donderdag 10 november 2022

COLUMN AART DEKKER ORANGE LIONS: Juist een verjongend Orange Lions verdient een volle bak! - NLD - UKR vrijdag 11 nov 19h00, Amere / WBC 2023 QUALIFIERS

Foto: Key van der Vuurst de Vries

Via   --- deze Link --- geldt er een speciaal groeps-ticket-aanbod

Als Nederlandse Basketball Liefhebbers zijn we de afgelopen jaren verwend met Orange Lions wedstrijden.

Niet iedereen – en misschien wel juist niet sommige narrige oude knarren van omtrent mijn leeftijd of zelfs nog iets ouder – zal het met met me eens zijn...

Zo zullen er zijn die zeggen: “Maar de Mannen hebben al jàren geen wedstrijd gewonnen!” En dat is waar...

Natuurlijk – dat heb je met die oudjes – zijn er ook die zeggen: “Vroeger; toen stelde Oranje Basketball Internationaal nog wat vóór; deden we veel vaker mee aan EK's, Pre-olympische Toernooien en zelfs WK èn werden daar wedstrijden gewonnen! De laatste keer dat de Mannen meer dan 1x wonnen op een Europees Eindtoernooi is meer dan dèrtig jaar terug!!” En ook dat feit klopt...

Ik bedoelde dus echt 'de laatste jaren', dus zeg maar sinds het moment dat de Nationale Mannenploeg door NOCNSF – en als reactie daarop ook door het NBB-Bestuur – werd weg begroot, en als reactie daar weer op door een groep mensen waaronder Ex-internationals onder aanvoering van Bert Kragtwijk gered en onder de hoede werd genomen. Want; wat is er sinds dat trieste moment allemaal niet aan positiefs gebeurd?!

Nou, heel wat!

Onder de zakelijke leiding van het NMT en de technische vleugels van onder anderen coach Toon van Helfteren en teammanager Peter van Noord, en op het veld onder aanvoering van Arvin Slagter, Kees Akerboom Jr. en Henk Norel – ik noem deze drie omdat ze de banner op deze/mijn Blog sieren en dat ze ieder op hun eigen manier en eigen momenten een voortrekkersrol vervulden, maar er waren natuurlijk meer spelers die belangrijke rollen speelden – werden binnen een paar jaar ongedachte stappen gezet; EuroBasket 2015 werd gehaald, en daar werd direct één wedstrijd gewonnen en bleek het team zeer competitief met zelfs grootmachten als Griekenland. Sindsdien deed Nederland in kwalificatiecycli eigenlijk steeds goed en lang mee, ook al werd lang niet altijd – mede door het soms ietwat bizarre systeem – ondanks bijzondere wapenfeiten – ik noem de uitwinst tegen Duitsland – de felbegeerde kwalificatie gehaald. De Oranje Basketball Mannen hebben op de diverse ranglijsten sindsdien nog geen majeure stappen kunnen maken, maar – zeker in het buitenland – wordt de ploeg wel degelijk serieus genomen.

Toch is dit alles maar een deel van wat ik bedoel met 'verwend met Orange Lions wedstrijden'; ik bedoel ook dat de recente serie kwalificatiewedstrijden in TopsportCentrum Almere allemaal voor een vol huis werden gespeeld en in een mooie sfeer, dat er dus – voor het eerst in decennia – iets van een echte Oranje Basketball Cultuur begint te ontstaan. En ik bedoelde ook dat de serie wedstrijden die de Mannen Orange Lions deze zomer speelde zo uniek was wat betreft tegenstanders en entourage, dat me dat echt deed herinneren aan die Gouden Oude Tijden – zo eind jaren '70 tot en met midden jaren '80 – toen het Nederlandse Basketball goed op weg leek in Nederland een van de echt Grote Sporten te worden. Met dien verstande, dat er toen met uitzondering van misschien af en toe een keer Maaspoort, zelden of nooit in een entourage als de laatste tijd in Almere werd gespeeld...

Dus ja, de Oranje Basketball Mannen hebben al véél te lang niet gewonnen, maar middels deze 'tel de zegeningen!' wil ik dat feit ook relativeren.

En nu is er dus besloten om te verjongen. De kansen om voor de tweede keer ooit het WK te halen zijn tot het absolute minimum geslonken, dus is de keuze gemaakt om – ondanks dat er nog vier grote wedstrijden in die kwalificaticyclus te gaan zijn – Oekraïne twee keer, Spanje en Georgië – een nieuwe weg in te slaan; met een nieuwe coach – voorlopig ad interim Radenko Varagic – en met veel nieuwe, jonge spelers. Wat de overwegingen zijn geweest welke spelers wel, en welke – voorlopig? – niet opnieuw te selecteren, is mij niet geheel duidelijk; maar er staan morgen in Almere wel in een keer heel veel nieuwe mannen op het veld.

Dat er naar de toekomst gekeken wordt is een beslissing die ik helemaal begrijp; alleen al het afscheid van 5X5 door Worthy de Jong scheelt een slok op een borrel, en lang niet alle mannen die de afgelopen zomer zich in Oranje hulden zullen bijvoorbeeld een volgende EuroBasket als international halen.

Toch heb ik wel mijn vraagtekens bij een zo rigoureuze verjonging als nu wordt doorgevoerd; het risico op serieus zware nederlagen lijkt me aanzienlijk, en naar mijn bescheiden mening moet je jonge spelers ook weer niet in de volle schijnwerpers te hard/te vaak op hun neus laten gaan. Maar goed, misschien zie ik het helemaal verkeerd, en gaan deze jonge honden verrassen met mooie wedstrijden; in ieder geval kunnen straks een flink aantal jonge spelers óók een wedstrijd tegen Wereldkampioen Spanje op hun CV bijschrijven...heb je dat maar alvast gehad! De gekozen 'shocktherapie' heeft natuurlijk wel als voordeel dat iedereen, maar zeker de nieuwe leiders, wel gelijk met de billen bloot moeten; dat er dus maar inderdaad nieuwe leiders op mogen staan...

En dan nu mijn punt; ik heb altijd behoord tot de stroming die stelt dat geen volwaardig Nationaal Mannen Team géén optie is! Als je een serieuze sportbond wilt zijn – ook al is dat in misschien wel de Grootste en Meest Competitieve Teamsport in de wereld, en dus een zware opgave – dan dien je je Boegbeeld – de Nationale Mannenploeg, want ook deze ploeg speelt inmiddels weer geheel onder NBB-vlag, begroting en organisatie – serieus te nemen en alles op alles te zetten het best mogelijke te presteren. Dat geldt voor de NBB – hoe groot de onder andere financiële en organisatorische uitdagingen die daarmee gepaard gaan ook zijn – maar dat geldt ook voor ons – de Echte Basketball Liefhebbers; dus juist een ook een verjongend Orange Lions verdient een volle bak publiek, een enthousiast publiek ook! En misschien is dit wel hèt moment om hele hordes nieuwe jonge basketballers Oranje-Fan te maken en te introduceren in de beleving van Live Internationaal Basketball van de bovenste plank...

