“... Maar Maxime en Tom hebben geen
enkele gemeenschappelijke voorouder, zoals door een genealoog is
vastgesteld. In de stamboom van Tom Dumoulin is onder meer
overgrootvader Hubertus te vinden die bankwerker was. Verder terug in
de stamboom is de naam Dumoulin in allerlei varianten te vinden
Demolin, De Molin, Du Mollin en Demolin. De oudste voorouder is ene
Hendrik De Mollin die in 1617 geboren is.
De andere stamboomhouder meldt aan John
Kroon voor een verhaal van wielertijdschrift De Muur
dat de familie van Tom Dumoulin een echte Maastrichtse familie is. De
stamboom gaat in een rechte lijn in Maastricht terug tot in de 17e
eeuw. Daarmee is het van oudsher een katholieke familie. Van hugenoten,
calvinisten die na 1685 Frankrijk ontvluchtten is geen sprake.
Maar het nog wèl de vraag of je de
achternaam Dumoulin moet uitspreken als Dúmoulin of Dumoulín. Als
Tom er in een persconferentie naar gevraagd wordt, moet hij lachen:
'Of het een stomme vraag is? Nee, helemaal niet! Het is een
aanhoudende familievete bij ons thuis, ik zeg het altijd op z'n
Frans, Dumoulín dus. Nou daar is m'n moeder het niet mee eens, zij
is ervan overtuigd dat de klemtoon op de eerste lettergreep ligt. Dus
sorry, zelfs ik moet je het antwoord schuldig blijven.
Moeder Erna is 29 jaar oud als ze Tom
krijgt. Ze komt uit Heerlen, groeit op in een gezin met zes zussen en
zit op het Bernardinuscollege. Naar die middelbare school gaat ook
een jongen die later een bekend politicus zou worden. Die jongen is
in Maastricht geboren, maar groeit door het werk van zijn vader
grotendeels op in Brussel en Rome. Na de scheiding van zijn ouders
gaat hij met zijn moeder terug naar Nederland om zijn middelbare
school op het Bernardinuscollege af te maken. En die jongen heeft
een oogje op Erna. Maar het wordt niets tussen Erna en Frans
Timmermans. Misschien maar goed ook, want het is maar de vraag of Tom
Timmermans een (goede) wielrenner zou zijn geworden.
Erna Burg studeert van 1984 tot 1988
Gezondheidswetenschappen aan de Universiteit van Maastricht. Maar
Heerlen blijft trekken waar ze bestuursadviseur is bij de cluster
sport van de afdeling Welzijn van de gemeente.
Tom gaat in Maastricht naar basisschool
OBS Binnenstad. Lerares Josephine Hochtenbach haalt in het Algemeen
Dagblad herinneringen op aan de kleuter Dumoulin.: 'Een leuk
mannetje was het. Niet extreem, niet heel opvallend. Gewoon een kind
dat heerlijk kon buitenspelen en wilde ravotten met zijn vriendjes.'
Ze heeft ook Tom's jongere zussen Nina en Simone in de klas gehad en
vond het een heel leuk en gezellig gezin. Stuk voor stuk bescheiden
types. Maar over zich heen laten lopen deden ze niet. 'Tom was een
mannetje dat wist wat hij wilde. Als hij besloten had dat hij in de
bouwhoek wilde, dan moest dat gebeuren. Ook als de bouwhoek vol was.
In groep acht zwaaide leraar Walther
Feddema de scepter. Aan de NOS vertelt hij in 2017 over de jonge Tom
Dumoulin: 'Een rustige, bescheiden jongen die precies wist wat hij
wilde. Ik herken hem nu heel goed van vroeger. De gymles vond hij
heel erg leuk. We fietsten met deze klas altijd naar ons kampadres en
ik kan me herinneren dat hij dat helemaal niet zo leuk vond, want het
gaat hem te langzaam. Hij had niet veel hobby's. Sporten, dat vond
hij leuk. En de rest daar was hij heel goed in, maar hij blonk niet
uit in overdreven ijver.'
De kleine Tom weet nog niet precies wat
hij wil worden. Eerst denkt hij aan goudzoeker, maar dat is een nogal
exotische en niet zo'n gangbare keuze. Later lijkt het hem wel leuk
om kinderarts te worden. Maar meester Feddema kan zich herinneren dat
Tom twijfelde. 'Hij vond het beroep arts wel leuk, maar hij was er
toen al over aan het denken om te gaan fietsen.'
Van dit boek - ik las de editie van 2019 - is in 2020 een geheel herziene editie uitgekomen, met daarin extra 'Het rampjaar 2019, en zijn kansen op nieuwe zeges in 2020). Meer informatie --- Hier ---