Hoe Trump Europa’s aandacht kaapt–Chaospolitiek
Waar Donald Trump in zijn eerste termijn vooral de aandacht van de Amerikanen kaapte, exporteert hij deze aanpak nu naar het wereldtoneel, het meest recent naar Groenland. Europa moet zich weerbaar tonen met een eigen veiligheidsstrategie.
19 januari 2026 – verschenen in nr. 04
Originele artikel in De Groene Amsterdammer --- Hier ---
Er zijn politici die de actualiteit proberen te begrijpen en politici die haar willen maken. Donald Trump behoort tot die tweede categorie, niet omdat hij bovengemiddeld geïnteresseerd is in wat er op het spel staat, maar omdat hij een feilloos instinct heeft voor wat in de politiek bepalend is geworden: aandacht. De Amerikaanse rechtsgeleerde Tim Wu beschreef in zijn boek The Attention Merchants hoe we leven in een aandachtseconomie, waarin niet kennis maar menselijke aandacht de schaarse grondstof is die wordt ontgonnen en verhandeld.
In dit licht moeten we Trumps recente dreigementen richting Groenland en Denemarken, een Navo-bondgenoot, ook zien. Dat de Amerikaanse president ‘controle’ wil over een semi-autonoom deel van Denemarken past bij het beeld dat de VS onder Trump terugkeren naar de oude politiek van invloedssferen en brute macht, als alternatief voor het systeem van regels, verdragen en bondgenootschappen dat de internationale orde vormgaf na de Tweede Wereldoorlog. Maar de internationale politiek tijdens de tweede ambtstermijn van Trump laat ook iets nieuws zien: het kapen van aandacht als strategisch wapen in de internationale politiek.
De aandacht kapen werd door de regering-Trump in de eerste termijn al ingezet in de binnenlandse politiek. Het werd door Trumps politiek adviseur Steve Bannon ooit ‘flood the zone with shit’ genoemd. Dat wil zeggen, creëer een incident dat niet genegeerd kan worden, dwing anderen tot reactie, en ga daarna direct door naar de volgende rel. Hierdoor hebben je tegenstanders geen mentale ruimte meer om een eigen strategie te ontwikkelen. Deze ‘flood the zone’-strategie wordt nu ingezet in het buitenlands beleid.
Vorige week herhaalde Donald Trump dat de Verenigde Staten Groenland ‘moeten hebben’, dat iets anders ‘onacceptabel’ zou zijn. Immers, de Navo zou er volgens Trump ‘sterker’ van worden als Groenland Amerikaans was. De Deense regering en Europese bondgenoten reageerden voorspelbaar verontwaardigd. Groenland zelf deed wat het al jaren doet wanneer Washington de verleiding niet kan weerstaan om luidop te fantaseren over annexatie: het wees erop dat Groenland zijn eigen toekomst bepaalt en niet te koop is.
Dit zijn geen losstaande provocaties, maar is onderdeel van een bredere strategie van geopolitieke clickbait: permanent het nieuws en de agenda beheersen, om zo de aandacht van andere regeringsleiders af te leiden.
Trumps politieke stijl wordt vaak omschreven als politiek theater, als een spektakel. Maar in het theater heeft een voorstelling een omlijnd script, met een begin en een einde, en gaat het publiek na afloop naar huis. Trumps aandachtsstrategie lijkt meer op een vorm van reality-tv: er is geen einde, de camera blijft continu draaien, en het publiek blijft kijken omdat er altijd weer een volgende aflevering begint.
Dat is precies waarom Groenland zo’n geschikt onderwerp is. Het is strategisch belangrijk, maar ook ver genoeg weg, zodat veel mensen er weinig van weten. Daarom leent het zich om de agenda te kapen: groot genoeg voor headlines, vaag genoeg voor eindeloos commentaar. Tegelijk zaait het idee van een mogelijke annexatie paniek: het raakt de nationale veiligheid, de solidariteit tussen Navo-leden en de kwetsbaarheid van het Arctische gebied. Denemarken heeft, met hulp van andere Europese landen en zelfs Canada, inmiddels de militaire aanwezigheid in Groenland versterkt. Niet omdat men verwacht dat Amerikaanse mariniers morgen in Nuuk landen, maar omdat de combinatie van retoriek en geopolitieke druk niet zonder gevolgen kan blijven en men de kosten van een eventuele aanval wil verhogen.
Maar de kern is niet of Donald Trump werkelijk denkt dat hij Groenland gaat annexeren. De kern is dat hij er baat bij heeft dat Europeanen erover móeten praten. Oftewel de ‘flood the zone’-strategie: overspoel het debat met de zoveelste rel, zodat media en oppositie niet meer in staat zijn om onderscheid te maken tussen hoofd- en bijzaken. Met het gevolg dat de aandacht versnipperd raakt, mensen overbelast worden en iedereen alleen maar reageert.