De wedstrijd morgen 19h00 thuis tegen Oekraïne – ben benieuwd hoeveel van de 100.000 Nederland woonachtige Oekraïners in de zaal zullen zitten en hoe hun beleving zal zijn – is sowieso toch ook wel weer een hele bijzondere, vanwege de afschuwelijke oorlog waar dat land zich bevindt – een oorlog die bepaald geen afbreuk heeft gedaan aan de basketball-prestaties sinds maart dit jaar.

Maar vanuit Oranje perspectief lijkt het me nu het moment voor Echte Liefhebbers om ook deze volgende generatie internationals voluit te steunen en de NBB te laten zien dat de investeringen gewoon gedaan moeten worden, en daar een steentje aan bij te dragen door er gewoon bij te zijn...

Ik hoop op net zoveel Oranje Basketball Fans morgen, als de vorige keer tegen Spanje,

en ik wens iedereen een aantrekkelijke wedstrijd toe!

AART DEKKER

Oekraïne is op vrijdag 11 november a.s. om 19.00 uur in Almere (er zijn nog kaarten) de volgende tegenstander van de Orange Lions in de tweede fase van de kwalificatie voor de FIBA World Cup 2023

 


Foto: Key van der Vuurst de Vries

Via   --- deze Link --- geldt er een speciaal groeps-ticket-aanbod

RAAK! RAKER!! RAAKST!!! / TYPERING POLITIEKE FLUTTE-VVD-GEDACHTEGOED: De ambtenaren Fokke & Sukke werken Asielakkoord uit... / NRC-CARTOON /

 

maandag 7 november 2022

vrijdag 4 november 2022

AANRADER! / VOORPUBLICATIE: 'Amerika’s laatste kans: Over de toekomst van de democratie in de Verenigde Staten' - Casper Thomas / GROENE / TRUMP & BIDEN EN TURBULENTE TIJDEN; NET ALS 100 JAAR GELEDEN /

 

Hieronder een voorpublicatie op basis van een nieuw boek van Casper Thomas in de Groene Amsterdammer waarin hij de turbulente fase nu in de Amerikaanse democratie vergelijkt met die van 100 jaar geleden  - toen er veel van dezelfde verschijnselen speelden als nu. Een verhaal dat de moeite van het lezen meer dan waard is. Al was het maar dat een gezegde zegt dat 'Alles wat in de VS gebeurt, gebeurt in Nederland 10 jaar later (ook)...

Je kunt het originele artikel op de site van de Groene  --- Hier ---  lezen (of hieronder)


De toekomst van de Verenigde Staten

Altijd schaven

Bidens hervormingspolitiek of Trumps autoritairisme: hoe gaan de komende jaren eruitzien? Ondanks de tegenkrachten is telkens de stap vooruit gezet. Dat stemt optimistisch.

Casper Thomas

12 oktober 2022 – verschenen in nr. 41

© Angel Boligan / Cagle Cartoons

We kunnen het leven niet langer behandelen alsof het ons is komen aanwaaien. We moeten er bewust mee omspringen, het opnieuw ontwerpen en onze methodes en doelen kiezen.’ Dit was de opdracht die een jonge journalist genaamd Walter Lippmann ongeveer een eeuw geleden aan Amerika gaf. Hij schreef een baanbrekend boek waarin hij uitlegde dat de Verenigde Staten ‘op drift’ waren geraakt. Het land had geen greep meer op sociale, economische en technologische veranderingen. In Amerika leefde puissante rijkdom vol in het blikveld van rauwe armoede. Emotie en ratio trokken Amerikanen psychologisch uiteen. Politieke patstelling was het gevolg. Maar Amerika was in staat tot beheersing, betoogde Lippmann, als de juiste politieke keuzes werden gemaakt en noodzakelijke hervormingen werden doorgevoerd. Lippmanns boek heette Drift and Mastery: An Attempt to Diagnose the Current Unrest. Het boek bestempelde het gebrek aan controle als de fundamentele oorzaak van Amerika’s problemen. Het onvermogen om greep te krijgen op levensomstandigheden had Amerikanen nerveus, angstig en boos gemaakt, betoogde Lippmann, en daarmee kwam het Amerikaanse experiment van politieke vrijheid in gevaar.Drift and Mastery verscheen in een tijd die door Mark Twain de gilded age werd gedoopt, het tijdperk waarin grootindustriëlen uit onder andere de staal- en olie-industrie en het bankwezen de Amerikaanse economie domineerden. Op het eerste gezicht leek deze klasse te bestaan uit kampioenen van de vrije markt. In werkelijkheid was hun rijkdom te danken aan goede banden met de politiek. Het waren politici die ze land- en exploitatierechten gaven, hun zakelijke belangen beschermden en hun winsten veiligstelden met lage belastingen. Dit, volgens Lippmann, was corruptie in zijn zuiverste vorm: rijk worden door de macht van politiek en overheid in te zetten voor privaat gewin. Overal zag hij de een-tweetjes terug waarmee sommige Amerikanen rijk werden, op het niveau van stad, staat en natie. De corrupte klasse verdedigde zich door te zeggen dat ze geen wet gebroken had, en dat haar gedrag daarom ook moreel geoorloofd was. Wat onvermeld bleef, was dat deze klasse een stevige vinger in de pap had bij het schrijven van die wetten.

Ongelijkheid was het grote sociaal-economische kenmerk van de gilded age. Amerika’s rijkste één procent had bijna de helft van al het vermogen in Amerika in bezit en haalde jaarlijks twintig procent binnen van alles wat er in Amerika verdiend werd. De problemen van die tijd – armoede, sociale ontrafeling, onderling wantrouwen – vloeiden daaruit voort. Aan het begin van de vorige eeuw werd Amerika ook gekenmerkt door sterke politieke polarisatie. Samenwerking tussen partijen in het Congres was een zeldzaamheid. De Amerikaanse Burgeroorlog ebde nog na, en het idee dat het andere kamp niet bestond uit politieke rivalen maar uit doodsvijanden die het land ten gronde wilden richten vormde de basis voor de politiek in Washington.

Lippmann vond dat Amerika democratie, wetenschap en expertise moest omarmen om het tij te keren. Hij was daarmee een bijzonder denker, omdat hij geloofde in de noodzaak van bestuur door experts én door sterke, inspirerende leidersfiguren. In Lippmanns wereldbeeld konden gevoel en rede zo een verbintenis aangaan, in plaats van elkaars vijanden zijn. Amerika moest zijn democratie versterken, betoogde hij, omdat alleen democratie een alternatief kon bieden voor de situatie waarbij (on)gelijk hebben en krijgen geen kwestie van leven of dood is. En dat betekende volgens hem geen grote politieke vergezichten schetsen, maar kleine hervormingen doorvoeren waar iedere burger een bijdrage aan kon leveren door ervoor de straat op te gaan, door die in praktijk te brengen in het eigen leven en de politieke klasse toe te manen via de stembus.

