begin van de eredivisie, wordt duidelijk dat er weer acht teams zijn. De competitie is gered.

Het huis stond in de fik, er is geblust en de opbouw begint. Er is een nieuw realisme ontstaan. Clubs draaien niet langer op één hoofdsponsor. Het was de zwakke plek: viel de grootste geldschieter weg, dan klapte de club om. Nu wordt geprobeerd een bredere basis te leggen, met een grote groep sponsors en partners.

Lichtend voorbeeld is Donar. De Groningse club heeft geen hoofdsponsor, maar is met zo’n tweehonderd businessclubleden en hoge recettes verzekerd van een stevig fundament. Donar, dat historisch een grote achterban heeft, is met een begroting van ruim 1,5 miljoen euro (dat groeit naar 1,8 miljoen) de kapitaalkrachtigste club.

Met drie landstitels in de laatste vier jaar en op koers voor een nieuw kampioenschap, stijgt Donar boven het veld uit. Hun Europese krachttoer – halve finale Europe Cup – lijkt op zichzelf te staan en niet onderdeel te zijn van een bredere Nederlandse ontwikkeling.

Donar laat zien wat Europees mogelijk is, waar clubs vroeger nog bedankten voor Europese deelname om de kosten. Andere teams „spiegelen” zich daaraan, zegt Donar-coach Erik Braal, zaterdag in Den Bosch, na een zege. „Mensen zien hoe we spelen, dat we de bal delen. Dat wordt hier ook gezegd: zo moet je spelen, alleen zo kan je Europees succes hebben.” 

Toen hij drie jaar terug begon bij Donar waren de Europese duels vooral „voor de teambuilding”, niet zozeer voor het resultaat. Nu wil de club structureel meedoen in Europa, ook omdat de eredivisie te weinig te bieden heeft. „Als je alleen de Nederlandse competitie zou spelen, zou ik het heel saai vinden”, zegt Martin de Vries, Donars bestuurslid technische zaken.

Langjarige trends zijn dalend

De top is uitgedund, doordat clubs verdwenen of een stap terug deden. De langjarige trends zijn dalend. Tien jaar terug hadden Den Bosch (toen met sponsor Eiffel) en Amsterdam (Eclipsejet MyGuide) begrotingenvan rond de 3 miljoen euro. Daar komt nu geen club bij in de buurt.

Salarissen zijn fors gedaald, klinkt het. Cijfers geeft de DBL niet. Sommige Amerikanen kregen destijds 20.000 euro per maand. Nu ondenkbaar. Bij het gros van de clubs variëren de salarissen tussen de 1.700 en 3.000 euro. Met uitschieters naar boven – maar vooral naar beneden.

Basiskrachten van Donar zitten daar ruim boven, zeggen meerdere mensen. Bestuurslid De Vries wil niet op salarissen ingaan.

Zo’n 70 eredivisiespelers hebben een (volwaardig) salaris, 50 zijn amateur of krijgen een onkostenvergoeding, blijkt uit de rondgang. Woning en vervoer zijn vaak inbegrepen.


Iedereen probeert op zijn manier te overleven. Weert maakte vorig jaar een nieuwe start met opleidingsclub Basketbal Academie Limburg. Drie selectiespelers van 17 en 18 jaar moeten 5.000 euro opleidingskosten betalen. „Je krijgt bij ons de kans om je op het allerhoogste niveau te laten zien, en als je dat doet, ga je naar een profcontract toe”, zegt voorzitter Gerard Ackermans. Zes meer ervaren spelers krijgen een jaarsalaris tót maximaal 8.000 euro. 

Apollo Amsterdam heeft met zo’n 150.000 euro de laagste begroting. Met daarnaast barterdeals die de club (in natura) veel oplevert, vertelt voorzitter Ramon Siljade. Bedrijven leveren producten of diensten op het gebied van kleding, vervoer, fysieke training, huisvesting en krijgen daar naamsbekendheid voor terug.

De volgende stap is dat de club naar „meer cash” gaat. Opsteker in deze: dinsdag presenteerden ze RAI als shirtsponsor. Drie van de veertien spelers kunnen van hun sport leven. Spelers studeren of werken ernaast, trainingen zijn ’s avonds zodat het te combineren is. De coach heeft er ook een baan naast.