Waar Trump tot nu toe vooral de Amerikaanse aandachtseconomie domineerde, exporteert hij deze aanpak nu naar het wereldtoneel: van Venezuela tot Iran, van Nigeria tot Groenland. Het gevolg is dat buitenlandse regeringsleiders niet langer alleen toeschouwers zijn, maar figuranten zijn geworden in de Trump-show.
Het gemak waarmee Europese leiders Trumps uitspraken lang wegzetten als ‘typisch Trump’ is begrijpelijk, maar inmiddels is het duidelijk dat er een strategie achter zit. Neem de inhoud van de recent gepubliceerde National Security Strategy, waarin Europa explicieter dan voorheen wordt genoemd. Europa wordt neergezet als een continent in verval, terwijl de EU wordt afgeschilderd als een ‘door de elite gedreven, antidemocratische inperking van fundamentele vrijheden’.
Het document zet ook in op een verdeel-en-heersstrategie richting Europese hoofdsteden: hoe rechtser en hoe Trump-vriendelijker Europese leiders zijn, hoe meer steun ze zouden kunnen verwachten uit Washington. Dat is een fundamentele verschuiving. Trumps buitenlandpolitiek is nu transactioneel: loyaliteit is iets wat je koopt, afdwingt of inzet als drukmiddel. In zo’n wereld zijn bondgenoten pas bondgenoten als ze nuttig en gehoorzaam zijn.
Groenland is in die logica niet alleen een eiland met een strategische ligging en grondstoffen, maar ook een machtsinstrument, bedoeld om Denemarken en Europa te laten voelen wie de agenda bepaalt. Trumps strategie produceert namelijk iets waar Europa bijzonder slecht tegen bestand is: versnippering van de eigen aandacht.
Elke crisis heeft haar eigen geografische zwaartepunt. Groenland raakt Scandinavië. Tarieven raken vooral exportlanden. Oekraïne-uitspraken raken Oost-Europa existentiëler dan Zuid-Europa. En dus reageert Europa telkens met nieuwe, ad hoc gevormde coalities van landen in de voorhoede, afhankelijk van waar de klap op dat moment het hardst aankomt.
Dat is precies het probleem. Want als elk nieuw incident telkens een nieuw Europees meningsverschil oplevert, ontstaat er geen momentum voor een gezamenlijke strategie. Europa lijkt permanent afgeleid door dit specifieke dreigement, die specifieke uitspraak of deze specifieke actie. En Donald Trump weet wat dat betekent: zolang Europa vooral bezig is met reageren, komt het niet aan strategisch denken toe.
Dit is nu precies de politieke logica van de aandachtseconomie: de prijs van het kapen van aandacht is strategische kortzichtigheid. Alles voelt acuut, waardoor niets wordt opgelost. En ondertussen raakt Europa steeds verder verwijderd van de vraag die er werkelijk toe doet: wat is onze eigen strategie? Wie Trumps chaospolitiek continu beantwoordt met verontwaardiging, wordt onderdeel van zijn script. Wat Europa nu nodig heeft is de discipline om aan een eigen veiligheidsstrategie te werken.
Europa zal daarom een tweesporenbeleid moeten voeren. Het eerste spoor is de reactie op Trumps laatste ‘stuk rood vlees’, en dit moet koel en weloverwogen gebeuren. Ja, Europa moet reageren als een Amerikaanse president dreigt met ‘acties’ tegen een lidstaat of bondgenoot. Niet omdat elke uitspraak van Trump een beleidswijziging zou moeten betekenen, maar omdat de principes die hier geraakt worden wél fundamenteel zijn: territoriale integriteit, internationaal recht en respect voor zelfbeschikking.
Maar die reactie moet niet de vorm aannemen die de Amerikaanse president uitlokt: verontwaardiging zonder gevolg, nationale solo’s of eindeloze talkshowrondes waarin Europa vooral naar zichzelf luistert. Wat nodig is, is juist het tegenovergestelde: één boodschap, één lijn en een onderling afgestemde inzet.
Het tweede spoor is om los van de dagelijkse Trump-relletjes aan een eigen Europese veiligheidsstrategie te werken. Dit is het moeilijkste spoor, omdat het geduld en vooral veel inspanning vergt. En omdat het weinig nieuwswaarde heeft. Maar het is precies wat Trumps aandachtsoorlog probeert te saboteren: dat Europa zijn eigen prioriteiten formuleert en uitvoert.