Drift and Mastery werd een bestseller, en Lippmann werd op jonge leeftijd een van de invloedrijkste stemmen in het Amerikaanse debat. Hij had de veranderende tijdgeest weten te vatten. In de periode dat Lippmanns boek verscheen maakte Amerika ‘een verbijsterende set hervormingen en innovaties mee, die de basis van het huidige Amerika vormen’, schrijft politicoloog Robert Putnam in The Upswing: How America Came Together a Century Ago and How We Can Do It Again. Putnam geeft een selectie: de mogelijkheid om anoniem te stemmen, directe verkiezing van politieke kandidaten en senatoren, vrouwenkiesrecht, nationale inkomstenbelasting, de Federal Reserve, rechten voor werknemers, het minimumloon, anti-monopoliewetgeving, bescherming van natuur, regulering van voedsel en medicijnen, vakbonden en ontelbare andere belangenorganisaties, gratis middelbaaronderwijs, parken, bibliotheken en speeltuinen, kortom een vlechtwerk van instituties dat een stabiele basis onder het land legde. Niet dat Amerika perfect werd – het bleef een land van raciaal geweld, om het grootste onrecht te noemen – maar in ieder geval werd er een beweging naar boven ingezet, als gevolg van ‘de algehele impuls tot kritiek en verandering die overvloedig aanwezig was na 1900’, in de woorden van historicus Richard Hofstadter. Langzaam werd Amerika zo gelijker, eerlijker en minder verdeeld. De gilded age maakte plaats voor de progressive era.

Luister naar De Groene

In De Groene Amsterdammer Podcast interviewt Kees van den Bosch Casper Thomas over de toekomst van Amerika en over zijn correspondentschap aldaar. Onze podcast is elke vrijdagochtend gratis beschikbaar.

Het Amerika waar ik najaar 2017 arriveerde als correspondent was het product van een tweede gilded age. Na driekwart eeuw ‘upswing’ werd de neerwaartse beweging weer ingezet. Economische verschillen waren toegenomen tot aan een verdeling van inkomen en welvaart die behoorlijk leek op het Amerika van een eeuw geleden. Opnieuw was bijna de helft van het vermogen in bezit van de rijkste één procent. De omslag was begonnen eind jaren zestig, toen het gemiddelde salaris van de bestuurder 28 keer zo hoog was als dat van een werknemer. Dat groeide uit tot 158 keer zoveel, terwijl gezinsinkomens enkel konden bijbenen door van een een- naar tweeverdienersmodel te gaan. Zonder die extra inkomsten zou de inkomensgroei vrijwel stilgevallen zijn. Ook het politieke cliëntelisme, de onvrede over elites en het algehele idee dat het lot meester is over het individu in plaats van andersom keerden terug. Aan de top van dit systeem stond op dat moment een president die van zijn ambt een verdienmodel had gemaakt, door publieke gelden richting zijn privé-ondernemingen te sluizen. Zijn macht diende ter versterking van het merk ‘Trump’. Zijn ministersploeg, de rijkste ooit in de geschiedenis van de VS, liet zich vooral leiden door corporate interests.

Dit Amerika leek ook weinig controle over zichzelf te hebben. De coviduitbraak maakte dit bijzonder duidelijk. Uiteindelijk zou Amerika, de machtigste democratie ter wereld, van alle ontwikkelde landen naar verhouding de meeste doden betreuren omdat het maar geen greep wist te krijgen op het virus. Op 17 mei 2022 registreerde Amerika het miljoenste coronaslachtoffer. Sinds de vaccins beschikbaar kwamen, in april 2021, kwamen er vierhonderdduizend sterfgevallen bij. Vanaf dat moment had Amerika te maken met twee pandemieën. In de districten waar zestig procent van de inwoners op Trump had gestemd, lag het sterftecijfer meer dan twee keer zo hoog als in de delen van Amerika waar Biden de populairste president was, zo becijferde nieuwsdienst npr. In de gebieden waar de steun voor Trump groter was, lag ook het sterftecijfer hoger. Trumpisme, dat vaccinscepsis in het ideologisch repertoire had opgenomen, bleek een onderliggende aandoening te zijn.

Het gebrek aan beheersing toonde zich ook in het collectieve temperament. Ieder verschil van mening leek te worden opgeblazen tot een existentieel conflict. Negen op de tien Republikeinen omschrijft zichzelf als ‘boos of zeer boos’ over de staat van het land, zo peilde cnn in september 2021. Voor Democraten was dat 67 procent. In de jaren daarvoor waren die cijfers ongeveer omgekeerd. Ook in andere statistieken tekent zich een collectieve ontploffing van Amerika af. Vechtpartijen, schietincidenten, geweld tegen hulpverleners: alle uitingen van opgekropte frustratie namen de afgelopen jaren toe. In januari 2022 berichtte de aaa, de Amerikaanse anwb, over een alarmerende toename van agressief rijgedrag. Een derde van de bestuurders gaf toe recentelijk bewust een andere weggebruiker te hebben afgesneden. Het gedrag op de weg spiegelde het gedrag in de politiek, zo lijkt het. Amerika is nog altijd in de ban van politieke road rage.

Mede daarom kon vier jaar lang een boze man ook de machtigste zijn. Trump had door wat anderen in zijn partij over het hoofd zagen – of bewust negeerden. Hij omarmde woede als de drijvende kracht in de politiek. In 2016, toen Trump nog weggelachen werd als mogelijke presidentskandidaat, zei Nikki Haley, destijds de Republikeinse gouverneur van South Carolina, dat het ‘in onzekere tijden verleidelijk is gehoor te geven aan de lokroep van de boze stem’. Volgens Haley moest Amerika die verleiding weerstaan. Het was een toespeling op Trump, die direct de camera’s van cnn onder zijn neus kreeg. ‘Ik ben boos, en vele anderen zijn ook boos, over hoe incompetent dit land wordt bestuurd’, sprak Trump. ‘En wat mij betreft is woede oké, woede is wat dit land nodig heeft.’

Alleen een Amerika dat een onleefbaar klimaat vreest bedenkt een Green New Deal

Als president heeft Trump die woede nooit productief aangewend. Toen ik na vier jaar Trump de balans opmaakte van de politieke hervorming die hij als president had doorgevoerd, was ik snel klaar. Helemaal in het begin van zijn presidentschap had hij een belastingverlaging door het Congres geloodst. Uit alle berekeningen, inclusief die van zijn eigen ambtenaren, bleek dat die vooral de hoge inkomens begunstigde. Daarna viel het stil op wetgevend vlak. De grote paradox van de Trump-jaren is dat, ondanks dat ze turbulent aanvoelden, hij de basisstructuren van het land min of meer heeft achtergelaten zoals hij ze aantrof.