Investeren in nieuwe carrière

Kees Akerboom jr. (34) is nu de helft van zijn leven prof. Hij speelde altijd in de top, vooral bij Den Bosch, zijn huidige club. Het einde nadert. „Het is geen vetpot”, zegt Akerboom, 99-voudig international. Hij is vader van drie kinderen. Zijn vrouw werkt, ze hebben een hypotheek. Om te voorkomen dat hij na zijn carrière zonder baan komt en financieel terugvalt, investeert hij in een nieuwe loopbaan. Sinds januari werkt hij ook 12 uur per week bij Biesheuvel Techniek, leverancier voor onderhouds- en productiebenodigdheden.

Met het dalen van de lonen zag Akerboom het niveau in de competitie achteruitgaan, met ook kwalitatief mindere Amerikanen. „We kunnen het als basketballand maar niet voor elkaar krijgen de sport te laten groeien.”

Dat is precies wat het DBL-bestuur onder voorzitter Ramses Braakman ambieert. Ze willen een grote competitiesponsor binden en de sport vermarkten. Maar dat is complex met een competitie die zijn beperkingen heeft. Ziggo Sport zond de afgelopen twee seizoenen op donderdag eredivisiebasketbal uit, maar stopte daarmee „omdat we de kijker meer kijkplezier doen door ons te richten op andere zaken”, zegt Ben Visser, hoofd programmering. Van de play-offs en de Europese wedstrijden doen ze wel verslag. Europese duels van Donar trekken zo’n 50.000 kijkers.

Wat zou helpen is een volwaardige competitie met meer teams – dit seizoen zijn er negen. Doel is uitbreiding naar twaalf tot veertien ploegen. Zes potentiële nieuwkomers zijn eind 2016 uitgenodigd voor een presentatie: hoe begin je een club, hoeveel geld heb je nodig.




Den Helder kwam er voor dit seizoen bij. En Dordrecht verwacht volgend seizoen in te stromen met een begroting van minimaal 450.000 euro. Er zijn ook plannen in Haarlem, Den Haag, Wijchen, Utrecht. Initiatiefnemers in die steden zeggen: het grote probleem is het vinden van sponsors, of de accommodatie.

Feyenoord basketbal

Langzaam klimt het Nederlands basketbal uit de put, zeggen velen. Er gebeurt veel. Zoals in Rotterdam, dat opkrabbelt na jaren in de marge. Daar verwachten ze volgend seizoen onder de naam Feyenoord te kunnen spelen, als onderdeel van de plannen voor een multisportvereniging, met naast het vlaggenschip voetbal ook hockey, handbal en volleybal.

„Ik merk nu al toenemende interesse bij bedrijven, het merk is heel sterk”, zegt voorzitter Cees-Willem Koorneef. Ze hebben nu twintig seizoenkaarthouders. „We staan aan de vooravond van een spannend seizoen.” Hij hoopt richting de honderd seizoenkaarten te gaan. „Laten we dan weer eens afspreken.”



zaterdag 23 december 2017

iBASKETBALL COLUMNIST JORIS ZANDBERGEN / BAL WEERT / AANRADER: 'Weeshuis'

De meer dan uitste-kende iBasket-ball-Columnist Joris Zandber-gen had laatst een stukje dat mij op diverse punten (ook) uit het hart gegrepen was. Voor mensen die het nog niet eerder op iBasketball lazen; hier in de herkansing:


Weeshuis


Toen ik zaterdag de BALlers uit Weert zag strijden tegen ZZ Leiden, schoot mij een radioprogramma uit vroeger dagen te binnen. Het Weeshuis van de Hits.
Uiteraard hoop ik dat de ouders van de spelers van Weert allemaal in blakende gezondheid verkeren, maar toen ik die verzameling getalenteerde jonkies het Leiden meer dan moeilijk zag maken, moest ik denken aan het programma van Peter van Bruggen en de fenomenale Morrison.
Hoop ‘Er zijn songs die als hit worden geboren, maar er zijn er ook die door pappa en mamma in de steek zijn gelaten. Is er nog hoop?’ Dat was de tekst van het fictieve weesjongetje Morrison en ik vond dat opeens toepasselijk op de boys van coach Radenko Varagic (’t is een kwestie van geduld voor heel Limburg Servisch lult). Niet rustig tot wasdom kunnen komen bij een club met gearriveerde spelers maar ineens vol voor de leeuwen.
Het was zeer indrukwekkend wat die jonge gasten lieten zien. Natuurlijk, Leiden zat even moeilijk en had onder andere omstandigheden eenvoudiger gewonnen, maar dat was het punt niet helemaal. BAL verweerde zich uitstekend en hoeft zich gewoon niet meer bij voorbaat neer te leggen bij een eenzijdige kloppartij.

Liefhebber
Na afloop sprak ik met Paul Vervaeck over Weert en Meneer Paul (geen idee of iemand hem zo noemt maar ik vind het wel kunnen), liefhebber als hij is, leek stiekem te hebben genoten van het tegenspel van de opponent van de avond. Hij sprak mooie woorden over BAL en zijn coach, en dat kan ik dan weer zeer waarderen. Natuurlijk is Vervaecks voornaamste taak te winnen met zijn team, maar waarom zou je niet erkennen dat de tegenstander ook goede dingen doet? En dat deed hij.
Wat ik zo leuk vind aan de Limburgers, is dat het team bijna bij elkaar geraapt lijkt. Een verzameling veelal jonge gasten die elders niet aan de bak kwamen, te laag speelden of anderszins ietsje van het ideale carrièrepad waren geraakt. Vandaar dat weeshuis. En nu, met de uitstekende Varagic als ‘pleegvader’, spelen ze voluit tegen iedereen op.

Onafhankelijk
Het was wel erg prettig om te zien dat als je maar hard traint en vooral ook op de juiste dingen, je een heel eind kunt komen. Bijkomend voordeel: het is geen CTO met door de bond ergens naartoe gedwongen talenten, maar gewoon een onafhankelijk clubteam. Ik sprak iemand die ergens wat van wist, en hij vertelde me dat ze commercieel (noodgedwongen) buiten de doos denken. Ik hoorde goede ideeën en hoop dat het slaagt.
Het valt natuurlijk niet mee, iets verkopen dat niet meteen prijzen oplevert. Toch hoop ik dat ze daar volharden in het goede. ‘In Weert zie je de sterren van morgen’, of zoiets. Het is het heel erg waard om dat te koesteren. Beste Noord-Limburgers, ga kijken (want ze basketballen gewoon heel leuk) en steun dit financieel. Oké, je doet niet meteen mee om de prijzen en in een businessclub telt zoiets wel, maar met een beetje geduld ben je straks sponsor of supporter van iets heel moois.

Basketbalprof
Misschien moet er wat bij of af, maar dit kan eigenlijk niet fout gaan. Meneer Paul dacht wat ik dacht toen hij zoiets zei als: Pas op, zet hier geen Amerikanen bij. Die moeten schoten en speeltijd. Dan worden die Nederlandse talenten een doorgeefluik. Juist dat zijn ze nu niet in Weert.
In Weert moeten ze het doen met wat ze hebben en juist dat is heerlijk om naar te kijken. BAL is the place to be om te leren hoe je basketbalprof moet worden. Ik hoop en verwacht dat Jong Oranje grootverbruiker wordt van deze talenten. En als er een talent op zijn, ik zeg maar wat, 22ste het weeshuis verlaat om in dienst te treden bij een gearriveerde grootmacht, dan moeten we iedereen dat gunnen, zolang hij maar aan spelen toe komt.

Dubbel
De beste basketbalacademie van ons land staat in Weert. Je zou bijna hopen dat daar nooit een schip met geld binnenkomt omdat er prijzen gepakt moeten worden, hoe dubbel dat ook klinkt. Laat het een opvanghuis blijven voor verweesde basketballers. Onze sport heeft levensaders nodig en die in Weert klopt (voluit).


Nog veel meer Columns van Joris Zandbergen(e.a.)op iBasketball lees je  ---  Hier  ---