Wat betekent dat concreet? Europa heeft geen behoefte aan één groot ‘strategisch kompas’ dat na een Europese top weer in een la verdwijnt. Het heeft behoefte aan een aantal heldere speerpunten die samenhang hebben.
Welke speerpunten zijn dat? Drie terreinen liggen voor de hand: veiligheid, geo-economische weerbaarheid en politieke richting. Europa kan niet blijven doen alsof Amerikaanse binnenlandse politiek een tijdelijk ongemak is dat weer overwaait. Trump laat zien dat de VS makkelijk kunnen terugvallen op transactioneel nationalisme. Dat betekent dat Europa versneld moet investeren in defensiecapaciteit die niet bij elke verkiezing ter discussie staat: luchtverdediging, munitieproductie, cyber en logistieke infrastructuur et cetera. Dat is geen anti-Amerikaanse reflex, maar een Europese noodzaak. Een bondgenootschap werkt sowieso het best als je niet structureel afhankelijk bent van de grillen van een ander. Mochten de VS in de toekomst weer richting Europa draaien, dan is dat mooi meegenomen, maar daar kunnen we niet langer van uitgaan.
Ten tweede heeft Europa een eigen geo-economische agenda nodig om zijn eigen kwetsbare afhankelijkheden te verminderen, vooral op het gebeid van energie en tech. Dit gaat over het creëren van meer concurrentiekracht, met meer strategische handels- en industriepolitiek. Niet als protectionistische kramp, maar uit de wens van meer weerbaarheid.
Ten slotte: Europa heeft geen gebrek aan analyse, die is er in overvloed, denk aan de rapporten van Enrico Letta en Mario Draghi. De zwakte is een gebrek aan besluitvaardigheid. Zolang buitenlands beleid bij elk incident terugvalt op nieuwe meningsverschillen en nationale veto’s, blijft Europa een aantrekkelijk doelwit voor druk van buiten. Minder verdeeldheid is daarbij niet alleen een mooie waarde, maar de kern van Europa’s macht. Dat vraagt om betere crisiscoördinatie, heldere communicatie en, waar nodig, coalities binnen de Europese Unie die verder durven te gaan wanneer een minderheid blijft tegenstribbelen.
Het belangrijkste inzicht uit het eerste jaar van Trump II is misschien dit: een aandachtsoorlog win je niet door mee te doen, maar door je eigen aandacht beter te organiseren. Dat vraagt dat Europese leiders ophouden elke provocatie als een op zichzelf staand incident te behandelen. De juiste reactie begint bij strategische helderheid: weten wat Europa wil, wat het moet beschermen, en welke lijn het consequent volhoudt. Het wordt tijd dat Europa het initiatief terugpakt en waar nodig zijn eigen koers vaart.
Lees ook:
Wereldbeschouwingen
Het verzet van Trump, Poetin en Xi toont juist de kracht van het Europese model
Alberto Alemanno 19 januari 2026
In Den Haag
De onderdanige, pro-Amerikaanse houding van buitenlandminister Van Weel verraadt een gebrekkig machtsdenken
Lotfi El Hamidi 19 januari 2026
Op eigen benen
Hoe wordt Europa Trump-proof?
Rutger van der Hoeven en Casper Thomas 27
&
In Den Haag Lotfi El Hamidi
Machtsdenken
‘Zeer verrast’ was David van Weel door Trumps heffingen vanwege Europa’s verkenningsmissie in Groenland. Dat typeert de Nederlandse handelwijze sinds Trumps aantreden: de auto van mijlenver zien aankomen en alsnog als een konijn in de koplampen kijken.
19 januari 2026 – verschenen in De Groene Amsterdammer nr. 04
Originele column --- Hier ---
Kan Nederland zich een voorstelling maken van een wereld met de Verenigde Staten als vijand? Misschien is die vraag al hopeloos achterhaald, nu de Amerikaanse president Donald Trump dreigt met importheffingen tegen acht Europese landen, waaronder Nederland. Een ‘strafmaatregel’ nadat de Europese Navo-landen aankondigden een militaire verkenningsmissie naar Groenland te sturen. Trump zinspeelt al geruime tijd op annexatie van het gebied dat tot het Deense koninkrijk behoort.
David van Weel, demissionair minister van Buitenlandse Zaken, was al weken beducht voor ‘escalatie’ vanwege Groenland. De VVD’er liet begin deze maand weten dat Nederland achter ‘onze Deense vrienden’ staat, maar liet ook herhaaldelijk weten begrip te hebben voor de ‘terechte zorgen’ van de Amerikanen. Nadat Nederland bekendmaakte twee militairen te sturen (die intussen alweer terug zijn) werd de toorn van Trump alsnog gewekt.