 

© Angel Boligan / Cagle Cartoons

Wel vormde woede de basis van een aanval op de Amerikaanse democratie. Toen ik naar Washington vertrok stond Dat gebeurt hier niet, de roman van Sinclair Lewis uit 1935 waarin het presidentschap wordt gegrepen door een populist, opnieuw op de bestsellerlijsten. ‘Vulgair’, ‘een halve analfabeet’, ‘eenvoudig te betrappen op openlijke leugens’ en ‘met bijna idiote “ideeën”’, zo omschrijft Lewis deze Buzz Windrip, die van Amerika een dictatuur maakt en het volk opzet tegen de pers en de politieke elite en uiteindelijk een machtsgreep pleegt. De suggestie dat Amerika onder Trump in het rijtje van onder andere Rusland, Turkije en Hongarije thuis hoorde, landen waarin autoritair leiderschap een grote aantrekkingskracht had, werd vaak weggewuifd. Maar ook mijn nieuwe gastland toonde zich uiterst vatbaar voor de autoritaire verleiding. Het gebeurde daar wel degelijk.

Ook keerde Amerika naar binnen. Trumps grote project was een grensmuur die, hoewel de bouw nooit echt van de grond kwam, een ultiem symbool was. Het Amerika van het steeds verder oprekken van zijn eigen grenzen had plaatsgemaakt voor een Amerika dat de wereld liever buiten hield. Ook op het gebied van buitenlands beleid nam Trump afscheid van het idee dat Amerika de wereld naar zijn hand kon zetten. Het was een impliciet opgeven van de beheersing waar Lippmann voor pleitte, maar dan op wereldschaal. De Trump-jaren werden zo een geopolitieke herschikking, met voor het eerst een Amerikaanse president met een openlijke minachting voor de Navo, vijandigheid jegens Europa en bewondering voor Rusland, het land dat chaos en vernietiging tot wezenskenmerk heeft gemaakt.

Toch – of juist als gevolg hiervan – besloten de VS te midden van diepe polarisatie Donald Trump, de president die Amerika uiteen spleet, in te ruilen voor Joe Biden, die zich opwierp als de president die een verscheurde natie weer zou kunnen helen. Op de gure januaridag waarop Biden werd ingezworen als 46ste president van de Verenigde Staten kon ik zijn stem horen, afkomstig uit een versterker die iemand had neergezet op een straathoek in Washington. De meeste pers en het grote publiek werden ver weggehouden van de trappen van het Capitool waar Biden zijn eed aflegde. Washington leek een stad onder militaire bezetting, met overal hekken, checkpoints en soldaten. De extreme veiligheidsmaatregelen waren het antwoord op 6 januari, de dag waarop Trump-aanhangers het Capitool waren binnengevallen om het vaststellen van de verkiezingsuitslag te verhinderen. Dat was het voorlopige dieptepunt van het afglijden van Amerika’s democratie, en een wond die zou blijven etteren.

Hoe dan ook gaat Joe Biden de geschiedenis in als de man die de meest omstreden president uit de Amerikaanse geschiedenis bij de stembus versloeg. Alleen al daarom kan hij aanspraak maken op de claim dat hij de autocratie in Amerika, in ieder geval tijdelijk, een halt toeriep. In hoeverre Biden echt in de galerij der groten zal plaatsnemen hangt af van de vraag of zijn onverwacht grote ambities op het gebied van klimaat, economie en raciale gelijkheid worden waargemaakt of dat hij uiteindelijk stuk slaat op de rotsen van Amerika’s politiek van bittere verdeeldheid.

Toen Trump in 2016 verkozen werd, was de grote vraag wat dit zei over Amerika, de huidige tijd en de verhoudingen in de wereld. Als de journalistiek consequent wil zijn is dezelfde vraag nu net zo belangrijk, en gezien het aantal stemmen dat Biden kreeg misschien nog wel belangrijker: een ietwat saaie, oudere man die zijn hele leven in Washington heeft rondgelopen en zich plotseling ontpopt tot hervormer: wat zegt dát over Amerika en de wereld? Als Trump een fundamentele uitdrukking is van Amerika, dan is Joe Biden dat net zo goed. Hoe Trump de democratie in Amerika op haar grondvesten deed schudden heeft een stapel boeken opgeleverd die twee meter aan planken in mijn werkkamer inneemt. De poging van Amerika om weer vaste grond onder de voeten te krijgen dient net zo goed beschreven te worden. Herstel is net zo belangrijk als afbraak.

De president is daarbij slechts een aanleiding, een signaal vanuit welke richting de wind in Amerika deze vier jaar waait. Het verhaal van democratisch herstel, een poging verschillen te verkleinen in plaats van te vergroten en een ‘wij’ boven het ‘zij’ te zetten vindt overal in de Verenigde Staten plaats. Vaak stilletjes en buiten het zoeklicht zijn de wondverzorgers waar Walt Whitman over dichtte volop aan het werk. Of ze slagen, en of Bidens missie als president slaagt, is allesbehalve zeker. De omstandigheden wijzen op een haast onmogelijke opgave. Zestig procent van de Democraten ziet de andere partij als ‘een serieuze bedreiging voor de Verenigde Staten’, zo blijkt uit peilingen. Bij de Republikeinen is dat bijna zeventig procent. Meer dan de helft van de Amerikanen ziet medeburgers als grootste gevaar voor de VS, groter dan natuurgeweld of buitenlandse vijanden. De toekomst van Amerika als functionele democratie hangt af van de mate waarin dat wederzijdse wantrouwen verminderd kan worden.

Inmiddels zijn er in Amerika desondanks nieuwe wegen ingeslagen. Er zijn nog steeds krachten die worden gedreven door Amerika’s zelfgekozen opdracht iedere keer weer te schaven aan de eigen democratie. Alleen een Amerika dat gelooft in gelijkwaardigheid wordt massaal op de been gebracht door de slogan dat ieder leven evenveel waard is. De Black Lives Matterprotesten, die Amerika uit de lockdown trokken, zijn het nieuwe startschot geweest om de eigen geschiedenis van raciaal geweld en onderdrukking in de ogen te kijken. Daarvoor worden letterlijk de graven geopend en de lichamen opgegraven.

Negen op de tien Republikeinen omschrijft zichzelf als ‘boos of zeer boos’ over de staat van het land

De VS zijn op deze manier bezig met het vormen van een nieuwe herinneringscultuur. Daarin verdwijnen militairen die tijdens de Burgeroorlog vochten voor behoud van slavernij van hun sokkel en wordt er stilgestaan bij geweld tegen Afro-Amerikanen in plaats van het weg te moffelen. Montgomery, Alabama, is nu een plek waar uitersten een monumentale uitdrukking krijgen. Je kunt er een bezoek brengen aan het alternatieve Witte Huis, waar tijdens de Burgeroorlog de president van de Confederatie zetelde. Op een steenworp afstand staat het National Memorial for Peace and Justice, zes hectare gevuld met roestbruine gedenkstenen waarop de namen en locaties van honderden lynchpartijen worden herdacht die plaatsvonden tot in de jaren tachtig van de vorige eeuw.

Alleen een Amerika dat een onleefbaar klimaat vreest bedenkt een Green New Deal. Het restje vitaliteit dat de Amerikaanse democratie nog in zich heeft levert dit soort plannen op: de volledige samenleving mobiliseren om de opwarming van de planeet, voor zover nog mogelijk, tegen te gaan. Biden omarmde de term niet, maar kwam wel met de grootste verduurzamingsoperatie die de VS ooit zijn begonnen. Hij trok de klimaatdoelen van het Parijs-akkoord naar voren. In 2030 moet de uitstoot van broeikasgassen zijn gehalveerd, en Amerika lijkt op weg die missie te halen. Ook stelde hij een plan op om winstbelasting voor bedrijven mondiaal gelijk te trekken, een poging de internationale wedloop om het meest gunstige fiscale tarief een halt toe te roepen.

En ondanks de verlamming in Washington staan er politici op die nog geloven dat Amerika tot grootsheid in staat is, enkel wanneer de overheid het heft in handen neemt en regels uitvaardigt die voorkomen dat het palet aan menselijke tekortkomingen – inhaligheid, egoïsme en kortetermijndenken – minder kans krijgen. Een voorbeeld dus als Elizabeth Warren, senator uit Massachusetts. Zij is de belichaming van een politieke onderstroom die minstens zo sterk is als de maga-beweging. Warren pleit voor kapitalisme met duidelijke spelregels en kaders. Haar economie is er een van grenzen, aan hoeveel bedrijven en individuen kunnen verdienen voordat ze aan meer belastingafdracht worden onderworpen, aan hoe groot het marktaandeel van bedrijven kan zijn voordat er anti-monopoliewetgeving in werking treedt, aan hoeveel schuld een gezin op zich kan nemen en aan hoeveel burgers moeten betalen voor basisvoorzieningen.

Precies dat is in het verleden een recept gebleken waarmee Amerika controle over zichzelf kreeg. Op aandrang van individuele hervormers en politici die naar hen luisterden eindigde begin vorige eeuw een tijdperk van grote economische ongelijkheid, ongebreidelde macht voor het bedrijfsleven en corruptie in de politiek. Op die manier begon wat Robert Putnam ‘de opwaartse beweging’ noemt, een langdurige periode waarin alle belangrijke indexen voor een succesvolle samenleving omhoog gaan: onderling vertrouwen, gelijkheid, gemeenschapszin, sociale cohesie. Putnams these is een historische: als Amerika eerder uit het dal is gekropen, dan kan dat nog een keer gebeuren.

Dat de geschiedenis zich zal herhalen is een kwestie van hoop, en geen wetenschap. Niemand weet of het dieptepunt al bereikt is of nog moet komen. Wel is duidelijk dat Amerika achtereenvolgens twee keer iets nieuws heeft uitgeprobeerd. Het eerste experiment werd afgebroken voordat het een onuitwisbare stempel op de VS kon drukken. Autoritair leiderschap bleef vooralsnog beperkt tot vier jaar. Het stiekeme feit van trumpisme is dat het tot nog toe meermaals een verliesgevend model is gebleken. Trump kon één keer president worden, met het voordeel van de nieuwkomer tegenover een impopulaire tegenstander. De twee verkiezingen die volgden – de midterms van 2018, de presidentsverkiezingen van 2020 – werden verloren door de Republikeinen. Biden is in de peilingen een van de minst populaire presidenten ooit, maar wint volgens diezelfde peilingen nog steeds van Trump.

Ook Biden was een uitprobeersel. Hij stapte vooral in de ring om een tweede Trump-termijn te voorkomen. Hij slaagde tegen de verwachting in. Vervolgens ontpopte Biden zich tot de president met de meest vergaande plannen voor een nieuwe omgang met economie, klimaat en democratie die Amerika in bijna een eeuw tijd gezien heeft. Biden was geen eenzame voorganger. Hij belichaamde de gedeelde mening van zijn partij en achterban, zoals hij dat zijn hele politieke carrière heeft gedaan. Ook in die zin zijn Biden en Trump elkaars spiegelbeeld: allebei zijn ze een uitsnede van verschillende soorten Amerika, het land dat groot genoeg is om vrijwel iedere tegenstelling binnen zijn grenzen te kunnen herbergen. De komende jaren gaan bepalen welke van de twee 21ste-eeuwse Amerikaanse experimenten de toekomst heeft.

Trumps fossiele, conservatieve autoritarisme en Bidens progressieve hervormingspolitiek sluiten elkaar fundamenteel uit. Amerika heeft vaker voor binaire keuzes gestaan: als het ging om slavernij en burgerrechten, bijvoorbeeld. Ondanks de tegenkrachten is telkens de stap vooruit gezet – altijd te laat, maar niettemin werd die stap wel gezet. Dat is reden tot optimisme. Het aantal Amerikanen dat autoritaire politiek afwijst, een rechtvaardiger economie wenst en meent dat het land af moet van de verslaving aan fossiele brandstoffen is numeriek groter dan het andere kamp. Twee derde van het land is ‘ontevreden over hoe welvaart verdeeld is’ en vindt dat de rijken en bedrijven meer belasting moeten afdragen, zo peilde denktank Brookings. Twee derde van Amerika wil dat de overheid meer doet om de opwarming van de planeet tegen te gaan, blijkt uit onderzoeken van Pew Research.

Als het gaat om de fictie van ‘gestolen verkiezingen’ komt diezelfde verdeling terug. In januari 2022 peilde npr in samenwerking met opiniepeiler Ipsos dat ‘een derde van alle kiezers denkt dat president Biden gewonnen heeft met behulp van kiesfraude’.

In het voorjaar van 2022 werd mijn aandacht getrokken door een andere peiling onder Amerikanen. Ontzetting en verbittering trokken op dat moment door de gesprekken in de VS. Aanleiding was een schietpartij op een school in Uvalde, Texas. Een achttienjarige man was een school binnengedrongen en had negentien kinderen en twee docenten doodgeschoten. De dader had een manifest achtergelaten, grotendeels gekopieerd van de teksten die andere gewelddadige rechtsextremisten hadden geschreven. Het document ging over de zogeheten ‘great replacement’, een complottheorie waarin machthebbers de witte bevolking van westerse landen proberen te ‘vervangen’ door niet-witte immigranten en zo verkiezingen proberen te winnen. Associated Press ging na hoeveel Amerikanen dit soort ideeën koesteren. Een op de drie, bleek het antwoord.