‘Kennisgenomen van de aankondiging van president Trump over tarieven’, noteerde Van Weel droogjes via Elon Musks verkapte pornosite X. ‘De militaire inspanningen voor oefeningen in Groenland zijn juist bedoeld om bij te dragen aan veiligheid in het Arctisch gebied’, voegde hij daaraan toe, in de tamelijk naïeve hoop dat ze in Washington nog te sensibiliseren zijn.
Van Weel had al eerder ‘kennisgenomen’ van Amerikaanse verklaringen zonder daar serieus tegenwicht aan te bieden. Kritiekloos nam hij de afgelopen periode de talking points over van de Trump-regering dat er Russische en Chinese schepen rond Groenland varen die daarmee een gevaar vormen voor de Amerikaanse veiligheid. ‘Die zijn daar niet op zoek naar dolfijntjes of oesters’, citeerde hij zijn Amerikaanse ambtsgenoot Marco Rubio. Dat Scandinavische diplomaten en militaire bronnen onder andere in de Financial Times melden dat er al jaren geen Russische of Chinese schepen in de buurt zijn gesignaleerd, werd vakkundig genegeerd.
Een dag na de aangekondigde heffingen van Trump durfde Van Weel bij WNL op Zondag opeens wel het woord ‘chantage’ in de mond te nemen, nadat andere Europese leiders al meteen lieten weten zich niet te laten chanteren en intimideren. Hij zei tegelijkertijd ‘zeer verrast’ te zijn door de actie van de Amerikaanse president. Dat laatste typeert wel de Nederlandse handelwijze sinds Trumps aantreden: de auto van mijlenver zien aankomen en alsnog als een konijn in de koplampen kijken.
De onderdanige opstelling van het demissionaire kabinet staat niet op zichzelf. Nederland behoort van oudsher tot de landen die onversneden pro-Amerikaans zijn, ongeacht de hoofdbewoner van het Witte Huis. Bewindspersonen gaan doorgaans prat op de hechte relatie met de VS en typeren zich zelfvoldaan als ‘trans-Atlanticus’. Mark Rutte noemde Nederland een aantal jaren geleden ‘misschien wel het meest trans-Atlantische land in de Europese Unie’. Twee decennia eerder, onder premier Jan Peter Balkenende, verleende Nederland ‘politieke steun’ aan de illegale Amerikaanse invasie van Irak. Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Jaap de Hoop Scheffer werd vervolgens weinig toevallig benoemd tot secretaris-generaal van de Navo.
Zoals Nederland zich toen als loyale bondgenoot liet meeslepen in de buitenlandse avonturen van president George Bush jr., zo laat het zich weer gewillig bespelen door autocraat Donald Trump. In een radio-interview onlangs met Sven Kockelmann stelde Van Weel dat Nederland zich nou eenmaal moet verhouden tot mogendheden die hun eigen veiligheidsbelangen vooropstellen, en ‘dat we weer in macht moeten leren denken’. De minister liet vervolgens een zeer beperkt vermogen tot machtsdenken blijken door te stellen dat ‘we’ tussen drie grootmachten kunnen kiezen – de VS, Rusland en China – en dat hij ‘elke dag van de week’ de Amerikanen prefereert, maar wel ‘graag op gelijke voet’. Europa speelt kennelijk geen rol van betekenis.
Het is overigens een valse tegenstelling geworden. In zijn herschikking van de internationale orde kiest Washington er liever voor om op ‘gelijke voet’ te rivaliseren met de Russen en Chinezen dan te investeren in de relatie met zijn oude bondgenoten. Trump gelooft niet in diplomatie en soft power maar in invloedssferen en dictaten. Wanneer hij zegt ‘spring’, wil hij alleen horen ‘hoe hoog?’.
Terwijl Nederland blijft hameren op ‘eensgezindheid’ binnen de Navo, mét de VS, creëren andere landen nieuwe speelruimte voor zichzelf. Zo haalde Canada afgelopen week de banden aan met China om de afhankelijkheid van de Amerikanen te verminderen. Dát is machtsdenken.
De ongemakkelijke maar harde waarheid: de Pax Americana is voorbij. Nederland kan niet meer leunen op de Amerikanen. Binnen het Amerikaanse imperium rest Nederland hooguit een vazalstatus. Dat besef moet kennelijk nog indalen voordat Den Haag ook maar een begin kan maken aan het afbouwen van de afhankelijkheid van de VS. Aan de volgende minister van Buitenlandse Zaken om daar serieus werk van te maken.
Lees ook:
Chaospolitiek
Europa moet zichzelf in de geopolitieke Trump-show promoveren van figurant tot hoofdspeler
Catherine de Vries 19 januari 2026
.jpg)





Geen opmerkingen:
Een reactie posten