Ook die achterdochtige dertig procent belichaamt een Amerikaanse traditie. In Drift and Mastery waarschuwde Lippmann al voor het al te griffe geloof in duistere plannen, bekokstoofd in politieke achterkamertjes. ‘Het is griezelig hoezeer er een gevoel heerst dat er complotten worden gesmeed’, schreef hij in het openingshoofdstuk van zijn boek. ‘Het is niet moeilijk jezelf in een geestesgesteldheid te manoeuvreren waarbij je de wereld ziet als een grote samenzwering en waarbij de dagelijkse gang van zaken wordt verstoord door een alarmerend en knagend gevoel dat het kwaad in ieder hoekje schuilt.’ Lippmann vond deze paranoïde staat on-Amerikaans. Optimisme was volgens hem de nationale karaktertrek, en niet het wantrouwen. Dat de Verenigde Staten de open blik hadden verruild voor de turende ogen lag volgens hem ten grondslag aan het slecht functioneren van de democratie. Immers, als je er bij voorbaat van uitgaat dat iedere politicus eropuit is om jou een loer te draaien en zichzelf te verrijken, waarom zou je dan ooit nog in vertrouwen een stembiljet invullen?

Lippmanns diagnose doet opnieuw opgeld en het is niet zozeer de vraag of de complotdenkers overtuigd kunnen worden van het tegendeel als wel in hoeverre de Republikeinen verkiezingsoverwinningen kunnen baseren op dit derde deel. De volgende test komt aankomende november, tijdens de midtermverkiezingen.

Dit stuk is gebaseerd op Amerika’s laatste kans: Over de toekomst van de democratie in de Verenigde Staten, dat deze week verschijnt bij Atlas Contact en waarmee Casper Thomas zijn correspondentschap in de Verenigde Staten afsluit


 

dinsdag 1 november 2022

RAAK! / FOSU; 'Aauuu!!' voor de NS...

 

SHARTIE AAN NRC: Lezersbrief Aart Dekker N.A.V: NRC-ANALYSE 'Eigenlijk gelooft Baudet alleen nog in nihilisme en complotten'

 

SHARTIE 

AAN NRC: Lezersbrief  Aart Dekker - N.A.V: NRC-ANALYSE


GEACHTE REDACTIE,

Analyse – Eigenlijk gelooft Baudet alleen nog in nihilisme en complotten

NRC schrijft een analyse over een politicus die compleet van het padje is. Op de achterpagina de column van 'Youp' die het overgrote deel van de NRC-lezers op zaterdag het eerste leest; deze beschrijft de idioterie van Baudet inde vorm van wanen. Ik vroeg me al een tijdje af: zou er nou bij de NRC-redactie niet elke keer als er weer Baudet-ophef verslagen moet worden niet tenminste iemand zijn die denkt “Hoe hebben wij ooit..?” Of zijn er van de indertijd verantwoordelijken een aantal zelf stevig in therapie, dan wel zitten die van schaamte arbeidsongeschikt thuis? Want...tsja, hoe heeft NRC ooit deze mafklapper langdurig een podium kunnen verschaffen om zijn ideeën te kunnen etaleren en 'ontwikkelen'? En nog belangrijker: wat doet NRC tegenwoordig om dit soort fouten - want ik kan het een podium bieden aan zo'n zottekap toch echt niet anders kwalificeren - naar de toekomst toe te voorkomen? Ik lees zo'n beetje heel mijn leven al NRC, maar heb de laatste tijd regelmatig aanvechtingen om mijn abonnement toch maar op te zeggen...

Aart Dekker, NUMANSDORP


https://www.nrc.nl/nieuws/2022/10/21/eigenlijk-gelooft-baudet-alleen-nog-in-nihilisme-en-complotten-a4145988

Analyse

Eigenlijk gelooft Baudet alleen nog in nihilisme en complotten

Forum voor Democratie Radicaal was Thierry Baudet al. Maar sinds de coronapandemie is zijn denken verhard: alles is de schuld van één vijand, verzet is feitelijk zinloos. Dat zet de deur open naar ironie en complotdenken.

21 oktober 2022 om 21:51

Leestijd 4 minuten

In de denkwereld van Thierry Baudet struinen reptielen, clowns en dinosauriërs rond. Soms duiken ze op in zijn tweets, toespraken en interviews als grap, dan weer als metafoor, dan weer om een bloedserieuze cynische boodschap te verwoorden. En soms alles tegelijk.

Die dubbelzinnigheid is geen ongeluk. Het is de kern van de wijze waarop Baudet politiek bedrijft. Verkiezingen winnen, zoals Forum voor Democratie in 2019 nog deed in de Provinciale Staten, en het systeem veranderen is nauwelijks nog aan de orde. In plaats daarvan voert Baudet zijn cultuurstrijd vanaf de zijlijn, met steeds vaker een cocktail van complotten en nihilisme als wapen.

De uitspraak „we worden geregeerd door een wereldwijde samenzwering van kwaadaardige reptielen”, die Baudet begin deze week deed in een podcast, paste naadloos bij deze stijl. De mediadynamiek, en zijn reactie erop, die volgde deed dat nog meer.

Met zijn uitspraken, bijna achteloos, appelleerde Baudet aan een theorie die zowel opduikt als oprecht geloof in machtige reptielen bij de antisemitische complotdenker David Icke en zijn volgelingen, als in humoristisch bedoelde photoshops op internetfora. Zodra hij werd bekritiseerd, hield Baudet vol dat het „natuurlijk” een metafoor was geweest voor het „gevoelloze” karakter van wereldleiders en hoonde hij zijn critici. De boodschap: ik val misschien niet serieus te nemen, maar de media al helemaal niet.

De uiterst-rechtse ideoloog Steve Bannon, die een grote rol speelde in de opmars van Donald Trump, omschreef zijn eigen communicatiestrategie eens als „flooding the zone with shit”: overspoel alles met drek. Bannon ziet het zo: twijfel zaaien en ophef zoeken is de perfecte manier om aandacht te trekken en het debat jouw kant op te schuiven. Negatieve aandacht is óók aandacht. Baudet is een bewonderaar van Bannon, begin deze maand belde hij nog als gast in bij Bannons talkshow.

Beschaving is nog te redden

Net als Bannon is Baudet een ondergangsdenker, maar daarin is hij de voorbije jaren opgeschoven. Lange tijd bewonderde hij het gedachtegoed van Oswald Spengler, auteur van De ondergang van het Avondland, maar zonder diens pessimisme over de onvermijdelijkheid van zo’n ondergang. Het probleem zat volgens Baudet in de huidige elite, van politiek tot pers tot wetenschap, maar die was in zijn ogen niet onvervangbaar. Met FVD’ers op de juiste plekken was de beschaving nog te redden.

Die hoop heeft Baudet zo goed als opgegeven. Hij bouwt nog steeds aan een eigen wereld, met eigen scholen, een eigen munt (de Forumcoin) en een app (Forumland) voor FVD-aanhangers om andere FVD’ers te leren kennen. Maar dat is niet langer een nieuwe maatschappij om de huidige te vervangen, maar om die te ontvluchten. Een geborgen thuis voor gelijkgestemden.

Een cruciale schakel in dat proces is de coronapandemie geweest. Die bleek niet alleen voor Baudet een afslag in zijn denken. Wereldwijd zagen complotdenkers in de kenmerken van de virusbestrijding – vergaande ingrepen in de levens van burgers, vaccinaties, een belangrijke rol voor internationale organisaties zoals de Wereldgezondheidsorganisatie – het bewijs dat de pandemie in werkelijkheid misbruikt of in scène was gezet om vrijheden te beknotten en de macht van overheden te vergroten. Baudet benadrukt met regelmaat dat de invloed van corona op zijn denken gigantisch was.

Honger naar macht

Door de pandemie, zei hij, is hij tot het inzicht gekomen dat al deze problemen het gevolg waren van dezelfde ‘globalistische elite’ en haar honger naar macht. De Russische invasie in Oekraïne heeft hem verder gesterkt in zijn denken: hij kan de oorlog alleen verklaren doordat Rusland andere waarden hanteert.

Heel wat van zijn oude standpunten doen er sindsdien niet meer toe. „De afgelopen twintig jaar heb ik in een fout frame gezeten”, zei hij in de zomer van 2021 in een interview voor zijn eigen digitale nieuwsshow met Sietske Bergsma, ook een coronascepticus. De aanslagen op 11 september 2001 waren volgens hem in scène gezet zodat de bevolking haar woede op migranten en moslims zou richten, als afleidingsmanoeuvre. Die claim herhaalde hij in de podcast die deze week verscheen, gevolgd door de opmerking dat „de meeste terroristische aanslagen” nep zijn.

Hoewel Baudets verhalen uitpuilen van de verwijzingen naar internetcultuur, blijft hij net als vroeger ook putten uit klassiek-filosofische boeken, waarmee hij vervolgens andere, veel radicalere ideeën stut. Als een van zijn inspiratiebronnen noemde hij deze week bijvoorbeeld het werk van James Burnham. Voor de conservatief Burnham is politiek niets anders dan een cynische strijd om macht, gevoerd door elites die bij gebrek aan tegenmacht hun eigen macht steeds verder zullen vergroten, met leugens en bedrog, ten koste van de bevolking.

Het is die nieuwe focus op één machthebber die de eigen macht bestendigt en vergroot die Baudet in staat stelt al zijn theorieën aan elkaar te knopen – radicaal waren veel van zijn ideeën in 2019 ook al. Het verklaart waarom hij Vladimir Poetin als „held” omschrijft, en als „The Dark Knight”, de aartsvijand van Batman: iemand die totaal andere waarden dan het systeem voorstaat, maar als enige tegenstander gewaagd lijkt aan dat systeem.

„Ik kan me vergissen in Poetin”, zei Baudet ook. Maar zelfs als de Russische president handelt uit opportunisme is, is Baudet hem dankbaar, omdat hij de door hem gehate orde kwetsbaarder maakt.

Het wijzen naar één onzichtbare vijand verklaart ook waarom Baudet nog vaker dan voorheen aanschurkt tegen ideeën die ver van de mainstream af liggen. Wie meent dat er uiteindelijk één elite is die wereldwijd aan alle touwtjes trekt, komt al snel uit bij antisemitische complotten.

En tot slot verklaart deze visie op macht Baudets cynisme en nihilisme. Waarom nog constructief meedoen als je het gevoelsmatig in je eentje tegen het systeem opneemt? Binnen de alt-rightbeweging gaat het daarbij vaak over ‘clownworld’: de huidige wereld is zó gek geworden, dat je beste optie is om te kiezen voor nihilisme en ironie.

Woorden hebben gevolgen

Alles kan dan een grapje zijn, maar misschien ook niet. De wereld is toch niet serieus te nemen. Zo twitterde Baudet in 2021: „Ja, sommigen geloven dat er daadwerkelijk *dinosauriërs* hebben bestaan. Ooit. Enfin. Who knows...”

Baudets woorden hebben gevolgen. Wie in almachtige globalisten en reptielen gelooft, is daar na een bezoek aan de bijeenkomsten die Forum voor Democratie organiseert nooit van afgebracht. Integendeel: mensen voelen zich eerder gesterkt door wat ze van Baudet horen, grap of niet. In bedreigingen aan het adres van politici keren de namen en organisaties terug die Baudet en zijn partijgenoten steeds noemen als boosdoeners: mensen als Klaus Schwab, voorzitter van het World Economic Forum, de top voor politici en zakenlui.

Daar trekt Baudet zich weinig van aan. Vraag hem om iets niet te doen, zeggen de mensen die hem kennen, en dan doet hij het juist wél. Als hij daardoor in opspraak komt, doet hem dat weinig. Sterker: het is in zijn ogen de enige manier om het debat te domineren. „FVD zal ophef zijn – of zal niet zijn”, schreef Baudet eens in een essay voor de partijwebsite in 2021. „Enjoy the ride.”

Een versie van dit artikel verscheen ook in de krant van 22 oktober 2022



SHARTIE AART DEKKER; 'Kaputt' & Lijfland 'Tussen drie plagen' / N.A.V. GROENE COLUMN: Mathieu Segers - 'Eland' / ACHTERGRONDEN & HISTORIE VAN OORLOG IN NO-EUROPA IN DE LITERATUUR /

Jaan Kross is een van de beroemdste Estse Schrijvers. De column van Mathieu Segers hieronder  - over de historische achtergronden van Putin's Oorlog in de Ukraïne en hoe de geschiedenis de opstelling van een land als Estland in dat conflict nu bepaalt -  a.h.v. twee boeken, gaat niet over bovenstaand boek, als is de titel daarvan natuurlijk in dit verband veelzeggend...

 

SHARTIE AART DEKKER; 'Kaputt' & Lijfland 'Tussen drie plagen'

ACHTERGRONDEN & HISTORIE VAN OORLOG IN NO-EUROPA IN DE LITERATUUR

N.A.V. GROENE COLUMN: Mathieu Segers - 'Eland'

Zoals volgers bekend is voer ik nogal eens discussies met mijn oude vriend  - het Orakel van Porkuni -  Maarten van Gent. Al vanaf de aanloop naar Putin's inval in Ukraïne  - de gruwelijke 20e eeuwse barbarij die in Rusland nog steeds geen 'oorlog' mag heten -  gaan die gesprekken nogal eens over dat conflict, niet in het minst omdat de oude wijsgeer op 100km van de Russische grens woont, en hij zichzelf ten opzichte van 'al die Nederlanders'  - en dus ook mij -  superieur acht waar het gaat om inzicht in de Russische ziel...

Ik lees graag  - al gaat me dat door mijn oogproblemen stukken minder gemakkelijk af dan vroeger -  en lees tegenwoordig van alles; fictie maar ook geschiedenis, biografieën en heel veel anders. Van Gent niet; die houdt het bij wat hijzelf relevant vindt in de krochten van het internet, en af en toe eens een realistisch boek.

'Dus' vertelde ik hem een tijdje geleden dat ik een boek van de Estse grote schrijver Jaan Kross had gekocht omdat het me in het licht van de oorlog nu interessant leek  - ik ben er helaas nog niet aan toe gekomen -  en zo probeerde ik bij hem ook interesse te wekken voor onderstaande column van Mathieu Segers  - we zien deze hoogleraar en kenner van Europa en de Europese geschiedenis tegenwoordig nogal eens optreden in programma's als Buitenhof en Nieuwsuur als het gaat om wat landen beweegt in de lopende oorlog en alles wat er in de verte mee te maken heeft. Maar bij van Gent ging geen belletje rinkelen, dus was de column  - toch beknopt en gemakkelijk te volgen, én gaande over Estland nu en toen -  niet echt aan hem besteed...het was ook bijna bedtijd, wellicht speel de dat ook een rol...

Daarom dan maar delen op deze wijze... Reageren zoals altijd; Graag!

Ben benieuwd...

AD 


Column Buitenland

Eland

De totaal verschillende schrijvers Curzio Malaparte (1898-1957) en Jaan Kross (1920-2007) waren superieure romanciers, maar ook meesters in het schetsen van de eigenaardigheden van de Europese natiestaten en hun bevolkingen. Bovendien vertellen ze beiden elke keer weer dat ene verhaal. Het verhaal van de opwinding en de wreedheid die de Europese geschiedenissen kleurt met valse glorie. Malaparte en Kross behoren tot de dun gezaaide chroniqueurs van het diepere Europa, het Europa dat de tijdgeest stuwt. In de razende geschiedenis van vandaag zijn hun inzichten waardevol.

Eerst Malaparte. In het blootleggen van de waarheden achter de officiële waarheid is Malaparte meedogenloos. Dat is bijzonder, want voor die Europese waarheden geldt meestal dat zij verstopt blijven, of verpakt worden in tegenspraak, zwijgen en hypocrisie, of in de zachte troost van de melancholie en het vergeten. Bij Malaparte gaat het anders. Bij hem is dit Europese comfort van l’éducation sentimentale slechts aanwezig in de antichambre van de geschiedenis. Wie de echte geschiedenis binnengaat, treft iets heel anders. Zo was het in Europa. Zo is het in Europa, waar alleen de poëzie bestand is tegen de werkelijkheid.

Als oorlogsverslaggever van de Italiaanse krant Corriere della Sera en diplomaat trok Malaparte vrijwel het hele Europese oorlogstoneel over, en dat in de duisterste dagen van de Tweede Wereldoorlog. Meestal bewoog hij zich direct langs de frontlijn. Zijn boek Kaputt, waaraan hij in 1941 begon in Oekraïne, bevat het onthutsende en macabere verslag van die odyssee, die begint in Italië en Joegoslavië, tot diep in Roemenië en Oekraïne leidt en hem verder voert, tot aan de meren en zeeën van Lapland, Karelië en de Botnische Golf.

Daar, in de ijle Europese geschiedenis van Scandinavië en het Balticum, beleeft de Malaparte van Kaputt een magisch moment. Als hij een keer laat op de avond door Helsinki wandelt ontwaart hij een curieus tafereel. Op de trappen van het stadhuis ligt een groot dier met een imposant gewei. Het is een eland, niet dood, wel ernstig gewond, verdwaald misschien, komend uit Estland.

Het ideaal van de Europese eenheid is nog niet dood

Het corps diplomatique, dat het digestief van de avond verwerkt in de ijskoude buitenlucht, komt langzaam samen rond de eland. Sensatie en zorgen over het majestueuze dier brengen hen bijeen, van vertegenwoordigers van nazi-Duitsland, Zweden en Spanje tot de president van de Finse republiek; meisjes en soldaten zijn er ook. En zo wordt die samenkomst een moment van gedeelde zorgen, kleine genoegens en voorzichtige gebaren. Uiteindelijk belandt de eland in een ambulance. Het ideaal van de Europese eenheid is nog niet dood.

Wat dat ideaal vermag, beseft men nu in diezelfde regio. Europese landen als Finland en Zweden winnen hun onafhankelijkheid niet op eigen kracht. Nee, ze krijgen deze, van de geschiedenis, wanneer die zich zo plooit dat afspraken deze landen de onafhankelijkheid gunnen. Voor Finland en Zweden worden dit nu de afspraken van de Navo, bereikbaar dankzij hun ongeschonden grondgebied, maar ook via de afspraken die zij al hebben in de Europese integratie. Wel of niet deel zijn van die afspraken bepaalt ook de geschiedenis voor landen als Nederland, Albanië, Duitsland en Oekraïne.

Niemand heeft deze realiteit van duwen en trekken rond internationale afspraken, maar ook de verbinding daarvan met het persoonlijke leven van Europeanen, mooier beschreven dan de Estse schrijver Jaan Kross in zijn magistrale historische roman Tussen drie plagen, een kroniek van het zestiende-eeuwse Lijfland – zoals Estland toen heette – een speelbal tussen Rusland, Zweden, Polen en de Duitse cultuur.

Ook bij Kross is weinig wat het lijkt: ‘Het land dat voorwerp was van al dat geduw en getrek, wist daar al die jaren praktisch niets van af.’ Toch blijkt het deze onwetende ‘achtergrond’, bestaande uit gewone Esten, die de ‘voorgrond’ van de internationale politiek kan beïnvloeden, soms zelfs bijna beslissend. Door afspraken mogelijk of onmogelijk te maken. De conclusie van Kross: ‘Waar iets begint en waar iets eindigt, berust alleen maar op afspraken.’ Finland en Zweden willen een nieuwe afspraak, met de Navo. De drang daartoe komt uit de ‘achtergrond’, die plek waar de Europese waarheid achter de officiële sluimert.

Dat dit nu gebeurt is mooi, maar ook omineus. Het lot van de eland zal bepalend zijn voor wat er volgt. Zijn genezing gloort in de vervolgafspraken over zijn verpleging.